Loading...
Meedoen is gratis!
Schrijfwedstrijd Magie en Tovenaars

Inzenden van een verhaal is mogelijk van 25-2-2019 t/m 25-4-2019 (24.00 uur).

Uitgeverij Keytree organiseert in samenwerking met Schrijverspunt een schrijfwedstrijd. Als genre voor de schrijfwedstrijd gaan we uit van Fantasy, een genre dat zich kenmerkt door het gebruik van fictieve verhalen, verzonnen wezens en imaginaire werelden.

Als thema voor deze wedstrijd is gekozen voor: Magie en tovenaars.

De voorwaarden voor deelname zijn:

  • Deelname is mogelijk van 25-2-2019 t/m 25-4-2019 (24.00 uur) en alleen voor leden van Schrijverspunt (registratie is gratis!).
  • Verhalen dienen online geplaatst te worden op de website van Schrijverspunt. Je moet hiervoor eerst inloggen.
  • De maximale lengte is 1500 woorden.
  • Je inzending mag nog niet eerder zijn gepubliceerd, zowel op internet of in gedrukte / elektronische media.
  • Het gebruiken van een pseudoniem is toegestaan.
  • Je mag slechts eenmaal deelnemen.
  • Door deelname aan de wedstrijd verleen je Schrijverspunt toestemming om je ingezonden verhaal op de website en in de nog uit te geven bundel te publiceren.
  • Je verhaal is geschreven in de Nederlandse taal.

Wat kun je winnen?

Bij voldoende kwalitatieve inzendingen zal uitgeverij Keytree een bundel uitgeven van de beste verhalen. De redactie van Uitgeverij Keytree en Schrijverspunt bepalen welke verhalen in de bundel worden opgenomen en kiezen de winnaar. Stemmen, likes e.d.zijn welkom maar spelen geen rol in de beoordeling.

Schrijverspunt stelt een boekenpakket samen voor de winnaar. Daarnaast ontvangt de winnaar een gratis exemplaar van de uit te geven bundel.

Winnaars schrijfwedstrijd 'Magie en Tovenaars' bekend!

Van 25 februari t/m 25 april 2019 organiseerde uitgeverij Keytree in samenwerking met Schrijverspunt een schrijfwedstrijd in het genre Fantasy met als thema: Magie en tovenaars. Voor deze wedstrijd ontvingen we bijna 90 verhalen.

Meer dan 80 (een aantal verhalen voldeed niet aan de voorwaarden) leuke, originele, ontroerende en onthutsende verhalen hebben we mogen ontvangen. Bij dezen bedanken we iedereen die één of meerdere verhalen heeft ingestuurd!

De winnaar van het openingsverhaal en het boekenpakket is:

Steven Standaert met het verhaal Welp

Benieuwd of jouw verhaal in de bundel wordt opgenomen? Lees gauw verder!

Alle verhalen/auteurs voor de bundel (in willekeurige volgorde):

Steven Standaert : Welp

KT Sterling: het geheime verlangen van de tovenaar

Ellen Kusters: Wichard en Arnoldus

Petra van Engelenburcht: Magie

Tara Bakker: Ontheemd

Reinder Veelinx: Vlak voor de zoveelste zondvloed

Claudia Heijnen: Sneeuwvogel

Cindy Hovins: ook heksen maken foutjes

Nicole Houkes: Keria, de Donaktovernares

Marco Stroo: Vuurstormen

Edith E: Ik, de simpele geest van het Magische Boeck der leevensvraagstukken

Jorrit Stelma: En voor mijn volgende truc

Erik van der Velden: Het geheim van de bovenkamer

Hans van den Berg: De magiër

Emmelie Arents: De simulatie

Michelle Arts: Vogelvrij

Roos Vroonhof: Jachtseizoen

Anke van der Meer: De laatste reis

Pepijn Vissers: Toverraad en Traditie

Alain de Kinder: Quovadis

Morrigan Capall: Ravenheer

JN Martina: De grote bloedoorlog

Roelof Ham: Windruiter

Mark Tamminga: Het wisselhuis

Olga Ponjee: De uitverkorene

Jane Barnaby: Het perfecte slachtoffer

Arno Berendts: Merlijn komt los

Hasan Habibovic: Schaduwwezens

Renata R: Bergera en de vloek van van Arendus

Melanie Steentjes: Brandend oordeel

Nakita Veltman: Wrok

Jan Sebrechts: Zwarte zielen

Kees Scheurwater: De balans

Ben Blom: Echte vrienden

Jens van Neyghem: Magie van papier

Sarah Lenaars: Het meisje in de spiegel

Emsie Max: Als de maan verdwijnt

Yvonne Sonke: De hologrammen van Remuko

Selah Schonewille: De kleur van de bliksem

Annette Akkerman: De wonderlijke verdwijning van een schrijversblok

Magriet Spijker: Harde aarde en dansende vuurvliegjes

Liesbeth Jochemsen: De poppenjongen

Sandy Stokkel: Een bijzondere gave

Ans de Haan: De ontmoeting

Ido Venhuizen: De patstelling

Miranda Weernink: Voorzichtig

Frans van der Eem: De spreukendief

Eveline Boonstra: De Duistere Koets

Johan Tode: De vernietiging

Felicia Trenning: Timotheus


We feliciteren de winnaar van het boekenpakket en alle schrijvers waarvan het verhaal zal worden opgenomen in de bundel.


Na verschijning zal de bundel te koop zijn in elke boekenwinkel in België en Nederland.

Meer informatie over de verschijningsdatum etc. zal t.z.t. te vinden zijn op de website van Keytree.

Schrijfwedstrijd Magie en Tovenaars

De kleur van de bliksem

BANG!

Een explosie van hout.

Voor nog geen oogwenk lijkt de boom naast me in vuur en vlam te staan. De bast wordt met kracht van de boom af geschoten en stukken boren zich in mijn been en schouder. Ik val hulpeloos op de grond. Bliksem is meedogenloos. Niks kan zijn weg versperren, geen mens kan er tegenop. Het gaat te snel.

Mijn met hout doorboorde rechterbeen en arm beginnen te tintelen, maar dat komt niet door de stukken bast. De bliksem liet zelfs de grond hem er niet van weerhouden om bij mij te komen en kruipt nu langs mijn zenuwen omhoog. De tinteling is uit te houden, maar de wonden zijn stukken erger. Ik reageer snel en scheur een stuk van mijn shirt. Ik bijt erop terwijl ik de stukken bast uit mijn arm trek. Ik mag niet gillen. Ik bind de wonden af met nog meer stukken shirt en laat een zachte kreun. Ik moet me inhouden, ze mogen ons niet vinden. We mogen niet gevonden worden.

We!! Hoe had ik Lucas kunnen vergeten!?

Snel kijk ik om naar de boom, waar even terug mijn vriend Lucas nog tegen de regen stond te schuilen. Lucas stond dichter bij de boom dan ik. Ik had hem gewaarschuwd voor de gevaren, maar hij dacht dat de storm snel zou gaan liggen.. en nu ligt hij levenloos op de grond.

Ik ren naar Lucas toe en voel zijn pols. Niks. Paniek maakt zich van mij meester. Ik weet niet hoe ik moet reanimeren! De harpijnen zitten mij op de hielen, ik voel het gewoon. Ze kunnen niet ver meer zijn. De zogenoemde snaaiers van de schuldigen laten zelden hun doelwit ontsnappen.

Ik.. ik kan het niet. Ik vertel mezelf dat ik hem niet kan achterlaten. Wij zijn hier samen aan begonnen, we zouden het samen afmaken. Ik laat hem niet achter..-

Is wat ik zou willen dat ik dacht.

Ik walg van mijn eigen egoïsme, van mijn eigen overlevingsinstinct. Maar toch ren ik weg. Ik laat Lucas achter. De dood krijgt me niet, niet vandaag. Ook al is niemand mij nodig, ik wil niet dood. Het is geen origineel sentiment, daar ben ik me van bewust, maar het is de enige gedachte die me op de been houdt. Mijn snel geïmproviseerde verband is doordrenkt met bloed en regen, maar de pijn voel ik niet. Mijn lichaam heeft zich daar allang voor afgesloten. Ik kijk niet naar mijn wonden, ze bestaan niet. Ze zijn niet belangrijk.

Ik moet overleven.

Ik ga niet dood.

Ze krijgen me niet.

Het is pas wanneer ik een huis vind ergens diep in het bos dat ik stop met rennen. Een vreemd huis binnenstappen is een risico, maar ik heb geen keus. Daarnaast denk ik niet helder na. Mijn hoofd is licht en zweverig. Mijn ademhaling is wanhopig en hijgerig. Ik heb teveel bloed verloren.

Zonder de moeite te nemen om te kloppen val ik het huis binnen. Mijn zicht is een tunnelvisie. Er brand licht, maar ik negeer het. Het enige wat me nu lonkt is het hoogpolige tapijt voor de haard. Ik stort neer in de zachte stof en laat mijn bewustzijn zachtjes wegzinken. Mijn leugenachtige gedachten stellen me gerust.

Ik heb het gered. Ik ben veilig. Ik heb overleefd.

Een zacht vlammend licht maakt me wakker. Het licht is licht violet gekleurd, de kleur van de bliksem. De snelheid van de bliksem is echter bij de vuurbol afwezig. Het enige wat er van de bliksem over is… is….

Ik heb geen idee wat er over is. Is het energie? Onbewust reikt mijn hand naar de vlam. Ik wil weten wat het is, ik wil de vreedzaamheid van de vlam voelen. Ik wil dat het mij overspoeld.

Net voordat mijn wijsvinger contact met de bol kan maken stort het naar beneden en vloeit het via mijn voet naar mijn rechterschouder. Een broeiend gevoel vult mijn lichaam. Eindelijk voel ik me eens niet zwak. Eindelijk voel ik me eens niet nutteloos.

Nogmaals wordt ik wakker. Mijn ogen zijn nog gesloten, mijn wereld is zwart. De violette vuurbol is verdwenen, het was maar een droom. Dat is teleurstellend.

Dwars hou ik mijn ogen dicht, ik wil de realiteit niet onder ogen zien. De violette vuurbol en het fijne warme gevoel zijn veel aanlokkelijker dan nare vrouwvogels die me achtervolgen en blikseminslagen. Nu hoef ik de pijn van mijn wonden niet te voelen. Nu voel ik me gewoon vredig, gezo-… Wacht ben ik eigenlijk wel wakker? Hoe kan ik mijn wonden niet voelen? Voor de zekerheid open ik mijn ogen en check ik mijn omgeving.

Ik lig in een redelijk fijn bed onder een met lapjes gerepareerde deken. De kamer waarin ik me bevind is simpel, afgezien van een kast is er niet veel te zien. Iemand heeft mij omgekleed. Al mijn kleding is weg. Het enige wat ik draag is een groot shirt, ook met lapjes gerepareerd. Mijn ogen glijden voorzichtig naar de rechterkant van mijn lichaam. Ik ben bang wat ze daar aan zullen treffen. Hoewel mijn wonden van de stukken barst verdwenen lijken te zijn, heb ik nu een gigantisch bloemenpatroon van littekens die van mijn rechtervoet tot aan mijn rechterschouder lopen.

‘Dat wordt een Lichtenberg patroon genoemd. Dat krijg je als bliksem zich een weg baant door je lichaam.’ Mijn blik keert zich meteen naar de deuropening. Daar staat een klein jongetje. Hij maakt een buiging en stelt zichzelf aan mij voor. ‘Hallo vreemdeling, mijn naam is Balthazar.’

‘Woon jij hier met je ouders?’ vraag ik hem voorzichtig. Het kan nooit dat het shirt wat ik draag van zo’n klein scharminkel is. Plus hoe zou hij me ooit in het bed hebben gekregen?

De jongeman schudt verdrietig zijn hoofd. ‘Ik woon hier alleen, voor jaren al.’

‘Dus jij hebt mij.. in bed getild?’ vraag ik.

‘Ja, het was geen probleem hoor,’ antwoord de jonge Balthazar simpelweg. Blijkbaar niet bewust van het feit dat hij dan wel supersterk moet zijn voor zijn leeftijd.

‘Je hebt me ook..’ ik slik en merk dat ik begin te blozen. ‘Omgekleed?’

‘Ja.’

…een jochie van hoogstens twaalf die een jongedame van 23 heeft uitgekleed.. Ja dit is ongemakkelijk.

Balthazar lijkt zich ineens bewust van mijn ongemak. ‘Wilde je dat niet? Het spijt me zo, ik wilde niet onbeleefd zijn. Je kleding was alleen helemaal kapot gereten en doordrenkt met bloedvlekken. Het leek me gezonder om je schone kledij aan te doen. Maar ik heb niet zoveel kleding, vandaar het shirt.’

‘Ik snap waarom je het hebt gedaan,’ stel ik hem gerust. ‘Het is alleen dat ik niet vaak te maken heb met… kinderen. Op een manier als dit.’

‘Nogmaals mijn excuses, ik dacht dat vrouwen minder snel afgeschrikt raakten van kinderen. Maar als je liever met leeftijdsgenoten om gaat kan ik daar ook voor zorgen.’ Voordat ik er ook maar op iets van die tekst kan reageren gebruikt Balthazar opeens magie. Zijn ogen krijgen een hemelblauwe gloed als de spreuk activeert, en langzamerhand begint zijn lichaam opeens te veranderen. In slechts enkele seconden groeit de kleine Balthazar op tot een middeljarige man. Zijn postuur wordt groter, zijn kin breder en een klein baardje siert opeens zijn kin. ‘Is het zo beter?’ vraagt hij op het moment dat de transformatie blijkbaar compleet is.

‘Jij bent een tovenaar..’ zeg ik vol bewondering. Tovenaars die meer kunnen dan mensen afpersen met een aantal goocheltrucjes op de zwarte markt.. die zijn bijna onvindbaar. De meesten zijn door de koning weggestuurd of vermoord. Hij was bang voor de ongelimiteerde krachten die getrainde tovenaars konden bezitten.

‘Ik niet alleen.’

‘Hoe bedoel je?’ vraag ik.

‘Hoe heet je?’ Balthazar negeert mijn vraag compleet. In plaats daarvan loopt hij naar me toe. Ik kan mijn ogen niet van hem afhouden. Het is raar hoe een man die zojuist nog een minderjarige was opeens zo intimiderend groot kan zijn. Het is afleidend. ‘Ik euhm… ik heet Serene,’ stamel ik.

‘Wil je met mij mee komen naar buiten Serene?’ Balthazar biedt me zijn hand aan. Niet wetend wat anders te doen, en nog steeds wat met stomheid geslagen door de recente ontwikkelingen, neem ik zijn hand aan. De tovenaar leidt me naar buiten. Het is nacht, maar doordat de volle maan schijnt op de met regen bedekte bomen lijkt de omgeving te glanzen in een betoverend licht.

Balthazar strijkt met zijn hand over het Lichtenberg patroon op mijn arm. ‘Doe je ogen dicht en focus je op jouw arm en het maanlicht. Stel je voor dat het maanlicht van je arm afkaatst’

Ik volg zijn bevelen op en sluit mijn ogen. Ik probeer me het maanlicht op mijn arm voor te stellen. ‘Zo?’ vraag ik.

‘Zo precies.’ Balthazar lacht. ‘Doe je ogen maar open Serene.’

Met ongeloof staar ik naar mijn arm. De littekens geven een wit violette gloed af, eenzelfde soort gloed als Balthazar zijn magische ogen hadden. Alleen is mijn gloed de kleur van de bliksem.

‘Gefeliciteerd, je bent nu ook een tovenaar Serene.’

Dit artikel delen?
Pin It
  • Hits: 50

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief