Terugblik

In deze rubriek geven een selecte groep schrijvers een persoonlijke terugblik over de voorafgaande periode. Daarvoor zijn in principe geen beperkingen dus dat is mogelijk als column, anekdote, analyse, etc. Kortom vrijheid voor de schrijver.

Terugblik

Hernieuwde aandacht

Bijna twee maanden zit ik nu in mijn nieuwe huis en ik heb mijn draai gevonden. Waar ik eerst ’s nachts als ik naar de wc moest nog wel eens slaapdronken aan de verkeerde kant van de kamer naar de deurklink tastte, loop ik nu in één rechte lijn door naar de badkamer. Ik ben gewend aan de geluiden van het huis en heb mijn rituelen als alleenstaande gevonden. Ik geniet ervan. Zelfs het feit dat mijn kinderen om de week bij hun vader zitten en ik dan dus niet of nauwelijks contact met ze heb, doet me minder dan ik dacht. Noem me een slechte moeder, maar als ze een week bij mij hebben gewoond, vind ik het eigenlijk best prettig als ze met hun lange lijven en talent om rommel te maken weer aan de andere kant van het park bij mijn ex neerstrijken.

Het verbaast me soms wel eens hoe weinig er veranderd lijkt. Goed, ik woon ergens anders en niet meer met een partner, maar ik voel me niet wezenlijk anders. Misschien komt het doordat ik zo dicht bij mijn oude huis woon, dat de omgeving buiten mijn huis vrijwel hetzelfde is gebleven. Ik winkel in dezelfde supermarkt, snuffel naar boeken in dezelfde bibliotheek, fiets (op de eerste tweehonderd meter na) dezelfde route naar school. En ik heb nog veel contact met mijn ex. Dat komt grotendeels door de kinderen. Zo skype ik elke woensdag met mijn jongste zoon. En omdat hij dat graag wilde, skypen we gedrieën. Kletsen we een half uur vol, terwijl ik op mijn telefoon mijn ex zie lachen en praten. Alsof ik bij hem op de koffie ben. Op zondagavond komt hij de twee oudsten halen of brengen, weer zo’n koffiemoment. Tel daarbij de appjes en mailtjes op om alles wat het ouderschap aan regeldingen met zich meebrengt met elkaar te bespreken. Ik heb vrijwel dagelijks contact met hem. En hoewel er in het begin nog wat stekeligheid in een opmerking kon zitten, heeft ons appverkeer intussen een verbazingwekkend neutrale ondertoon.  

Eén ding is echter wel veranderd. Er wordt weer met mij geflirt. Alsof ik een T-shirt aanheb waar ‘beschikbaar’ op staat. De eerste keer dat het gebeurde stond ik met twee volle boodschappentassen en een krat bier bij mijn fiets. Achter mij kwam een man aanlopen. ‘Dat gaat nooit lukken,’ zei hij, wijzend op de tassen. Ik lachte naar hem met een klein gevoel van superioriteit, haakte de ene tas over mijn fietsbel, de andere over mijn versnelling en trok het krat bier op de bagagedrager. De man floot tussen zijn tanden. ‘Toe maar, wat een vrouw!’ Hij knipoogde naar me. ‘Ik kom vanavond een biertje bij je drinken. Hoe laat zijn ze koud?’ En hij klepperde op zijn slippers naar zijn auto, een zak met pistoletjes bungelend aan zijn wijsvinger.

En zo gaat het verder. Overal waar ik kom schijnt er iemand om een praatje verlegen, regent het knipoogjes of laat iemand zijn blik nadrukkelijk over me heen glijden voor ik een glimlach ontvang.

Ik kan niet zeggen dat ik opensta voor een nieuwe relatie. Daar is het nog veel te vroeg voor, ik geniet veel te veel van het op mezelf zijn. Ik moet er niet aan denken weer het circus van flirten, daten en veroveren in te gaan. Oke, ik heb vorige maand uit nieuwsgierigheid een snelle blik op Lexa geworpen, maar zodra iemand mij als favoriet toevoegde, heb ik van schrik mijn profiel op non-actief gezet. Brr, mij niet gezien. Toch hield het hele flirtgebeuren mij bezig. In twintig jaar heb ik geen enkele broeierige blik toegeworpen gekregen en nu beland ik ineens een paar keer per week in een al dan niet flirterig getint gesprek met iemand.

Een paar weken geleden liep ik met mijn oudste zoon in de stad. Iemand zei iets tegen me en toen ik antwoordde en verder liep, voelde ik hoe hij me nakeek. Ik verbaasde me erover tegen mijn zoon. Die keek me aan alsof hij als ervaren jongeman een groentje op het liefdespad moest begeleiden. ‘Ik denk niet dat je er veel achter moet zoeken, hoor,’ zei hij. ‘Je staat nu anders in het leven. Waarschijnlijk let je er nu gewoon op, en toen je nog met papa was niet.’ Daarna werd zijn blik donkerder. ‘Zou je dat willen dan?’ vroeg hij met iets van onzekerheid in zijn stem. Ik sloeg mijn arm om hem heen en lachte naar hem. ‘Welnee joh, ik moet er niet aan denken. Ik heb jou toch!’

Dit artikel delen?
Pin It
  • Hits: 335

Graag je mening

Dit artikel is passend (tzt NIET verwijderen) - 1 stemmen
10

Elk kwartaal verwijderen we een aantal artikelen. Je kunt ons helpen door je mening te geven. Zo heb je invloed op de inhoud van Schrijverspunt

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

Login of registreer om een reactie te plaatsen

Nomineer deze schrijver!

Bezoekers van Schrijverspunt kunnen 2 verschillende schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver 2019. Je kunt de schrijver van dit artikel nomineren door op de groene button te klikken.

Dank voor je nominatie!

Elke bezoeker van Schrijverspunt kan schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver. In totaal mag elke bezoeker 2 verschillende schrijvers nomineren over heel 2019. Nomineren is mogelijk tot 31 december 2019.

Omdat we streven naar een eerlijke nominatie voor Talentvolle schrijver 2019 controleren we elke nominatie op geldigheid. Ongeldige nominaties tellen niet mee in de score en verwijderen we.

Om de geldigheid van een nominatie te controleren vragen we je hieronder je e-mailadres in te vullen.  We garanderen dat we dit emailadres niet aan derden verstrekken en slechts gebruiken voor controle. Na afronding van de nominatie verwijderen we  dit e-mailadres.
Ongeldige invoer