zaterdagavond

KLIK HIER VOOR HET GRATIS TOEVOEGEN VAN EEN VERHAAL!

Alleen voor leden! (lid worden is gratis)
Wil je een meedoen aan onze schrijfwedstrijd en een verhaal inzenden? We publiceren nieuwe verhalen in volgorde van binnenkomst, maar controleren eerst. Je verhaal is dus niet gelijk te zien! 

Een verhaal toevoegen?

Eerst inloggen!


Toelichting bij het toevoegen van een verhaal:
  • Vul bij 'Titel' een titel in
  • Voeg je tekst toe in het tekstblok en bewerk de tekst desgewenst.
  • Meer invullen is niet noodzakelijk. Klik alleen nog op--> Opslaan. We controleren eerst dus het kan enige tijd duren voor publicatie zal plaatsvinden.

Gebruikerswaardering: 0 / 5

Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 
   Rechercheur De Jong keek in de levenloze ogen van het slachtoffer en slikte hoorbaar. Het lichaam lag in een onnatuurlijke houding op de grond. De handen van de dode man omsloten zijn keel alsof hij zichzelf gewurgd had. Zijn verwrongen gelaat leek De Jong krampachtig om hulp te vragen. Ook al was het niet zijn eerste lijk, hij had er toch moeite mee. De ene dode was de andere niet. De man die voor hem lag miste gedeeltes van zijn mond, kin, hals en borstkas.
   ‘Wat denk je dat er gebeurd is?’ vroeg De Jong aan de arts die het lijk onderzocht.
   ‘Het lijkt alsof hij een zuur ingeslikt heeft,’ mompelde deze. ‘De zachte gedeelten zijn weggevreten tot op het bot.’ Met een zilverkleurige pen wees hij de onregelmatige rand van de verwondingen aan. ‘Ik neem hem mee voor onderzoek. Zodra ik meer weet laat ik het je weten.’ De arts knikte naar het personeel dat stond te wachten. Het lijk werd op een brancard gelegd en weggevoerd. De Jong bleef achter. Sporenonderzoek op de plaats delict had niet veel opgeleverd. Zover geen aanwijzingen die naar een motief of dader konden leiden. De oude verlaten fabriekshal werd bijna microscopisch onderzocht maar er was niets gevonden dat gelinkt konden worden aan de moord.
De Jong besloot naar het bureau te gaan om te kijken of er meer duidelijkheid was voortkomende uit het onderzoek op het lichaam.
   ‘Iets interessants gevonden, Mike?’ vroeg hij aan de man die met een scalpel in de weer was.
   ‘Niet echt. De maaginhoud bevat geen enkel zuur anders dan lichaamseigen. Kaviaar, aardappelen, rode biet, haring... Hij heeft een lekker laatste avondmaal gehad, lijkt me.’
De Jong stond over het naakte lichaam van het slachtoffer.
   ‘Zat er iets onder zijn nagels? Bloed, huidschilfers, chemische stoffen?’
   ‘Niets. Geen afweerverwondingen op zijn armen en geen bloed of vreemde huidcellen onder zijn nagels. Het enige dat ik heb gevonden is een stukje papier. Het is zo goed als samengesmolten in de wond.
De Jong staarde naar het stukje papier dat in een schaaltje water dreef. Het was een wit stukje papier met een rood gedeelte van iets dat op een logo leek.
   ‘We kunnen dus uitsluiten dat hij het zuur ingenomen heeft?’ vroeg hij.
   ‘We kunnen een bijtend zuur überhaupt uitsluiten. Ik heb nergens sporen ervan gevonden.’
   ‘Huh? Wat is het dan?’
   ‘Ik heb nog geen idee.’
   ‘Maar hoe dan ook kunnen we zelfmoord uitsluiten,’ zei De Jong. Als hij iets over zichzelf had gegoten zouden we dat gevonden hebben. Het is moord, maar wat is dan sodeju het moordwapen?’
   ‘Denk je dat het stukje papier een aanwijzing is?’ vroeg Mike.
   ‘Wie weet. Het is het enige dat we hebben. Ik neem het mee naar mijn kantoor. Laat je me weten als je iets nog iets vindt?’
Mike knikte en boog zich weer over het lichaam.
Het slachtoffer was Tom Boesten, zo bleek. Een vierendertigjarige vader en echtgenoot. Hij was niet rijk en had geen hooggeplaatste functie waardoor hij vijanden had kunnen maken. Hij had met niemand ruzie. Wel was het vreemd dat Tom in een verlaten fabriekshal was gevonden. Wat deed hij daar?
De reacties die binnenkwamen nadat de moord in de kranten had gestaan waren de geijkte. Mafkezen die beweerden de moord te hebben gepleegd, nieuwsgierigen die sappige details probeerden los te peuteren en een aantal getuigen die aangaven iets gezien of gehoord te hebben maar niet wisten of dit van belang was. De Jong maakte afspraken met de laatste groep. Na een lange dag van luisteren naar wazige en in vele gevallen zichzelf tegensprekende “getuigenissen” sloot hij zijn computer af. De Jong keek naar het zwarte scherm en zuchtte diep. Vermoeid stond hij op. Hij schrok toen hij zich omdraaide en in een ernstig gezicht keek.
   ‘Tering!’ ontviel hem. Hij probeerde zich te herkrijgen. ‘Wat kan ik voor u betekenen?’
De man zei niets en keek hem alleen aan. Het was alsof hij ergens mee worstelde. De Jong was gelijk geïnteresseerd. Deze man wist iets. Hij wees naar de stoel die naast zijn bureau stond. De man ging zitten.
   ‘Ik denk dat ik de moordenaars ontmoet heb,’ zei hij met vlakke stem.
   ‘De moordenaar van Tom Boesten?’ vroeg De Jong. De man knikte. ‘Moordenaars? Meervoud?’. De man knikte weer.
   ‘Wordt dit gesprek vertrouwelijk behandeld?’ vroeg hij.
   ‘Dat kan ik u niet beloven,’ zei De Jong ‘het ligt eraan wat u te vertellen heeft.’
   ‘Ik ben getrouwd en heb een gezin ziet u,’ begon de man beschaamd.
   ‘Begin maar eens bij het begin.’
De man vertelde dat zijn naam Marc Joosten was. Ondanks dat hij “gelukkig” getrouwd hield hij wel van buitenechtelijke avontuurtjes. Hij had een dame via het internet ontmoet. Ze hadden afgesproken in een restaurant en hadden een maaltijd genuttigd. Ze zouden hun date voortzetten in een verlaten fabriek. Marc had dit wel spannend en sexy gevonden. Ze gingen in aparte auto’s en de dame had gevraagd hem een kwartiertje tijd te gunnen. Toen hij aankwam stond de dame in een strakke bloedrode jurk en dito pumps in de grote fabriekshal. Een aantal rode stompkaarsen stonden om haar heen. De vrouw had hem een verleidelijke glimlach toegeworpen. Marc was opgewonden naar haar toegelopen maar de stemming was ineens omgeslagen.
   ‘Dus... jij bedriegt je vrouw? En nog erger... je kinderen?’ had ze ineens gesist. ‘Jij maakt de grootste angsten van jouw gezin waar?’
De verleidster ging verder ‘Misschien moeten wij jouw grootste angsten ook eens laten uitkomen.’
Op dat moment waren meerdere personen uit de donkere spelonken gestapt. Allen gekleed in zwart, hun gezichten bedekt met bivakmutsen. Wapens in hun handen. Marc had geschrokken naar de uitgang gekeken. De stalen fabrieksdeur was echter met een doffe dreun dichtgevallen. De kaarsen, die de enige bron van licht vormden, werden uitgeblazen. Marc was in doodsangst gaan rennen. De zwarte figuren waren hem joelend achternagerend. Hij verdacht hen ervan in het bezit te zijn geweest van nachtkijkers want ze volgden hem moeiteloos terwijl hij overal overheen viel. Uren had de wrede achtervolging geduurd. Het was het meest angstaanjagende wat hem ooit overkomen was en hij had flink slaag gekregen. Hij was met zijn hoofd op de grond gevallen en hoorde een geluid alsof iemand in een Magnum beet. Toen hij bij kwam was hij alleen. Wel had hij een speelkaart in zijn broekzak gevonden. De Hartenvrouw. Op de achterkant stond “Cyberia”.
   ‘Dát kan het stukje papier zijn wat we gevonden hebben, ’mompelde De Jong.
Hij bedankte Marc en beloofde in contact te blijven.
Op zaterdagavond ging De Jong naar Cyberia. Hij liep het restaurant annex cocktailbar met rood luxe behang, dito vloerkleden en prachtige kristallen kroonluchters binnen. Hij ging aan een donkerhouten tafel zitten en nam een menukaart. Blini’s met kaviaar, rode bietensoep, haring.... Dit kwam overeen met het eten dat in Toms maag gevonden was. Toeval?
Hij keek de zaak rond. Achter in de hoek zat een groepje dames te kaarten. De eigenaresse, een wulpse dame in een strakke rode jurk kwam aanlopen met een dienblad cocktails.
   ‘Zaterdagavond, pokeravond!’ riep ze.
   ‘Áls we op zaterdag geen andere spelletjes spelen,’ zei een ander met een duivelse glimlach. De anderen lachten en hielden hun glas omhoog.
De Jong zag dat een cocktail genaamd “666” aangeprezen werd. Wodka, Rose ’s lime, Cointreau, kruidnagel, verse limoen en granaatappelpitjes. Voor een theatraal effect werd deze cocktail geserveerd met droogijs zodat een spookachtige dikke mist van de glazen droop.
 ‘Bingo...,’ fluisterde De Jong ‘Het moordwapen. Droogijs! Gesmolten zonder spoor. En de moordenaars, gebroken Hartenvrouwen...’
Pin It

Plaats reactie

Beveiligingscode
Vernieuwen