Voor schrijvers, door schrijvers

De verschillende opties om aan mee te doen:

  • Optie 1.

    • Eerste zin:
      De auto stopte vlak naast me bij de rand van het trottoir.
      en als laatste zin:  
      Ik ritste mijn jas dicht en draaide me om.
  • Optie 2.

    Eerste zin:
    Ze keek me aan op een wel heel venijnige manier.
    en als laatste zin  
    We gaven elkaar een hand, twijfelden even en kusten elkaar toen innig.
  • Optie 3.

    Eerste zin:
    De bank in het park, waar nooit iemand zat, was bezet...
    en als laatste zin:
    Pas uren later ontdekte ik dat ik mijn telefoon miste.
  • Optie 4.

    Eerste zin:
    Vreemd dat het kerkplein leeg is op dit uur...
    en als laatste zin:
    Zal iemand dit ooit geloven?
  • Optie 5.

    Schrijf een tekst (proza of poëzie) uitgaande van het gegeven dat je een van je zintuigen mist.
    Denk er niet teveel bij na, maar schrijf.
  • Optie 6.

    • Beschrijf een willekeurig voorwerp in je directe omgeving.
    • Beschrijf daarna hetzelfde voorwerp door de ogen van iemand anders.
      Twee verhalen dus over hetzelfde voorwerp.
  • Optie 7.

    Eerste zin:
    Ik loop met toenemende ongerustheid naar de bushalte....
    en als laatste zin:
    Het is niet hetzelfde. Maar dit is dus duidelijk beter dan sex.
  • Ik, schrijver

    Optie 8

    Schrijf een fantasierijk verhaal met als onderwerp 'Ik, schrijver'. Waarheidsgetrouw of compleet fictief, het is aan jou als het maar de moeite waard is om te lezen. Probeer de lezer te boeien en mee te trekken in jouw wereld als schrijver.
    Klik hier voor inspiratie.
Een verhaal in maximaal 500 woorden. Een aantal verhaalopdrachten dienen te beginnen met een vaste eerste zin en eveneens te eindigen met een vastgestelde zin. Bij een opdracht associatief schrijven is alleen de beperking van maximaal 500 woorden van toepassing.

Schrijfopdracht

Aantal gepubliceerde inzendingen: 99

Goede daad!

Ze keek me aan op een wel heel venijnige manier.

Daar zat ik niet mee, want ik had meer aandacht voor haar dansende borsten onder de deinende doorzichtige witte blouse, toen ze de monumentale eikenhouten trap af denderde.

“Wat doe JIJ hier?”

Haar ogen schoten vuur.

Voor ik iets kon zeggen, siste zij: “Als die ouwe het merkt! En wat zie je er uit?”

“Die ouwe” was haar vader, waarmee zij in de kapitale vrijstaande villa woonde.

Haar vader had als zakenman een flink vermogen vergaard, en zij was enig kind en dus  enig erfgenaam.

Haar moeder was al jaren geleden op middelbare leeftijd overleden, en haar vader had geprobeerd zijn dochter de plaats van haar moeder te doen innemen, maar met hand en tand had zij zich al die jaren verdedigd als hij zich aan haar wilde vergrijpen.

Nu was hij dik in de tachtig en werd hij door haar verzorgd, want bij een val van de trap had hij zijn heup gebroken.

Toevallig stond zij bovenaan de trap achter hem, en had liever gehad dat hij zijn nek gebroken had. Dus dat was een tegenvaller, en nu was zij hem zat.

“Nou”, zei ik, “ik heb een overall en een petje aangeschaft, en tegen het daghitje gezegd, dat ik de loodgieter was en jij mij verwachtte.”

Ze keek me vragend aan.

“We moeten je vader toch eh…!”

“Je kunt hem toch zomaar zijn hersens niet inslaan! Da’s moord en wordt je gepakt!”

Intussen trok ik mijn overall uit en gooide die met het petje in een hoek van de hal.

Onder de overall had ik een net colbertje en pantalon aan, en uit de loodgieterstas haalde ik een dokterstasje.

“Kijk”, grinnikte ik, “ik ben de dokter en kom hem eh…helpen en een spuitje geven?”

“Daar trapt hij nooit in!”

“Heb ik op gerekend. Een dot met chloroform, en hij wordt rustig, en dan een flinke spuit met insuline. Die pen heb ik van mijn moeder eh… geleend. Jij houdt zijn benen in bedwang.”

We gingen naar boven en  naar de slaapkamer, waar haar vader in bed lag.

“Wie ben jij?”, bromde hij.

“De dokter, en u krijgt van mij een spuitje. Tegen de pijn enzo.”

“Je bent mijn dokter niet!”

“Plaatsvervanger”, glimlachte ik, terwijl ik een lapje stof uit mij tasje haalde en goot er de chloroform over uit.

Ik liep naar hem toe.

“Sodemieter op!”, zei hij, kwaad naar mij kijkend.

Hij lag met zijn hoofd plat op het kussen en ik drukte de dot op zijn open mond. Hij strubbelde tegen, maar ik was sterker en zij hield zijn benen tegen het bed gedrukt.

Het duurde maar even of hij lag bewegingloos.

Ik schoof de dekens weg en zijn pyjamajasje omhoog, draaide de insulinepen helemaal op en prikte de naald net boven zijn navel in zijn buik.

Het duurde niet lang voordat zijn ogen naar binnen draaiden.

Grijnzend keken we elkaar aan.

We gaven elkaar een hand, twijfelden even en kusten elkaar toen innig.

Dit artikel delen?
Auteur van dit artikel:
© Pieter Wouter Broekharst
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
Hits: 511
Publicatie op .
 
  Meer van deze schrijver:

Geef een waardering voor: "Goede daad!"

Geschreven door Pieter Wouter Broekharst . Geplaatst in Schrijfopdracht.
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
16.07.20
Feedback:
Aanpassing n.a.v. oude waardering.
  • Lezenswaardig:
    80%
  • Passend in deze rubriek:
    80%
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig

Jouw feedback hier?

Dat is mogelijk met een waardering en/of jouw commentaar te geven.
Ook kun je reageren op commentaar van anderen.
 
Periodiek verwijderen we 'oudere' inzendingen o.b.v. geen of lage waarderingen. Door een waardering te geven bepaal jij dus mede de continuïteit in publicatie van een inzending!

Nu te koop...