Loading...

Schrijfwedstrijd Magie en Tovenaars

De ontmoeting

© Ans de Haan op . Geplaatst in Magie en Tovenaars

Ailig keek naar de man achter de grote tafel voor hem, zijn groene ogen vlamde van woede. ‘Ik hoop dat je begrijpt dat wij jou hier niet langer les kunnen geven?’, vroeg Ragnall.  De honingzoete toon in diens stem maakte Ailig nog bozer,zijn mond verstrakte tot een dunne lijn en hij balde zijn handen tot vuisten. ‘O, dat begrijp ik wel, siste Ailig, wat ik echter niet begrijp, is waarom jij op de plaats van grootmeester Elidor zit’. ‘Mischien kun je hem dat beter zelf vragen’, antwoorde Ragnall met een klein knikje naar iemand achter Ailig. Hij voelde een hand op zijn schouder, ‘het is goed jonge’, sprak Alidor op rustige toon en toen richtte hij zich tot Ragnall, ‘dit is nog niet over, dat beloof ik je’en met deze woorden duwde hij Ailig zacht dwingend de deur uit. Hij toornde de boze jongeling mee naar zijn werkkamer, daar nam hij met een zucht plaats achter zijn bureau. ‘Waarom stopt u hem niet’, schreeuwde Ailig. Elidor keek hem met een bedroefde blik aan, ‘Ragnall heeft ogenschijnlijk de raad weten te overtuigen dat ik niet meer geschikt ben om nog grootmeester te zijn’. ‘Dus ze hebben u afgezet ?’, riep Ailig vol ongeloof.’Daar komt wel het op neer’, beaamde Elidor. ‘Maar dat is nu niet van belang, belangrijker is jou veiligheid en die van elke andere student op deze universiteit die door Ragnall en zijn compane als onwaardig worden beschouwd, de andere kan ik beschermen, maar jou wil ik zo ver mogelijk uit de buurt van Ragnall hebben’.  Elidor staarde even zwijgend voor zich uit’,‘Daarom draag ik jou op om de magnum iter te volbrengen’, ging hij verder. Ailig keek zijn meester verbaasd aan, de magnum iter, oftewel de grote reis, werd alleen ondernomen door de sterkste druïdes en magiërs. ‘Weet u dat zeker meester’, stamelde Ailig. Grootmeester Elidor knikte, ‘het is het beste om te doen en ik weet zeker dat je het kunt, ga nu maar snel je spullen pakken’.  Even later liep Ailig over de hout ophaalbrug, aan het eind draaide hij zich om en keek naar de imposante contouren van de universiteit, de prachtige toren’s en de rood wit geschilderde luiken hielden veel herrineringen, opgroeien hier was niet gemakkelijk geweest, pesterijen om zijn afkomst waren meer een regel dan een uitzondering. Met een woest gebaar veegde hij de opkomende tranen weg en draaide zich om en begon aan zijn grote reis.

Ailig legde zijn hand op het heft van zijn zwaard. Het dichte bladerdak van het duivels woud liet maar weinig licht door. De lucht was zwaar van de geur van rottende bladeren en dennennaalden. Hij keek naar de bomen om hem heen, hun stammen verwrongen tot groteske vormen, de kale van licht verstoken takken leken zich naar hem uit te strekken als benige armen van een skelet, klaar om hem mee te sleuren naar de duistere onderwereld. Er gleed een rilling over zijn rug, iets of iemand hield hem vanuit het duister in de gaten, volgde zijn elke beweging. Plots hoorde Ailig een geluid, hij spitste zijn oren, vanuit het woud klonk een zwakke kreet om hulp. Behoedzaam vervolgde hij zijn weg en om een scherpe bocht in het pad stuite hij op een elf, verstrikt in iets wat in een gigantisch web. Ailig keek snel om zich heen, om zich ervan te vergewissen dat de bewoner niet in de buurt was. Toen bedacht hij zich geen moment en bevrijde de elf uit haar benarde situatie. Ze zakte voor hem op haar knieën. ‘Het spijt me’, sprak ze zacht en op dat moment leek Ailig’s hoofd uit elkaar te spatten en werd hij overspoeld door totale duisternis. Ailig kwam langzaam bij, zijn hoofd bonkte alsof er een kudde paarden door heen denderde.De ijzerachtige geur van bloed drong in zijn neus, Hij probeerde zijn hand naar de pijnlijke plek op zijn achterhoofd te brengen, maar zijn handen waren boven zijn hoofd vastgeketend. ‘Ailig, sprak een bekende stem, zoon van een meester druïde en een magische meesteres, een verbintenis verboden in onze wereld, maar wel één die jou uitzonderlijke krachten hebben gegeven’. ‘Maak me los Ragnall’, schreeuwde Ailig. Ragnall lachte, ‘dat kan ik helaas niet doen jonge, ik heb grootse plannen met jou’.Ailig keek Ragnall aan,’hoe bedoel je?, vroeg hij.  ‘ Wel, als de drie maanzusters gezamenlijk aan de hemel staan voeg ik jou krachten samen met mijne en zal ik over de wereld heersen en er is niemand die mij kan stoppen’. ‘Meester Elidor zal jou stoppen. Ragnall keek hem minzaam aan.  ‘Ik ben bang van niet jonge, kort na jou vertrek is Elidor verdwenen, niemand weet waar hij is’. ‘Je liegt’, Ailigs stem trilde meer dan hem lief was.  ‘Genoeg nu,snauwde Ragnall, Elidor heeft bewezen wat voor een lafaard hij is en ik moet nu voorbereidingen gaan treffen voor het overgangsritueel’, met deze woorden draaide hij zich om en liep naar de deur. ‘O ja voor ik het vergeet, zei hij met zijn hand op de klink, ‘als je niet wil dat je mede gevangen een hele onaangename pijnlijke dood sterft dan zou ik als ik jou was niet proberen te ontsnappen’. Nu pas merkte Ailig de elf naast hem op,ze kreunde, ‘wat is er gebeurd?’ stamelde ze. ‘Ik weet niet wat Ragnall jou belooft heeft, maar het lijkt er op dat hij zich niet aan zijn woord heeft gehouden’. ‘Hij zou mijn stam sparen’, snikte ze.’Dat klinkt inderdaad als iets van Ragnall’, zei Ailig terwijl hij omhoog keek. Ragnall’s zwarte magie kronkelde over zijn handen als een slang  ’Bij welke naam ga jij’, vroeg hij. ‘Gaylia, sprak ze zacht, mijn naam is Gaylia’. ‘Wel Gaylia, ik ben Ailig en wij moeten kosten wat kost Ragnall stoppen, anders is iedereen, magisch en onmagisch verdoemd. Gaylia sputterde, ‘je heb toch gehoord wat hij zei, ik sterf als jij probeerdt te ontsnappen en niet op echt gezellige manier lijkt mij’. ‘Stil, we zijn niet alleen’,fluisterde Ailig. Hij sloot zijn ogen en taste de donkere ruimte af en daar vond hij ze twee jonge magische wolven angstig en opgesloten. “Dit is nog erger dan ik al dacht’, mompelde Ailig. Gaylia keek naar hem,’wat is nog erger?’, Ailig hoorde de angst in haar stem. ‘Ragnall heeft twee magische wolven gevangen en waarschijnlijk hun ouders gedood’. ‘Is dat niet veboden in de magische wereld’, vroeg Gaylia. Ailig knikte, ‘je kunt er een levenslange opsluiting voorkrijgen en ze nemen je al je magische krachtgen af en naar wat ik gehoord heb is dat geen fijn proces.  Met zijn krachten opende Ailig de kooi, behoedzaam kwamen de twee pups tevoorschijn. ‘Ik weet dat jullie nog niet zo veel kracht hebbben, maar ik heb jullie hulp hard nodig’. De wolfjes volgde Ailig’s instructies goed op en zonder al te veel pijn wist hij zich zelf en Gaylia van de magie en hun boeien te bevrijden.’Wouw, zei Gaylia bewonderend, dit had ik niet verwacht, eerlijk gezegd leek je me wat te jong om al zulke sterke krachten te hebben’ ze trok haar tuniek recht en opende de deur. Voorzichtig keek ze de gang in, ‘die Ragnall van jou is wel heel zeker van zijn zaak er is in geen velde of wegen een bewaker te zien.’Hij is mij Ragnall niet’, zei Ailig boos. Hij duwde haar opzij en liep de gang in. Ze had gelijk er was nergens een bewaker te bekennen. Geruisloos slopen de vier verder door de bedompte gangen van de kerker.  Plots stond Ailig stil de elf botste tegen zijn rug op. ‘Wat is er’, fluisterde ze. ‘Hij is in de buurt’. De jonge wolven jankte zacht. vanachter een deur klonk een zacht gemurmel. ‘Blijf hier’, zei Ailig. Gaylia wou protesteren maar de blik in Ailig’s ogen deed haar zwijgen. Voorzichtig opende Ailig de deur, Ragnall zo verdiept in zijn ritueel merkte hem eerst niet op. ‘Zo dit had ik niet verwacht’, zei hij zonder zich om te draaien. ‘Wie had kunnen denken dat jij een onschuldige zou opofferen’. ‘O, maar dat heb ik ook niet gedaan’, iedereen is veilig, ook de twee magische wolven, die je van hun ouders heb gestolen’. Ragnall keerde zich om, ‘het ritueel heeft mijn krachten op gebruikt, ik kan zelfs de strijd met jou niet aan moet ik helaas toegeven, nu heb ik je onderschat  Ailig, maar dat zal niet nog eens gebeuren’. Een flits schoot door de kamer en Ragnall was verdwenen. ‘Wat is er gebeurd, is hij dood?’Gaylia kwam de kamer binnen. ‘Nee hij is verdwenen, het ritueel had hem teveel verzwakt, maar ik denk dat we hem snel genoeg weer tegen zullen komen’.  ‘Dat denk ik ook’, zei Elidor terwijl hij uit de schaduw stapte, dus we zullen voorbereid moeten zijn’. ‘Ik wist wel dat u niet verdwenen was’, zei ailig opgelucht. ‘Nee, dat was alleen maar om Ragnall op het verkeerde been te zetten. ‘Nou ga je me nog voorstellen aan je nieuwe vrienden, jongen’. Ailig lachte, ‘ja,in uw werkkamer onder het genot van een lekkere beker mede’.

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief