Voor schrijvers, door schrijvers

De verschillende opties om aan mee te doen:

  • Optie 1.

    • Eerste zin:
      De auto stopte vlak naast me bij de rand van het trottoir.
      en als laatste zin:  
      Ik ritste mijn jas dicht en draaide me om.
  • Optie 2.

    Eerste zin:
    Ze keek me aan op een wel heel venijnige manier.
    en als laatste zin  
    We gaven elkaar een hand, twijfelden even en kusten elkaar toen innig.
  • Optie 3.

    Eerste zin:
    De bank in het park, waar nooit iemand zat, was bezet...
    en als laatste zin:
    Pas uren later ontdekte ik dat ik mijn telefoon miste.
  • Optie 4.

    Eerste zin:
    Vreemd dat het kerkplein leeg is op dit uur...
    en als laatste zin:
    Zal iemand dit ooit geloven?
  • Optie 5.

    Schrijf een tekst (proza of poëzie) uitgaande van het gegeven dat je een van je zintuigen mist.
    Denk er niet teveel bij na, maar schrijf.
  • Optie 6.

    • Beschrijf een willekeurig voorwerp in je directe omgeving.
    • Beschrijf daarna hetzelfde voorwerp door de ogen van iemand anders.
      Twee verhalen dus over hetzelfde voorwerp.
  • Optie 7.

    Eerste zin:
    Ik loop met toenemende ongerustheid naar de bushalte....
    en als laatste zin:
    Het is niet hetzelfde. Maar dit is dus duidelijk beter dan sex.
  • Ik, schrijver

    Optie 8

    Schrijf een fantasierijk verhaal met als onderwerp 'Ik, schrijver'. Waarheidsgetrouw of compleet fictief, het is aan jou als het maar de moeite waard is om te lezen. Probeer de lezer te boeien en mee te trekken in jouw wereld als schrijver.
    Klik hier voor inspiratie.
Een verhaal in maximaal 500 woorden. Een aantal verhaalopdrachten dienen te beginnen met een vaste eerste zin en eveneens te eindigen met een vastgestelde zin. Bij een opdracht associatief schrijven is alleen de beperking van maximaal 500 woorden van toepassing.
De schrijfopdracht

Schrijfopdracht

Aantal gepubliceerde inzendingen: 91

Vergissing

De auto stopte vlakbij me langs de rand van het trottoir. Een zwarte Mercedes met zwart getinte ramen. Instinctief deed ik een stap naar achter, maar er gebeurde niets. Deuren en ramen bleven gesloten. De zwart getinte ramen verhulden mysterieus wie er in de wagen zat, of zaten.

Na enkele ogenblikken besloot ik mijn weg weer te vervolgen. Na een paar meter kwam de wagen langzaam naast mee rijden. Het bezorgde me een onaangenaam gevoel. Ik was op mijn hoede. Maar nee, er gebeurde niets, behalve dan dat de wagen irritant langzaam naast me bleef rijden.

Op een gegeven moment was ik het beu. Ik stopte, draaide me resoluut om, liep op de wagen af en tikte op het raam van het voorportier. Niets.

‘Wat wil je van me?’ riep ik door de ruit naar wie of wat er in de wagen zat. Geen reactie.

‘Laat me met rust!’ riep ik weer. Daarna vervolgde ik mijn weg. De wagen bleef staan.

Zo, dat had indruk gemaakt. Met een opgelucht gevoel liep ik verder om bij de eerst volgende straat rechtsaf te slaan. Af en toe keek ik over mijn schouder, maar geen wagen meer te bekennen.

Na tien minuten had ik mijn bestemming bereikt. Tot mijn schrik zag ik de wagen voor mijn huis staan. Onheilspellend als de zwarte lucht die in de verte boven de stad hing. Aarzelend naderde ik de wagen. Scenario’s doemden in gedachten op. Wilden ze me ontvoeren? Of erger, zou ik geliquideerd worden? Maar waarom dan? Ik kom uit een doorsnee en onbeduidende familie, ik heb een modaal inkomen, ik heb geen provocerende uitspraken gedaan. Wat?

Inmiddels was ik ter hoogte van mijn voordeur gekomen. Ik deed alsof ik hier niet hoorde en wilde doorlopen toen de portier aan de bijrijderskant zich langzaam opende. Angst sloeg om mijn hart: nu ging het gebeuren. Wild keek ik om me heen. Waar kon ik naar toe? Een jonge knul stapte uit. Verbaasd keek ik hem aan. Hij zag er totaal niet angstaanjagend uit en hij leek ook geen kwade bedoelingen te hebben.

‘Mevrouw de Vries?’

‘Uh, ja,’ zei ik bibberend. O, waarom had ik dat nou gezegd!

‘Is dit uw jas?’

De jonge knul haalde een zwarte jas uit de wagen die precies op de mijne leek. Onzeker kwam ik wat dichterbij om de jas beter te bekijken. Als dat mijn jas was, van wie was dan de jas die ik aanhad?

‘We vonden uw adres in de portemonnee die nog in een van de zakken zat. U hebt per ongeluk de jas van mijn moeder aangetrokken toen u na de lunch het restaurant verliet.’

Verbouwereerd nam ik de jas aan. ‘Dank u wel,’ stamelde ik. Gegeneerd verruilde ik de jas die ik aanhad voor mijn eigen jas. Ik ritste mijn jas dicht en draaide me om.
Dit artikel delen?
Auteur: ©Yvonne Kapteijns-Kuiper
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
Hits: 371
Publicatie op .

Geef een waardering voor: "Vergissing"

Geschreven door Yvonne Kapteijns-Kuiper . Geplaatst in Schrijfopdracht.
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
01.08.20
Feedback:
Haha, grappig en goed gebracht verhaal met mooie no-nonsense twist in je herkenbare stijl.
Grammatica & Spelling:
Goed
  • Lezenswaardig:
    80%
  • Passend in deze rubriek:
    80%
Show more
0 van de 0 respondenten vond deze review nuttig
16.07.20
Feedback:
Aanpassing n.a.v. oude waardering.
  • Lezenswaardig:
    40%
  • Passend in deze rubriek:
    60%
Show more
0 van de 0 respondenten vond deze review nuttig

Jouw feedback hier?

Dat is mogelijk met een waardering en/of jouw commentaar te geven.
Ook kun je reageren op commentaar van anderen.
 
Periodiek verwijderen we 'oudere' inzendingen o.b.v. geen of lage waarderingen. Door een waardering te geven bepaal jij dus mede de continuïteit in publicatie van een inzending!