Voor schrijvers, door schrijvers

Kort verhaal

Poëzie
Inzendingen: 888
Een kort verhaal kenmerkt zich doordat de handelingen, gedachten en gesprekken van de personages zijn georganiseerd in een plot van komische, tragische, romantische, satirische of nog andere aard.  Een kort verhaal is altijd een compleet en zelfstandig leesbaar verhaal. Dus geen vervolg! In deze schrijfactiviteit is ook ruimte voor reisverhalen en flitsverhalen.
 
 "Het meest beknopte en sprekend voorbeeld van een flitsverhaal is het verhaal dat Ernest Hemingway schreef.
" Te koop: babyschoenen. Nooit gedragen."

Verhalen uit de oude doos!

‘Krijg nou een wegtrekker, ben jij dat echt gozer, dat is lang geleden.’
Willem Jan zit zoals altijd op zijn favoriete plekje aan de bar.
Hij herkent de stem en draait zich onmiddellijk om.
Voor hem staat Gerrit, zijn vroegere buurjongen en best vriend. Gerrit en hij zijn samen opgegroeid en Willem Jan heeft niets anders dan goede herinneringen aan hun vriendschap.
Hij gebaart glunderend naar Arie: ‘Twee vaassies, een voor mijn vriend en een voor mijzelf. Neem zelf ook wat.’
Arie tapt twee biertjes en zet ze voor de mannen op de bar. Gerrit kruipt op de vrijgekomen barkruk naast Willem Jan en heft zijn glas.
‘Proost gappie, op die goeie ouwe tijd’, en slaat zijn glas tegen die van Willem Jan.

‘Weet je nog die keer met tante Beppie?’, grinnikt Willem Jan.
Gerrit maakt een snuivend geluid. Een geluid dat hij alleen maakt wanneer hij iets leuk vindt. ‘Haha, als de dag van gisteren. Man, man, man, wat hebben we ons toen bescheurd’, snuift Gerrit.
Arie kijkt de mannen vragend aan.
‘Ik denk dat we een jaar of tien elf waren en altijd op zoek naar rottigheid. 
We hadden bij bakkerij Jansie een lege gebakdoos gevonden’, begint Willem Jan het verhaal. 
‘Wie van ons twee op het idee is gekomen al sla je me dood, ik weet het niet meer, maar wel dat we beiden in die doos hebben gepoept. Met de doos zijn we naar de Willemstraat gelopen en hebben aangebeld bij tante Beppie. We hebben haar de doos overhandigd met de vriendelijke groeten van bakker Jansie. Tante Beppie was blij verrast en gaf ons beiden een duppie fooi.
Wij zijn hem vervolgens heel snel gesmeerd.
We waren het trappenhuis nog niet uit toen het raam op de tweede verdieping werd opengegooid en tante Beppie met een rood porum tierend uit het raam hing.
‘Vuile schobbejakken, klootviolen, zijn jullie helemaal gesjeesd om een oud mens zo in de feiling nemen. Wat een takkestreek.’
Tante Beppie voelde zich flink belazerd en werd door ons gelach nog bozer.  
‘Hier hei je je schijt terug, stelletje miesjgassers’, en ze gooide de gebaksdoos uit het raam.
‘Neem je ouwe moer in de zeik’, was het laatste wat ze krijste voor ze het raam hard dichttrok.
‘Van het duppie hebben we duimdrop gekocht. Het blijft eeuwig zonde dat we nooit haar reactie hebben gezien bij het openen van de gebaksdoos, ik had dat porem wel willen zien’.
Arie, verzekerd van een flinke dosis humor, buldert van het lachen.
Hij zet een biertje voor ze neer. ‘Rondje van de zaak.’

‘En weet je nog die keer in de vlooienwagen?’ vraagt Gerrit nu aan Willem Jan.
Willem Jan hoeft niet lang na te denken en lacht luidkeels.
‘Tuurlijk weet ik dat nog, hoe zou ik dat kunnen vergeten?’
Gerrit kijkt Arie aan en heft zijn glas. ‘Op je gezondheid’, en begint te vertellen.
‘Het was een regenachtige dag en we hadden geen zin om met de benenwagen te gaan.
Op het centraal zijn we lijn 13 in geglipt zonder betalen.
In de tram zat een man met drie flinke dozen op zijn schoot. Het zweet stond hem op het gezicht. Bij elk hobbeltje moest hij zijn best doen om de dozen op zijn schoot te houden.
Wij hoefden elkaar alleen maar aangekeken Willem Jan en ik en dat was genoeg.
Net voor de eerste halte op de Rozengracht schreeuwde ik ‘nú’ en Willem Jan trok aan het touw van de noodrem.
De tram kwam met gierende remmen tot stilstand.De dozen begonnen te wankelen.
De man deed er alles aan om ze niet te laten vallen maar er was geen redde meer aan.
Eén voor één schoven de dozen van zijn schoot en belandde op de grond. De inhoud rolde door de hele tram’.
Gerrit neemt nog een slokje van zijn biertje.
‘De man dook snel voorover de inhoud van zijn dozen achterna.
Passagiers probeerde de man te helpen door zoveel mogelijk boekjes van de grond te rapen. Tot ze in de smiezen hadden wat voor boekjes het waren. Candy’s en Chicks in alle kleuren en maten.’
Willem Jan en Gerrit kijken elkaar aan, Willem Jan lacht, Gerrit snuift.
‘De hel brak los’, vervolgt Gerrit het verhaal.
‘Een moeder wiens zoontje in het seksboekkie had zitten bladeren haalde zonder enige waarschuwing uit en gaf het joch een klap voor zijn harses’.
‘Ben je helemaal besodemieterd, door die viezigheid gaan je handen scheefgroeien en kom je in de hel’, gilde ze tegen het geschrokken kind.
De hele tram was in rep en roer. Overal schreeuwende moeders en huilende kinderen.
Een oud bessie was opgestaan en naar de schlemiel gelopen die nog steeds op de vloer van de tram naar zijn boekjes aan het graaien was.
Al die tijd had hij niet op of omgekeken, zo geneerde hij zich.
De oudere vrouw sloeg hem met haar paraplu op zijn achterhoofd.
‘Wat ben jij een smeerpijp en dat waar al die kinderen bij zijn’, en nogmaals gaf ze hem met haar paraplu een knal op zijn achterhoofd, veel harder dan de eerste keer.
De man op de grond gaf geen kik en bleef zijn boekjes bij elkaar rapen’. Gerrit snuift.
‘Maar de nieges was voor de sjacheraar nog niet voorbij. De conducteur was ondertussen van achter naar voren gekomen.
Even waren we pagus, we hadden geen kaartje en aan de noodrem getrokken, maar de goeie man had helemaal geen oog voor ons.
Hij zag alleen die lijp op de grond tussen zijn seksboekies.’
Gerrit stopt met praten en neemt een slok van zijn biertje.
‘Meneer’, had de conducteur rustig, maar heel dwingend gezegd, ‘zou u zou vriendelijk willen om uw rotzooi bij elkaar te zoeken en dan heel snel mijn tram te verlaten, voordat ik u een handje help en u eruit smijt’.
De sul had geknikt, graaide zoveel mogelijk boekjes bijeen en stond op.
Met zijn armen vol ‘viezigheid’ stond hij in zijn lange regenjas voor de conducteur.
De conducteur keek de man met een boze blik aan, wilde hem aan zijn arm naar buiten begeleiden, maar struikelde over een boekje en belandde op zijn knieën voor de man.
De man geschrokken door de onverwachte beweging van de conducteur liet de boekjes uit zijn handen vallen.
Op datzelfde moment viel ook zijn regenjas open.’
Gerrit stopt met vertellen en snuift er lustig op los.
Willem Jan probeert het verhaal zonder te lachen verder te vertellen.
‘De malloot was naakt onder zijn lange regenjas. Zijn pieremachochel keek de conducteur recht in zijn ogen aan.’
Ook Willem Jan houdt het niet langer droog, de tranen stromen over zijn wangen.

Willem Jan kijkt op zijn horloge.
‘Helaas, ik moet naar huis, anders heb ik straks een bijl in me rug’, zegt hij op norse toon, ‘we gaan kaasfonduen.’
Arie kijkt zijn vriend aan. ‘Lekker toch?
Willem Jan knikt. ‘Ja, als je van kaas houdt, maar ik hou niet van kaas’, moppert Willem Jan.
‘Kaasfondue met gatenkaas is het lekkerst’, zegt Gerrit.
‘Ik hou niet van kaas’, herhaalt Willem Jan nogmaals.
Gerrit snuift: ‘Dan laat je de kaas toch staan eet je alleen de gaten.’

Dit artikel delen?

Anita Vlietman

Avatar
Meer van deze schrijver:

Publicatie op .
Hits: 285

geef een waardering voor: "Verhalen uit de oude doos!"

Geschreven door Anita Vlietman . Geplaatst in Kort verhaal.
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.

Jouw feedback hier?

Dat is mogelijk met een waardering en/of jouw commentaar te geven.
Ook kun je reageren op commentaar van anderen.
 
Emoticons: ;o = wink:d = bigsmile, :-$ = blush, (^) = cake, (h5) = clapping, 8) = cool, ;( = crying, (x) = handshake, :? = thinking, (hartje) = heart
 
Periodiek verwijderen we 'oudere' inzendingen o.b.v. geen of lage waarderingen. Door een waardering te geven bepaal jij dus mede de continuïteit in publicatie van een inzending!

Snelmenu: Klik, voor belangrijke pagina's, aan de rechterkant op de blauwe button !