81 Hits

Publicatie op:
Splinters in het water

De golven deinden op en neer, het bootje dragend als een goede vriend. Zodra zijn bootje op de top van een golf zat zag de jongen het eiland en de vuurtoren. De zee bracht de jongen er naartoe, alsof de zee dat altijd zo had gewild. Ooit zou een oude man hier wegkwijnen, maar dat kon de jongen nu nog niet weten.

Het eiland was een rots waar de golven een natuurlijke trap in hadden uitgehouwen. Bovenop lag een stuk gras erbij als verdwaalde haren op een kale schedel.
De vuurtoren brandde uit zichzelf. Het had geen deur, geen ingang en geen wachter om de vuurtoren te bedienen. Een kist, met kettingen omwikkeld om de toren, wachtte op de jongen. Er zat geen eten in en ook geen grote schat.
In de kast zaten zaadjes, een schep en wat klein gereedschap.
De jongen voelde het; dit was zíjn rots met zíjn vuurtoren.

In de jaren die volgden zag de jongen de wereld, en de wereld zag hem als een man. De golven brachten hem een tweede keer naar het eiland. De zee was kalm en de man stelde zich voor dat een rode loper naar het eiland werd uitgerold speciaal voor hem.

De handen van de man waren gegroeid zoals de bladeren op de bomen die hij er al die jaren terug had geplant. Versnipperd over het eiland meende de man zijn leven terug te zien in gebarsten rotsen, over elkaar krioelende wortels en bladeren die naar beneden dwarrelden als hij er langs liep. Het licht van de vuurtoren brandde feller dan het voorheen had gedaan. De man was gelukkig en vertrok.

De laatste keer dat de man op het eiland kwam kolkten de golven. Wit schuim sloeg tegen reling van een bootje die de beste jaren lang achter zich had liggen. De man was gaan varen naar een bestemming die hij zelf niet meer wist. De romp sloeg kapot tegen de rotsen. De zee die hem ooit had verwelkomd als vriend spuwde hem uit als een oud bot waar alle smaak van is onttrokken.

Toen hij door de natte, grijze slierten die zijn haren waren keek, meende de oude man de plek te herkennen. Er stond een vuurtoren met barsten in het beton. Soms meende hij een zweem van licht te ontdekken die hem deed denken aan iets wat hij zich niet kon herinneren. Strompelend bewoog de oude man zich voort door het dorre gras. De rotsen zagen er gevaarlijk scherp uit en de oude man struikelde over een verraderlijke wortel. Met een schaafwond op zijn hoofd kroop hij op bebloede knieën naar een dode boom. Onder de takken zakte de oude man neer en keek omhoog.
Tranen daalden neer op zijn verwrongen gezicht, een jammerlijke kreet werd door de zee overstemd. Hij bedacht zich dat dit ooit een mooie plek moest zijn geweest, dat iemand zich hier vast thuis had gevoeld.
Maar die iemand was niet de oude man, niet nu en nooit meer.

Het water steeg en de zee nam de splinters van zijn bootje mee alsof het tol was die nog betaald moest worden. Het laatste licht van de vuurtoren zou nooit meer voorbij de grenzen van het eiland reiken.


Een review kan waardevol zijn voor de auteur maar heeft verder geen invloed op de waardering door de jury.

Feedback voor schrijfactiviteiten

Review voor: "Splinters in het water"

27.05.21
Feedback:
mooi verhaal
  • Schrijfkwaliteit
    4.0/5
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig