Voor schrijvers, door schrijvers

Volksverhalen

Aantal gepubliceerde inzendingen: 61

De drie Webbetiers

Er was eens, niet zo lang geleden, een land waar de mensen leden aan een vreselijke virale ziekte, zonder dat zelf in de gaten te hebben. De koning van het land had samen met zijn concubine de heks Covida een webvirus gemaakt waarmee hij alle mensen mee in zijn macht kreeg. Hij kon zo bepalen wie er kinderen kreeg en wie er wanneer  doodging. Dat laatste legde hem geen windeieren want hij was de baas van alles, dus ook van de pensioenen. Hij zorgde ervoor dat Covida iedereen net voor het pensioen dood toverde. De mensen kregen bovendien een gezond dieet op maat en bij ziekte precies het juiste pilletje of zalfje. Daardoor hoefde de koning maar weinig zieken- en verzorgingshuizen te bouwen en je had geen wachtlijsten in de zorg. Daar waren de buurlanden stik jaloers op. Alles wat de mensen kochten was gemaakt in fabrieken van de koning. Die werd daar schathemeltjerijk van. Met dat geld bouwde hij prachtige paleizen en kocht hij ook tien zeewaardige jachten en vijf privévliegtuigen. Omdat er veel meer geld binnen kwam dan dat hij kon uitgeven, liet hij de muren van zijn paleizen behangen met bankbiljetten, alle badkamers en toiletten bekleden met gouden munten en baadde hij in een zwembad vol dure bubbeltjeswijn.

Niemand reisde want de koning deed iedereen een virtualrealitybril cadeau waarmee je thuis elke omgeving kon beleven. Vliegtuigherrie kwam dus niet voor, geen trein kon nog vertragen of uitvallen en er lawaaiden geen bussen of trams door de straten, terwijl CO2 uitstotende files volledig waren opgelost. Logisch dat je af en toe webgekluisterde mensen het woord ‘paradijs’ in de mond hoorde nemen! De koning was hun held! Hij deed immers niets dan goed? Dat hij er bizar rijk van werd, och…

Waren er dan helemaal geen problemen in het land? Nee, of, nou ja, af en toe was er storing in het paradijs. De koning noemde dat ‘buitenwebbelijke perturbaties’. Niemand begreep die woorden maar iedereen wist dat het stront aan de knikker betekende. Dan, namelijk, deden de vr-brillen het niet, smartphones en -watches vielen stil, computer- en televisieschermen gingen op zwart en was er even paniek. De koning had gelukkig een legertje zogenaamde Webbetiers in dienst die erin getraind waren alles snel te repareren.

Drie toegewijde Webbetiers waren Jim, Wim en Pim. Waar je de één zag, zag je ook de andere twee, dus noemden de mensen hen de drie Webbetiers. Die Webbetiers waren zó goed dat zij storingen tot een minimum beperkten. Daardoor hadden zij veel vrije tijd en Jim, Wim en Pim brachten die graag samen buitenwebbelijk door. 

‘Saai eigenlijk hè!’, zei Jim op een goede dag.

‘Saai? Wat bedoel je precies?’, vroegen de anderen.

‘Nou’, zei Jim, ‘Ik wil échte, lekker zinloze, dingen doen. Paarden achter wagens spannen, spijkers op laag water zoeken, olie op het vuur gooien of lekker vissen achter het net! Wij zitten maar met een vr-bril op of turen naar een saai beeldscherm. Wat is daar nou de lol van?’

Daar hadden de anderen even geen antwoord op maar al snel kwamen zij tot eenzelfde slotsom. Ze vroegen zich af hoe het leven zou zijn zonder vr-bril en beeldschermen. Als mensen weer lekker tegendraads deden waar zij zin in hadden. En de Koning en Covida? Waarom hadden zij alle macht en rijkdom? Stiekem verzonnen zij ideeën om het land te verlossen van het webvirus en de koning en Covida te verjagen. 

De koning, die blind vertrouwde op zijn webvirus en Webbetiers, kreeg geen argwaan. Ook niet toen Jim, Wim en Pim besloten af en toe zelf, onopvallend, buitenwebbelijke perturbaties te veroorzaken. Dan probeerden zij anderen de voordelen te laten zien van buitenwebbelijk zélf denken en doen. Steeds meer mensen vonden dat aantrekkelijk totdat er in alle lagen van de bevolking, ook in de gelederen van de Webbetiers, buitenwebbelijke doendenkers te vinden waren. Allemaal werkten zij stiekem aan de ‘GOBP’: de Grote Onomkeerbare Buitenwebbelijke Perturbatie!

Op een dag was het zover! Het was Wim die met een theatraal gebaar de stekker uit het systeem trok. De Koning en Covida lagen ondertussen in zijn zwembad vol onbetaalbare bubbeltjeswijn aan boord van één van de jachten. Zij waren compleet verrast toen Jim, Wim en Pim, nadat zij een ander jacht van hadden gekaapt, hun schip enterden, hen bij de kladden grepen, in de boeien sloegen, een vr-bril op hun hoofd zetten en hen op een luchtbed naar het midden van het zwembad duwden. Hun straf was zó zwaar dat toen de leden van het College voor de Rechten van de Mens ervan hoorden zij zich allemaal tegelijk verslikten in hun latte macchiato. Zij werden namelijk veroordeeld tot het levenslang virtueel kijken naar Frans Bauer die ‘Heb je even voor mij’ zingt. Het dankbare, van het webvirus verloste, volk haalde de drie Webbetiers in als helden en gaf hen opdracht een parlementaire democratie in te voeren compleet met trias politica toeters en bellen. Toen ze de betekenis daarvan in het woordenboek hadden opgezocht gingen zij direct aan de slag en na een jaartje was het gepiept, waarna zij webbeloos nog lang en gelukkig leefden!

Dit artikel delen?
Auteur van dit artikel:
© Martin Reekers
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
Hits: 198
Publicatie op .
Tags: Sprookje

Geef een waardering voor: "De drie Webbetiers"

Geschreven door Martin Reekers . Geplaatst in Volksverhalen.
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
11.07.20
Feedback:
Correctie oude waardering
  • Lezenswaardig:
    40%
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig

Jouw feedback hier?

Dat is mogelijk met een waardering en/of jouw commentaar te geven.
Ook kun je reageren op commentaar van anderen.
 
Periodiek verwijderen we 'oudere' inzendingen o.b.v. geen of lage waarderingen. Door een waardering te geven bepaal jij dus mede de continuïteit in publicatie van een inzending!

Nu te koop...