149 Hits

Publicatie op:

De Poort van Woensdrecht

© Charles van Wettum op .

‘Het is dus definitief.’

‘Was niet te vermijden. Meer dan twee meter in nog geen twee jaar, daar kan niets tegenop.’

‘En dan nog zo’n storm in de laatste zomerweek … ‘

‘Zomerstormen horen erbij. Dat wordt nog erger, man, wen er maar aan.’

‘De laatste zomerdag van Zeeland.’

‘Tja …’

 

Het is druk op de nieuwe dijk die langs de Brabantse Wal loopt. De wind is afgenomen, de laatste dikke druppels van de stortregen vallen in grote plassen die overal zijn ontstaan, het dichte wolkendek begint te verwaaien waardoor de lucht iets blauw begint te vertonen. De ondergaande zon straalt aan de horizon onder het wolkendek door – de beloofde opklaringen vanuit het zuidwesten. De lucht aan de horizon is dieprood met feloranje vegen.

Op het tien meter hoge dijkhoofd staan ter hoogte van de Poort van Woensdrecht mensen in kleine groepjes. Ze wachten op het officiële moment.

 

‘Ik had zo gehoopt dat het zou lukken om bij Borssele nog een stukje Zeeland te redden.’

‘De grond was al verzadigd voordat ze in Apeldoorn eindelijk besloten dat er een muur zou kunnen komen. De fundering kon niet meer gelegd worden.’

‘Ja, dat weet ik ook wel. Maar ik had het zo gehoopt.’

 

‘Kijk, er rijden wagens over de A58. Ze komen hierheen.’

‘Dat zijn trucks van defensie. Er zijn geen vluchtelingen meer om te vervoeren, denk ik. Nou, misschien kunnen ze nog plunderaars aanhouden. Stelletje aasgieren.’

‘Plunderaars? Ach, man. Wat mensen achterlaten is van niemand meer. Als iemand dat op komt halen is dat gewoon hergebruik. Recycling. Alleen maar gunstig.’

‘Er ligt al een maand zoveel slib dat niemand over de wegen kan rijden. Je kunt geen weg meer onderscheiden.’

‘Gisteren kwam er anders nog een groot konvooi deze kant op.’

‘Ja, met vierwielaandrijving en terreinbanden. Zo kan ik het ook.’

‘Ik heb gehoord dat ze mensen vervoerden uit de duinen bij Oostkappel. Die wilden daar blijven. Ze zijn gedwongen, op internet stond dat ze geboeid moesten worden.’

‘De sukkels. Overal water om je heen, dat kan toch niet? Wij hadden al snel door dat niemand zich om Zeeland zou bekommeren. Je moet voor jezelf zorgen.’

De trucks beginnen aan de bocht die de A58 maakt ten zuiden van Bergen op Zoom. Voor toeristen op weg naar Zeeland was dit het markeringspunt: na het ronden opende zich het weidse vergezicht, het symbolische begin van de vakantie. Nu rijden halverwege de bocht de trucks door de openstaande Poort van Woensdrecht het veilige Brabant binnen.

 

‘De koepel in Goes was wel op tijd klaar. Mijn broer zit daar met zijn gezin.’

‘Oh, ja?’

‘Ze hebben nog een paar weken in het grote tentenkamp gewoond op het bouwterrein. Toen de koepel ver genoeg klaar was, konden ze naar binnen.’

‘Hoe is het daarbinnen?’

‘Wel goed, denk ik. In ieder geval droog. En warm. Ze hebben een eigen huisje op de derde verdieping. Lekker laag, natuurlijk, we blijven wel arbeiders. Hij werkt bij een nieuwe algenboerderij in de Oosterschelde. Zijn vrouw zit aan de kassa in een supermarkt, die hebben ze op elke verdieping.’

‘Ik heb gehoord dat er tekort is aan eten en drinken.’

‘Nee, niet meer. Ze hebben een eigen ontziltingsinstallatie. En rantsoenen natuurlijk, die troep. Er kwamen geen leveranciers meer naar Noord-Beveland, dus ze hadden geen keus. Ze zijn met de laatste officiële evacuatiebus naar Goes gegaan. Hun buren zijn over de Veerse Dam vertrokken.’

‘Die kwamen dan op Walcheren goed in de ellende terecht. Alles liep daar vast in de modder.’

‘Ja, ze hebben niets meer van ze gehoord. Misschien dat ze het niet gered hebben.’

‘Afschuwelijk.’

‘Nou ja, misschien wonen ze ook wel ergens anders. Ik weet het niet.’

 

‘Mijn ouders zijn daar nog ergens.’

‘Hoe kan dat nou?’

‘Ze zijn met hun autootje vorige week vertrokken uit Biggenkerke. Ze belden me toen ze op weg gingen. Ik zei nog ‘niet doen, pa, blijf nou gewoon thuis wachten tot je wordt opgehaald’. Maar mijn vader is eigenwijs.’

‘Ach. En toen?’

‘Niemand weet het. Misschien ergens van de weg gegleden. Of overvallen.’

‘Poeh.’

‘Maar misschien zijn ze toch ergens aangekomen maar niet goed geregistreerd. Daar hoop ik nog op. Dat kan toch?’

‘Ja, dat kan natuurlijk.’

 

In het noorden steekt de ruim dertig verdiepingen hoge koepel van Bergen op Zoom boven het landschap uit. Met zijn drie kilometer diameter met massief betonnen wanden is het een complete stad binnen ondoordringbare muren. De betonprinters zijn nog bezig met de laatste klusjes, de bouwlampen zetten delen van de koepel in fel licht.

‘Imposant, he?’

‘Wij wonen daar. Vorige week aangekomen uit Smerdiek. We kregen een huisje op de vijftiende verdieping toegewezen. Véél te klein. We hadden om drie slaapkamers gevraagd. Angel en Kailee kunnen nu eenmaal niet op één slaapkamer. We hebben overplaatsing gevraagd maar ze wilden niet eens naar ons luisteren. Stelletje malloten.’

‘Ze zeggen dat de koepel in Goes nog veel hoger is. Twintig verdiepingen, of zo. Voor meer dan honderdduizend mensen.’

‘Ze zeggen zoveel. Je gelooft toch al die kletspraat niet? Dat kan helemaal niet.’

‘Mijn nicht woont er met haar moeder. Zij kan het weten, toch?’

‘Kijk, daar loopt de spoordijk van de trein naar Vlissingen. Daar, achter die bomenrij. En daarboven de navigatielichten van de nieuwe transportbuis van Bergen naar Goes. Weet jij of ze die al gebruiken?’

 

Bij vloed klotst het water ten zuiden van Bergen op Zoom tegen de voet van de Waldijk. De weilanden vanaf Woensdrecht naar het westen staan dan bijna volledig onder water. Bomen sterven in de verzilte grond, hun kale stammen zullen nog heel lang in het nieuwe slikkengebied overeind blijven staan.

‘Zijn jullie van plan in West-Brabant te blijven?’

‘Weet ik nog niet. Het wordt wel druk hier, al die Zeeuwen en dan ook nog vluchtelingen uit Antwerpen.’

‘Ja, dat snap ik ook niet. Die Belgen kunnen toch naar Luik of zo. België is groot genoeg.’

‘Ik zou wel naar écht hoog land willen. Ik bedoel, als de stijging nog tien jaar zo doorgaat dan moeten we straks nóg een keer verhuizen. Dan liever in één keer goed. Zuid-Duitsland lijkt me wel wat, of Zwitserland.’

‘Buren van ons uit Zoutelande gingen een paar maanden geleden weg. Met een bestelbus. Ze lieten hun huis met alles achter. Die zitten nu in de buurt van München.’

‘Ik zag op socials dat de Duitsers aan de grens iedereen tegenhouden.’

‘Belachelijk. Bijna heel Duitsland ligt hoog en ze hebben ruimte zat. Wij hebben ze al die jaren elke zomer gastvrij ontvangen en dan hebben wij hen een keertje nodig en dan weigeren ze ons.’

‘Het blijven Duitsers.’

 

De luidsprekers op de dijk beginnen luid te kraken. Een oorverdovend hoge piep zingt kort rond. Dan begint de intro van het Zeeuwse volkslied. De Poort van Woensdrecht sluit zich langzaam. Voor de laatste keer. Hier en daar zingen mensen op de dijk mee.

Geen dierber' plek voor ons op aard, geen oord ter wereld meer ons waard,

Dan, waar beschermd door dijk en duin ons toelacht veld en bosch en tuin;

Waar steeds d‘aloude eendracht woont en welvaart 's landsmans werk bekroont,

Waar klinkt des leeuwen forsche stem: ik worstel moedig en ontzwem!'

Over een paar maanden zal het water bij vloed een halve meter hoog tegen de poort klotsen. Dat zal het einde nog niet zijn.

Op het dijkhoofd worden op deze laatste zomerdag van Zeeland armen om schouders geslagen. Er wordt getreurd. Om verdwenen familie. Verloren vrienden. Verdronken land. Verlaten huizen. Het vergane verleden.

Een review kan waardevol zijn voor de auteur maar heeft verder geen invloed op de waardering door de jury.

Feedback voor schrijfactiviteiten

Reacties: "De Poort van Woensdrecht"

31.05.22
Graag je feedback over de schrijfkwaliteit en schrijfstijl a.u.b.
Een verhaal waarbij de aandacht niet mag verslappen, want makkelijk leesbaar vind ik het niet. Jammer dat de bevolking van Duitsland weer negatief wordt beschreven.
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
25.05.22
Graag je feedback over de schrijfkwaliteit en schrijfstijl a.u.b.
Hoelang nog voor dit werkelijkheid wordt?
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
24.05.22
Graag je feedback over de schrijfkwaliteit en schrijfstijl a.u.b.
Mooi
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig