45 Hits

Publicatie op:
Zwaan Kleeft Aan
Vandaag
‘Goedemorgen dokter, fijn dat u zo snel kon komen.’
‘Dank u, zuster... Sylvia is het toch? Ik dacht dat het fijn zou zijn wanneer ik zelf zou komen schouwen. Ik heb zo meteen wel gewoon spreekuur dus ik heb niet veel tijd. Is het een beetje rustig verlopen vannacht?’
‘Het is heel rustig verlopen. Meneer heeft niets meer gezegd en de angstige gezichtsuitdrukking die hij afgelopen dagen had was op een gegeven moment totaal verdwenen.’ Sylvia gaat dokter Langendonk voor door de lange gang die naar de woonkamer leidt. Het is overduidelijk. Nu de ziel het lichaam heeft verlaten ligt slechts nog het levenloze lichaam in het bed bij het raam. Zijn gelaat is, in vergelijking met voorgaande dagen, licht van kleur en zijn mond staat half open.
‘Het is en blijft een bijzonder fenomeen. Om een vitale, sterke man in zo’n korte tijd te zien veranderen. Aftakelen. Tot slechts een ontzield omhulsel overblijft.’ Sylvia legt haar hand op die van meneer van Kleeff. Deze voelt klam en koud aan. Verstijfd.
‘Het is alleen wel triest dat hij zo alleen het licht heeft uitgedaan, vindt u niet? Ik bedoel, ik heb gedaan wat ik kon maar uiteindelijk ben ik een, min of meer, onbekende voor hem. Uiteindelijk kan ik niet meer dan zijn hand vasthouden. Het is triest, buitengewoon triest.’
‘Ik ben blij dat hij rust heeft gevonden.’ Dokter Langendonk kijkt zijn collega enigszins zorgelijk aan. ‘Zeker als je bedenkt hoe hij er drie dagen geleden bij lag, verward en in paniek. Het is toch nog snel gegaan. Gelukkig maar.’
 
Zes weken eerder
‘Syl, ik heb een interessante opdracht voor je.’ Gonda, de coördinator van het bemiddelingsbureau kent me inmiddels en weet dat ze me altijd mag bellen voor een interessante zorg thuis.
‘Het gaat om meneer van Kleeff; een zeer welvarende, eigengereide man van eind zeventig. Bij toeval werd kortgeleden een knobbeltje in zijn hals ontdekt. Binnen enkele weken werd duidelijk dat hij uitgezaaide leverkanker heeft en is inmiddels terminaal. Hij heeft een levensverwachting van hooguit een paar weken.’ Gonda krijgt opeens een ondeugende ondertoon in haar stem. ‘Nu blijkt dat hij nog maar kort te leven heeft, komen er allemaal figuurlijke lijken uit de kast. Het blijkt dat meneer er op los heeft geleefd. Hij heeft opgebiecht zijn vrouw meermalen, gedurende een langere periode, te hebben bedrogen. Zijn vrouw, kinderen en alle naaste familieleden hebben sindsdien afstand van hem genomen. Alleen van meneer bedoel ik dan hè, want nu zijn einde nadert probeert iedereen in zijn familie de erfenis op te eisen. Het is aan jou en je team om uit te vinden of meneer in de war is geraakt waardoor hij vreemde uitspraken doet en verkeerde beslissingen maakt, of dat dit een voorbedacht plan van hem is geweest. Het is natuurlijk bijzonder pijnlijk om op het sterfbed van je echtgenoot te moeten vernemen dat hij al die tijd een dubbelleven heeft geleid.’
Ik merk dat Gonda is geraakt door de levensechte soapserie en dikt het drama nog wat verder aan; ‘Meneer heeft namelijk vorige week alle erfgenamen waar zijn nalatenschap naartoe zou gaan volledig ontkracht. Hoor je me, Syl; hij heeft iedereen onterft! Sindsdien duikelen de overgebleven potentiele erfgenamen over elkaar heen om iets voor ‘oom Kleeffie’ te kunnen betekenen. Het is onbekend of en wie er nu in zijn testament staat. Dus, wie weet zit er wel een extra vakantie voor je in, Syl.’
Gonda weet dat ik best wel kan lachen om een schuine opmerking of grap maar deze vind ik eigenlijk net iets té. ‘Hey Gon, zo kan ie wel weer’ zeg ik en laat me verder informeren hoe laat ik door meneer word verwacht. Dit kan een mooie boel gaan worden.
 
Meerdere vierentwintiguurdiensten later
‘Sylvia, mag ik je iets vragen?’ Meneer van Kleeff kijkt mij indringend aan. ‘Ik bekende je eerder al dat ik niet altijd even eerlijk en trouw ben geweest tijdens mijn huwelijk. Dat is natuurlijk niet iets om trots op te zijn. Maar, om eerlijk te zijn voel ik mijzelf er helemaal niet zo schuldig over. Vind je dat raar?’ Bij het uitspreken van zijn woorden zie ik, heel eventjes, een fonkeling in de ogen van meneer van Kleeff verschijnen. Een vurige fonkeling zoals je die ook bij kinderen ziet die iets gaan doen dat niet mag. Een veelzeggende fonkeling die mij, hooguit een paar seconden, meeneemt naar het gevoel dat hoort bij het leven van een dubbelleven.
‘Tja, of ik dat raar vind? Dat vind ik eigenlijk best een goede vraag.’ Ik zet mijn stoel iets dichterbij het bed en leun iets voorover, zodat ik met zachte toon kan reageren op deze, overduidelijke, veelomvattende levensvraag.
‘Er vanuit gaande dat wij een bepaald moreel nastreven in het leven waarbij monogamie ons met de paplepel is ingegeven, is het bijzonder. Ja. Met een wat meer realistische kijk op het leven, met enige levenservaring omkleed, snap ik het best. Wie houdt er nu niet van spanning en aandacht, zo op z’n tijd?’
‘Sylvia,’ meneer van Kleeff spreekt haar naam overdreven duidelijk uit waardoor zijn serieuze ondertoon kracht wordt bijgezet. ‘Dit is de reden dat ik je in vertrouwen heb genomen. Ik wist het; jij hebt, als énige vrouw ooit, geen oordeel gehad na mijn ontboezemingen. Neem dit cadeau alsjeblieft van mij aan. Het is een massief gouden beeldje van Elvis Presley. Het heeft de afgelopen jaren in mijn kluis gelegen, wachtend op iemand zoals jij. Het is enkele tonnen waard. Doe er iets leuks mee, lieve Sylvia. Dat verdien je.’
Zonder enige aarzeling vervolgt meneer van Kleeff zijn monoloog: ‘Ik weet heus wel dat er een gevecht gaande is onder mijn, zogenaamde, familieleden. Iedereen wil een deel van de erfenis, straks als ik er niet meer ben. Maar weet je? Het zijn, stuk voor stuk, hebberige slangen. Vooral mijn echtgenote. Ik kwam er al vroeg in ons huwelijk achter dat zij meerdere vriendjes had. Het begon met een zakenpartner van mij uit Amsterdam. Daarna volgde al snel de boekenverkoper uit in Meppel, haar zogenaamd “vrouwelijke” masseuse en een tweeling in Eindhoven. Allemaal tegelijkertijd, Sylvia! En iedere paar jaar wisselde ze de hele bups om naar een vijftal nieuwe paradepaardjes. Ik walgde ervan. Totdat ik de stoute schoenen aan heb getrokken en zelf ook een avontuurtje buiten de deur aanging. Fantastisch vond ik het! Het werd een sport om mij tijdens feestjes te omringen met zoveel mogelijk vrouwen, inclusief mijn echtgenote, en er vervolgens voor te zorgen dat géén van allen van het bestaan van de ander afwist. Om het vrouwen écht naar hun zin te maken heb je geld nodig, veel geld. Vandaar dat ik een paar jaar geleden besloten heb om mijn totale nalatenschap te verdelen over de grootste vrouwenverslinders van Nederland; onder andere Jeroen Pauw, Bram Moszkowicz, Johnny de Mol, Tygo Gernandt en Hennie Vrienten. Ze krijgen van mij een toelage waarmee ze zelfs Paris Hilton aan hun zijde zouden kunnen houden. Ik help onze Hollandse Casanova’s graag een handje bij het maken van een statement; monogamie is voorbestemd aan trouwe honden; niet aan (voorheen) jonge goden. En de rest van mijn vermogen gaat naar Stichting “Liefdesverdriet”. Een financiële vergoeding na het ontdekken van ontrouw zal snel een einde brengen aan het “Luduvudu” van de dames in kwestie, denk je niet?’

Een review kan waardevol zijn voor de auteur maar heeft verder geen invloed op de waardering door de jury.

Feedback voor schrijfactiviteiten

Review voor: "Zwaan Kleeft Aan"

11.06.21
Feedback:
Door de titel dacht ik dat het een sprookje zou zijn.
  • Schrijfkwaliteit
    3.0/5
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
  • Louisa van den Heerik 11.06.21
    Het leven is geen sprookje... helaas. Maar is het daarom slechts 3 sterren waard? Ik ervaar het (leven) anders