Voor schrijvers, door schrijvers
  • Schrijfwedstrijd ‘De rode koffer’

    Schrijverspunt organiseert weer een spannende schrijfwedstrijd! Dit keer is het thema: ‘De rode koffer’

    Het genre is vrij, zolang er ergens in het verhaal maar op de een of andere manier een rode koffer in voorkomt. Hoe? Dat is aan jou! Laat je van de beste schrijfkant zien en schrijf een origineel verhaal. Zowel schrijfvaardigheid als originaliteit wordt gewaardeerd. Vanzelfsprekend heeft je verhaal geen schrijffouten… (Tip: Kijk ook eens naar de artikelen over schrijven op de website van Schrijverspunt!)

    De afgelopen keren was het niveau van de inzendingen hoog, dus doe je best!

    De jury bestaat uit:

    • Wouter Grootenboer (Redactie Schrijverspunt)
    • Edith Eggenkamp ©Inspiratiewater (Voormalig panellid)
  • Voorwaarden

    • Deelname is mogelijk van 15 mei t/m 31 juli 2020.
    • Verhalen dienen online geplaatst te worden op de website van Schrijverspunt. Je moet hiervoor eerst inloggen en een gratis account aanmaken.
    • De maximale lengte is 1250 woorden.
    • Je inzending mag nog niet eerder zijn gepubliceerd, zowel op internet of in gedrukte / elektronische media.
    • Het is niet mogelijk verhalen nog te wijzigen na inzending, corrigeren van fouten doe je dus het beste voordat je het inzendt!
    • Het gebruiken van een pseudoniem is toegestaan.
    • Het thema ‘De rode koffer’ moet in het verhaal worden gebruikt.
    • Je mag slechts eenmaal deelnemen.
    • Door deelname aan de wedstrijd verleen je Schrijverspunt toestemming om je verhaal in de nog uit te geven bundel te publiceren.
    • Je verhaal is geschreven in de Nederlandse taal.
  • Wat kun je winnen?

    Bij voldoende kwalitatieve inzendingen zal Schrijverspunt een bundel uitgeven van de beste verhalen.

    Schrijverspunt stelt een boekenpakket samen voor de winnaar. Daarnaast ontvangt de winnaar een gratis exemplaar van de uit te geven bundel.

    De bundel kan tot de verschijningsdatum met 10% korting worden aangeschaft via de webwinkel van Schrijverspunt. Na de verschijningsdatum wordt de bundel zowel bij Schrijverspunt als bij de boekhandel zonder korting verkocht.

Meedoen is niet meer mogelijk

Voor deze schrijfwedstrijd kunnen geen verhalen meer worden ingestuurd. Inzenden was mogelijk van 15 mei t/m 31 juli.

Schrijverspunt organiseerde een Schrijfwedstrijd met als thema: “De rode koffer”.

We hebben 215 inzendingen ontvangen. De deelnemers bedanken we voor alle mooie en meeslepende verhalen!


Klik hier om de uitslag van de verhalenwedstrijd te bekijken.

Zola

‘Meneer?’

Hij kijkt op als hij haar stem hoort en fronst.

‘Kan ik u helpen?’

‘Dat hoop ik.’ Hij werpt snel een blik op zijn koffer en besluit rechtuit te vragen wat hij wil. ‘Heeft u oude edities van Émile Zola? Ik dacht dat ik een afbeelding van hem in de etalage zag staan, dus ik hoopte dat er ook een boek zou zijn.’

Zijn Frans is roestig, maar de vrouw lijkt hem te begrijpen. ‘Ja.’ Ze wijst naar een deel van de winkel dat is afgesloten met enkele dozen. ‘Daar staat een eerste editie van Au bonheur des dames uit 1883. We kregen het in zeer goede staat binnen, maar helaas heeft een waterlek wat schade aangericht.’

Hij knikt om te laten zien dat hij het snapt. ‘Zou ik het toch mogen zien?’

‘Natuurlijk.’

Ze haalt een zaklamp achter de toonbank vandaan, stapt naar het andere deel toe en zet een aantal dozen opzij. Hij voelt in zijn borstzak. De sleutel zit er nog. Een eerste editie van een van Zola’s bekendste werken aan zijn kleine collectie toevoegen zou geweldig zijn. Hij kan een glimlach niet bedwingen en tikt lichtelijk nerveus met zijn wijsvinger op het handvat van de koffer.

Terwijl hij wacht, kijkt hij om zich heen. Er staat een verzameling bijbels achter hem – prachtige boeken, met hun dikke lederen kaften en gouden sluitingen, maar die interesseren hem niet.

De vrouw is gelukkig al snel terug. Ze heeft een boek met een harde cover bij zich. De rug is blauw, net als een derde van de voor- en achterkant. Het patroon dat op de rest van de cover staat, lijkt nog het meest op afgezaagde boomstammen. De paginaranden zijn goud.

Ze geeft het aan hem en hij slaat het open.

Paris.

G. Charpentier, éditeur

1883

De omslag is hard en het papier voelt ruw. Het is een echte eerste editie. Hij voelt hoe zijn wangen beginnen te gloeien.

‘De originele editie. Het zou kunnen dat de auteur dit boek zelf in handen heeft gehad.’

Zijn borst vult zich met een warm gevoel. Émile Zola heeft dit boek misschien vastgepakt. Dit kan geen toeval meer zijn – het lot heeft hem hierheen gebracht. Hoe groot is de kans dat je in een steegje op vakantie zo’n kostbaar boek vindt? Het is opnieuw een bevestiging van zijn vermoeden. De ziel van Émile Zola heeft hém gekozen om te reïncarneren.

Hij doorbladert het boek voorzichtig en probeert de waterschade te vinden. De vrouw houdt hem nauwlettend in het oog, alsof ze bang is dat hij het vernielt.

Uiteindelijk komt ze naast hem staan en draait het boek om. De laatste twee pagina’s voelen inderdaad wat vochtig aan en het papier is een klein beetje donkerder dan de rest, maar dat is bijna niet zichtbaar. Het valt best mee met die waterschade, besluit hij.

‘Ik heb nog geen nieuwe prijs bepaald. Normaal gezien zou ik voor dit boek minstens drieduizend euro vragen, gezien de staat waarin het is binnengebracht. Maar dat lek…’

Hij kijkt haar afwachtend aan. Zij lijkt zijn blik te interpreteren als twijfeling.

‘Dat lek vermindert de waarde natuurlijk. Ik kan je het boek geven voor driehonderd. Negentig procent korting.’ Ze trekt een grimas, alsof het haar pijn doet om de prijs zo hard te verminderen.

Hij zou er waarschijnlijk een fortuin voor betaald hebben als dat nodig geweest was, maar als hij haar dat vertelt, zet ze misschien opnieuw een nul achter de driehonderd. Hij accepteert de prijs dus onmiddellijk.

Met deze aanwinst erbij heeft hij een eerste druk van vier verschillende boeken van Zola en hij is er zeker van dat zijn collectie nog aangevuld wordt. Met Franse boeken en vertalingen, en liefst ook met zo veel mogelijk brieven. Alle kostbare dingen die overgebleven zijn van Émile moet en zal hij verzamelen.

Hij rekent snel af, pakt zijn koffer stevig vast en stapt met het boek, dat veilig ingepakt is, buiten.

Het is hem nog niet helemaal duidelijk wat zijn missie is. Wat wel duidelijk is, is dat hij móést promoveren in de Franse literatuur. Een doctoraat schrijven over Émile Zola ging te gemakkelijk – toen al had hij moeten weten dat er meer aan de hand was. Het was altijd al zijn lot geweest.

Hij kijkt nog een keer naar zijn rode koffer. Het slot ziet eruit alsof het ieder moment kan breken. Nu is het nog stevig, maar misschien moet hij het binnenkort toch laten maken. De handgreep is twee jaar geleden al hersteld, toen hij er blaren van begon te krijgen. Wie kostbaar bezit wil bijhouden, moet er wat voor overhebben, besluit hij.

Hij zwerft nog wat rond: er kan om elke hoek een nieuwe kans op antieke boeken opduiken. Als hij per ongeluk aan zijn hotel komt, geeft hij het op. Het zakje brandt in zijn hand en hij heeft zin om het boek grondig te bestuderen.

In zijn hotelkamer legt hij de koffer en zijn nieuwe aanwinst voorzichtig op het bed. Hij opent het slot – het kraakt – en haalt Germinal eruit. Hij laat zijn hand voorzichtig over het papier glijden. Het voelt zo breekbaar. Voor de zoveelste keer leest hij de woorden die aan zijn betovergrootvader gericht waren, geschreven door Émile zelf. Ze voelden de eerste keer al zo vertrouwd.

Daarna pakt hij zijn schriftje dat gewijd is aan Zola. Germinal, Thérèse Raquin en Contes à Ninon zijn al aangeduid. Nu mag hij ook Au bonheur des dames aankruisen. Hij voelt opnieuw dat warme gevoel in zijn borst, zijn wangen kleuren en hij gaat er als vanzelf door glimlachen. De verzameling krijgt nu echt vorm.

Hij legt alles voorzichtig weer in de koffer, behalve de meest recente toevoeging. Die wil hij eerste verder bestuderen. Langzaam draait hij elke bladzijde om, bestudeert hij elke vouw en elke letter, tot hij al lang had moeten slapen. Als zijn ogen bijna dichtvallen pas legt hij het boek bij de rest. Hij sluit zijn koffer en zet hem veilig naast zijn bed. Tijd om te slapen.

Morgen gaan we naar Colmar, Émile, denkt hij. Daar zijn minstens twee antieke boekhandels. Ik heb het opgezocht. Denk je dat we iets gaan vinden?

Dit artikel delen?
  • Hits: 62