Meedoen is gratis!
Schrijfwedstrijd Magie en Tovenaars

Inzenden van een verhaal is mogelijk van 25-2-2019 t/m 25-4-2019 (24.00 uur).

KLIK HIER
om een verhaal
in te sturen.
Uitgeverij Keytree organiseert in samenwerking met Schrijverspunt een schrijfwedstrijd. Als genre voor de schrijfwedstrijd gaan we uit van Fantasy, een genre dat zich kenmerkt door het gebruik van fictieve verhalen, verzonnen wezens en imaginaire werelden.

Als thema voor deze wedstrijd is gekozen voor: Magie en tovenaars.

De voorwaarden voor deelname zijn:

  • Deelname is mogelijk van 25-2-2019 t/m 25-4-2019 (24.00 uur) en alleen voor leden van Schrijverspunt (registratie is gratis!).
  • Verhalen dienen online geplaatst te worden op de website van Schrijverspunt. Je moet hiervoor eerst inloggen.
  • De maximale lengte is 1500 woorden.
  • Je inzending mag nog niet eerder zijn gepubliceerd, zowel op internet of in gedrukte / elektronische media.
  • Het gebruiken van een pseudoniem is toegestaan.
  • Je mag slechts eenmaal deelnemen.
  • Door deelname aan de wedstrijd verleen je Schrijverspunt toestemming om je ingezonden verhaal op de website en in de nog uit te geven bundel te publiceren.
  • Je verhaal is geschreven in de Nederlandse taal.

Wat kun je winnen?

Bij voldoende kwalitatieve inzendingen zal uitgeverij Keytree een bundel uitgeven van de beste verhalen. De redactie van Uitgeverij Keytree en Schrijverspunt bepalen welke verhalen in de bundel worden opgenomen en kiezen de winnaar. Stemmen, likes e.d.zijn welkom maar spelen geen rol in de beoordeling.

Schrijverspunt stelt een boekenpakket samen voor de winnaar. Daarnaast ontvangt de winnaar een gratis exemplaar van de uit te geven bundel.

Schrijfwedstrijd Magie en Tovenaars

Valora

Valora

Na de jaarlijkse heksenbijeenkomst besloot ik, Valora, om nog even tot rust te komen na alle indrukken van de afgelopen dagen. Gewoon even aarden om weer tot mijzelf te komen. Er zijn altijd van die heksen bij die je helemaal leegzuigen, energiepikkers noem ik ze.

Terwijl ik daar stond in het midden van het bos, helemaal alleen, slechts omringd door bomen en een immense stilte, heerlijk te ontspannen, was er ineens die ijzige door merg en been gaande griezelige gil!! 

Het duurde even voor ik door had dat ikzelf degene was die die gil geslaakt had!! Toen tot mij doordrong waarom, waren mijn angst en paniek overweldigend!!Ik werd vastgehouden en langzaam maar zeker steeds dichter naar een grot getrokken. Een grot die er net nog niet was. Ik probeerde los te komen, maar des te meer ik tegenstribbelde des te harder en strakker werd de greep op mijn arm. Ineens zat ik in de grot, een grote steen werd voor de ingang gerold. Door wie? of wat? en waarom? Ik had geen idee, ik voelde alleen maar angst en paniek. Plotseling was er wat kaarslicht in de grot. Vage schimmen vlogen heen en weer in het flakkerende licht. De enige geluiden die ik hoorde waren geritsel en gegrom.

Terwijl ik mijn angsten onderdrukte en probeerde helder te denken, bleef de angst toch overheersen. Ik ben maar een jonge heks die net komt kijken, een groentje zogezegd. Ik had net mijn eerste heksenbijeenkomst achter de rug. Wat wist ik nou helemaal? Ja een paar toverspreuken, meer niet. Ik had nog een hoop te leren. Tijdens de bijeenkomst was mij door opperheks Lucina verteld dat ik het meeste zou leren door mij te laten scholen door een van de oude wijzen. Terwijl de gedachten door mijn hoofd tolden, werd ik weer teruggeroepen in de realiteit. Naast mij stond nu iets engs en harigs onbedaard te grommen!!

Ik stond doodstil, de haren in mijn nek recht overeind. Ik moest iets doen, hier blijven staan was geen optie, ik pakte de kaars uit de houder aan de wand van de grot en zag toen dat het gegrom van een soort wolf kwam. Hij keek mij aan met grote ogen en bleef grommen, maar hij deed niks. Schoorvoetend, met alleen het flikkerend licht van de kaars, begon ik voorzichtig te lopen.  Mijn linkerhand tastend langs de wand van de grot en de wolf in mijn kielzog. Het geritsel en die andere rare geluiden werden steeds luider, het klonk als een soort gebrom, of een soort geklop. Klopklop, klop, klop, steeds dichterbij en weer klopklop, klop, klop. Er vloog iets rakelings langs mijn hoofd. “Ieuwwww”. Het was er uit voor ik er erg in had. Geschrokken bleef ik staan. De wolf gromde nu luider. Er hing iets sinisters in de lucht. Bevend als een rietje ging ik toch verder. Een weg terug leek er niet te zijn. En weer klopklop, klop, klop dat opeens overging in een luid gebonk!! Ik was nu in een groter deel van de grot beland. Nog steeds fladderden vage schimmen heen en weer en er stond iets groots dat bewoog.  Klopklop, klop, klop, gebonk en geknars. Dat donkere ding schudde heen en weer. Voorzichtig liep ik verder naar voren. Weer KLOPKLOP, KLOP, KLOP, geknars en gekras. Ja, het was gekras!! Mijn hart bonkte in mijn keel. Klopklop, klop, klop. Heel voorzichtig schuifelde ik steeds iets dichterbij. Toen ik vlak bij het ding stond, zag ik dat het een heel grote kist was. Net toen ik mijn hand uitstak, ging die kist weer als een dolle tekeer, het schudde heen en weer het gekras was nu heel luid. Toen net zo plotseling als het begon, was het ineens doodstil. Wat is nou enger? Dat rare geklop en gekras of die ijzige stilte? Van beide werd ik niet echt blij, maar nu was het zo langzamerhand tijd om de kist open te maken.

Het gegrom van de wolf veranderde nu in gejank. Ik probeerde heel voorzichtig het deksel op te tillen.  Dat lukte niet en het klopklop, klop, klop klonk weer, maar nu met heel in de verte een zacht gemompel!! Er zat een slot aan de kist, al rondkijkend zag ik ineens een wit papier. Het lag half verscholen onder een stuk steen. Ik pakte het papier. Op het papier stond iets dat mij Latijn leek. Gelukkig was die taal me niet al te vreemd. Er stond: “Clavis est ad Præsépe mendacium post Phenan“. Volgens mij betekende het dat de sleutel achter de voerbak van ‘Phenan’ lag. ‘Zou die wolf soms Phenan heten? ’Er was maar één manier om daar achter te komen, dus zei ik: “Phenan heb je honger? Wil je iets eten?” Onmiddellijk spitste de wolf zijn oren en liep weg. Snel ging ik er achteraan. Bij een grote bak bleef hij stilstaan. Ik had nog een boterham met kaas. Ik brak er stukjes af en deed die in de bak. Het arme dier moest uitgehongerd zijn, want hij begon gretig te eten. 

Toen het op was, kon ik op zoek naar de sleutel die inderdaad achter de bak lag. Met de sleutel in mijn hand en een blije wolf achter mij aan, ging ik terug naar de kist, waar het geklop al weer in volle gang was…klopklop, klop, klop gevolgd door mompelend gejammer. Voordat de kist weer ging schudden, stak ik gauw de sleutel in het slot en met een harde klik ging het slot open. Voorzichtig tilde ik het deksel op en met het licht van de kaars scheen ik in de kist. Daar lag iets of iemand. Dat was moeilijk te zien, zelfs toen er beweging in kwam. Iets in de kist kwam omhoog en bleef omhoog komen. Er leek geen eind aan te komen. De kist was groot maar dat moest ook wel, want uiteindelijk stond er een grote man, gehuld in witte kledij.  Die grote man had grijs haar en een grote grijze baard. 

“Wees niet bang” zei de man, “ik ben Corann. Valora, ik ben heel blij dat je me bevrijd hebt. Ik denk dat ik ongeveer een week opgesloten was nadat ik gevangen genomen werd door een paar wrede trollen. Gelukkig heeft mijn trouwe vriend Phenan jou hierheen gehaald, zodat je mij kon bevrijden. De manier waarop was niet zo prettig. Het spijt me maar het was echt nodig, want nu gaan de trollen jou niet zoeken en ben je voorlopig veilig. Er wacht jou een lange reis en er is nog een hoop te leren voordat jij een volleerde heks bent. Maar het begin is er, als je wilt tenminste? Als je ‘ja’ zegt, gaan we de reis samen aan, begeleid door Phenan. Wij zullen jou helpen  en beschermen. Zeg het maar Valora, wat ga je doen?” 

Nou daar stond ik dan met een mond vol tanden, de angst en de schrik nog in de benen, en dan opeens dit. Wie had dat gedacht, zoiets verwacht? Ik niet!! Okay, lessen krijgen van een goede leermeester is natuurlijk nooit weg, maar een reis gaan maken zonder enige informatie… Waarheen, waarom, hoe en wat? Zoveel vragen, zo weinig antwoorden. Corann moest lachen. Hij zei ”Maak je maar geen zorgen. We hebben nu alle tijd. Ook als je ‘ja’ zegt, blijven we eerst nog een tijdje hier om ons voor te bereiden.  Dan kunnen we over een maand aan onze reis beginnen.” Na even getwijfeld te hebben, besloot ik toch maar ja te zeggen. Een maand de tijd om er aan te wennen en alle voorbereidingen te treffen. Zo’n unieke kans kon en mocht ik niet laten lopen.

Hoe het allemaal verder gaat, is nu nog onbekend. De toekomst zal het leren.

Dit artikel delen?
  • Hits: 31
Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 
ZOEKEN?