Meedoen voor leden is gratis!
Sprookjes schrijfwedstrijd
Meedoen is niet meer mogelijk!

Inzenden van een verhaal is mogelijk van 1 mei t/m 20-07-2018 (24.00 uur).

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Waren het dromen of herinneringen? Steeds weer gleden de gedachten Johans hoofd binnen. Heel de familie zat aan de dis. Zijn vader, zijn moeder en zijn twee zussen. Het avondeten bestond niet alleen uit de gebruikelijke aardappelen en bonen. Een verleidelijke gast was aangeschoven en zorgde een week lang voor tevreden gezichten en gezelligheid. Ieder jaar, aan het einde van de zomer, verzamelde het hele gezin zich rond de appelboom. Gezamenlijk haalden ze iedere vrucht met de grootst mogelijke zorg uit de boom. Zodra alle appels veilig in de keuken lagen ging moeder aan de slag. Terwijl het hele gezin geduldig wachtte bereidde zij hun jaarlijkse feestmaal, appelcompote. Na een jaar lang sobere maaltijden werd er naar dit moment uitgekeken.

Maar vader en moeder waren al jaren geleden gestorven en het gezin was over het hele land uitgesmeerd. Eén getuige van het familiegeluk stond nog fier overeind, de appelboom. Na al die jaren gaf deze nog steeds gul armen vol fruit. Johan woonde in het huis van zijn ouders en oogstte trouw de vruchten. Op zolder had hij na het overlijden van zijn moeder het recept gevonden. Jaar na jaar probeerde hij tevergeefs om zijn moeders erfgoed tot leven te wekken. Jaar na jaar faalde hij. De structuur was perfect, de smaak was goed, maar er ontbrak iets. Iets wat hij niet in het recept terug kon vinden.

Johan vertrouwde op regelmaat en logica. Hij hield al jaren in een agenda bij hoe de appels groeiden. Dit jaar was het een zwart leren exemplaar met een pagina voor iedere dag. De primaire en secundaire kleuren had hij inmiddels gehad. Zwart leek hem een logische volgende keuze. De hele zomer was het al warm en droog. Er was al een maand lang geen druppel regen gevallen. Wanhopig reed Johan naar de waterput om met een kruiwagen water weer terug te keren om de dierbare herinnering aan zijn moeder levend te houden. Zijn vrouw Meinke had al meerdere malen gezegd dat hij ook water voor hen over moest laten, maar de boom leek het enige dat voor Johan belangrijk was. De ene warme dag ging over in de volgende hete dag die weer vervloeide met een nieuwe snikhete dag. Al die tijd bleef Johan op en neer rijden met de kruiwagen en trouw iedere dag de vorderingen noteren in de zwarte agenda. Wie het kleinood zou lezen dacht waarschijnlijk dat er weinig bijzonders gebeurde. Op de meeste pagina’s stond iets van: “Vandaag was het uitzonderlijk droog en warm. Dertig appels geteld”.  Voor Johan was dit echter vitale informatie. Iedere dag was hij omgeven door een kleurenpalet aan agenda’s die op dezelfde dag waren opengeslagen.

Aan het einde van de zomer zat hij ’s avonds buiten met zijn gemalin. Vanuit het westen zagen ze hoe de hitte verdreven werd door een donker massief blok wolken dat vanaf zee het land binnendreef. Johan stond op en hield zijn blik gericht op de onheilspellende massa die zijn kant op kwam.

“Meinke. Vanavond gaan we iets beleven. We zullen moeten waken dat de appels niet beschadigt raken door noodweer.”

Zijn vrouw bleef onverstoord zitten.

“Doe wat je moet doen, als je mij maar laat slapen.”

Die hele nacht regende het, maar noodweer bleef uit. Johan hield alles in de gaten. Tegen de ochtend, toen de zwarte wolken grijs werden, viel hij in slaap. Toen hij wakker werd was de ochtend al op zijn eind. Hij staarde naar buiten en zag hoe de natuur het vele vocht dankbaar had opgenomen. Het was alsof er een kleurig filter over de wereld was gelegd dat alles intenser maakte. Groen werd felgroen en roze werd knalroze. Die dag verscheen er voor het eerst in lange tijd weer een andere tekst in de agenda. “Vannacht heeft het hard geregend. Overdag weer zon. Dertig appels geteld”.

Diezelfde week waren de appels rijp. Samen met zijn vrouw stond hij naast de appelboom. Gezamenlijk haalden ze iedere vrucht met de grootst mogelijke zorg uit de boom. Johan ging gelijk aan de slag. Op het aanrechtblad lag het recept van zijn moeder. Nauwelijks leesbaar van de vlekken en vouwen. Dat belette hem niet om de smeuïge substantie te maken, de woorden zaten in zijn geheugen gegraveerd. Met uiterste zorg en nauwkeurigheid woog hij alles af. Pannen gingen op het vuur en ingrediënten stonden keurig opgesteld als een regiment soldaten op appel. Meinke liep de keuken binnen en aanschouwde het vertrouwde tafereel.

“Johan. Ik heb net met de buren gesproken. Ze organiseren vanavond een buurtfeest om het einde van de droogte te vieren. We worden geacht om eten mee te brengen.”

Verstoord keek Johan haar kant op.

“Als ze maar niet denken dat ik onze appelcompote met ze ga delen!”

“Die keuze is niet meer aan jou Johan. Ik heb al toegezegd dat wij de appelcompote meenemen.”

Meinke draaide zich om en liep de keuken uit. Ze ving nog net een glimp op van het verbouwereerde gelaat van Johan.

Als hij zijn dierbare gerecht met de hele buurt moest delen, dan zou hij er ook voor zorgen dat het in de smaak viel. Tot laat in de middag bleef hij wegen, meten en proeven. Tegen zes uur was hij klaar. De structuur was perfect, de smaak was goed, maar… er ontbrak nog iets. Meinke maande hem tot spoed. Hij haalde de pan van het vuur en droeg deze naar buiten met de voorzichtigheid waarmee je een één week oude zuigeling behandelt. Midden in de straat stond een lange tafel met aan weerszijden lange lage banken. Johan zette de appelcompote op de tafel. Iedereen nam plaats. Er werd een gebed uitgesproken waarin bedankt werd voor de overvloedige regen. Daarna schepten de mensen op. Na een heel seizoen van schaarste werden de borden overvloedig gevuld en overgoten met een flinke schep appelcompote. Na een uitbundige start werd het even stil en klonk alleen het tikken van bestek op borden. Johan liet zijn ogen over de etende buurtbewoners gaan en probeerde een teken van goedkeuring waar te nemen. Een teken dat zijn appelcompote in de smaak viel. Dit nam hem zodanig in beslag dat hij niet merkte dat zijn volle vork al een paar minuten in de lucht zweefde. Meinke stootte hem aan.

“Ga eten.” Fluisterde ze.

Hij stopte de hap in zijn mond. De compote vermengde zich met vers geoogste aardappels en groenten en streelde zijn smaakpapillen. Hij sloot zijn ogen en nam nog een hap. Op de achtergrond kwamen de gesprekken aan tafel tot leven. Hij ving flarden op. Men genoot van de maaltijd. Meinke stootte hem weer aan.

“Dat heb je goed gedaan Johan. De appelcompote is heerlijk.”

Johan keek naar zijn vrouw en zag haar waarderende blik.

“Dankjewel. Het smaakt inderdaad…. Perfect. Het is me gelukt. Perfect, dat is het juiste woord.” 

In stilte at hij zijn bord leeg totdat hij niks meer van de bodem kon schrapen. Daarna spoedde hij zich naar huis. Hij pakte de zwarte agenda en bladerde naar de datum van vandaag. Hij had de sleutel tot succes gevonden. Hij pakte een pen en noteerde het geheime ingrediënt. "Vandaag op het buurtfeest de appelcompote gegeten. Deze was perfect. De sleutel tot succes is droogte. Minder water geven.” Voldaan klapte hij het boekje dicht en ging weer terug naar het buurtfeest.

Dit artikel delen?
Pin It
Een link naar jouw website op Schrijverspunt
sprookjeswedstrijd

Wil je ons ook ontmoeten op de sociale media?

Teksten en afbeeldingen van deze website mogen alleen met schriftelijke toestemming gebruikt worden. © Schrijverspunt 2018