Voor schrijvers, door schrijvers

Kort verhaal

Een kort verhaal kenmerkt zich doordat de handelingen, gedachten en gesprekken van de personages zijn georganiseerd in een plot van komische, tragische, romantische, satirische of nog andere aard.  Een kort verhaal is altijd een compleet en zelfstandig leesbaar verhaal. Dus geen vervolg! In deze schrijfactiviteit is ook ruimte voor reisverhalen en flitsverhalen.
 "Het meest beknopte en sprekend voorbeeld van een flitsverhaal is het verhaal dat Ernest Hemingway schreef.
" Te koop: babyschoenen. Nooit gedragen."
Aantal gepubliceerde inzendingen: 558
Klik op de profielnaam of -afbeelding van de schrijver voor meer informatie en een overzicht van zijn/haar schrijfactiviteiten.

Sink

| Ingrid Karsten
Sink

Wijdbeens, is het eerste wat me opvalt. Ze zit met haar benen gespreid en draagt een jurk met een kanten onderlaag. Op een tafeltje naast haar staat een vergulden asbak. Haar man zit in een gemakkelijke leunstoel. Ik schat hem wat ouder. Hij draagt een grijze broek, een crèmekleurig hemd, een bruin jasje en bretels. Voor de jaren tachtig ziet hij er best chic uit.
De woonkamer is vrij ruim. Wat ooit een open haard is geweest, vormt het pronkstuk van de kamer. Het marmeren blad erboven staat vol glazen beeldjes. Het groene tapijt ruikt wat muf, maar ik krijg niet de indruk dat ik me hier in arm gezelschap bevind. Of ik soms een kopje koffie wil? ‘Suiker en melk?’ ‘Heeft u ook zoetjes?’ antwoord ik voorzichtig.
’In de States is het allemaal instant,’ zegt meneer Bosma, ‘maar wij zetten toch liever zelf koffie, hè Micha?’
Mevrouw Bosma steekt een sigaretje op.
‘We hebben er tien jaar gewoond,’ glundert ze. ‘Kun je het een beetje horen? Ik loop soms met Hein in de chique delicatessezaak The Kings, ken je die? En dan wil ik iets kopen en dan weet ik opeens niet meer hoe dat heet in het Nederlands. Vreemd hè?’

Meneer Bosma loopt naar de keuken en ik hoor hem rommelen met het koffiezetapparaat. Wat me meteen opvalt, is dat zijn ogen wat troebel staan. En hij heeft een bochel in zijn rug. Hoe oud zouden ze zijn? Toch al in de tachtig. En dat ik daaraan denk is grappig, want even later vraagt mevrouw Bosma: ‘Hoe oud ben je?’
‘Negentien,’ antwoord ik.
‘Ach kind, toen ik negentien was… wat een prachtige leeftijd, en al verliefd ook?’
‘Op dit moment niet,’ antwoord ik, terwijl ik me afvraag wanneer we ter zake komen.
‘Toen ik negentien was, kende ik mijn vorige man Samuel al. Twee jaar later zijn we getrouwd. Een groot feest was het. Wacht, ik zal je wat foto’s laten zien.’
Op dat moment komt meneer Bosma met de koffie. Een keurig gepatineerd schaaltje met drie kopjes koffie en een koekje. Hij neemt plaats in de fauteuil. ‘Waar zijn de foto’s, Hein?’ vraagt Micha aan haar man.
‘Welke foto’s?’ antwoordt hij afwezig. Ze kijkt hem een beetje ongeduldig aan.
‘Van de bruiloft met Samuel, waar liggen die?’
Haar man zucht. ‘Wil je soms een koekje... uh, Saskia heet je toch?’
Ik begin inwendig een beetje te grinniken.
‘En dat korte haar had ik vroeger ook,’ gaat mevrouw Bosma verder. ‘Ze zeggen altijd dat ik op Mia Farrow leek, nietwaar Hein?’
Ik begin het warm te krijgen en snak trouwens zelf naar een sigaretje.
‘U zoekt dus hulp in de huishouding? En kunt u me vertellen wat er van me verwacht wordt?’
‘Ik ga elke vrijdag naar de markt,’ zegt meneer Bosma trots.
‘Gewoon met de benenwagen. Een edammer natuurlijk; tja, ik kom niet voor niets uit Alkmaar.
Hou jij van een tompouce?’ vraagt hij, zonder een antwoord te verwachten.
’Want wij eten elke vrijdag een tompouce van de markt.’
‘Lijkt me zalig,’ zucht ik een beetje. ‘Wilt u dan dat ik vrijdags kom?’
‘Dat komt ons wel goed uit, hè Micha? Dan ben je niet de hele tijd alleen.’
Micha lijkt vrij afwezig. Waarschijnlijk zoekt ze nog naar de foto’s.
’Kun je vloeren dweilen?’ vraagt ze opeens.
‘Want ik wil het echt wel doen, maar die keuken is wel erg snel vies. En de, hoe noem je dat ook al weer, sink, moet ook af en toe gedaan worden. Denk je dat dat gaat lukken?’
Ik knijp in mijn handen. Als ze maar niet over het strijkwerk beginnen, want al heb ik me rot geoefend thuis, het wil toch maar niet lukken.
‘Hou je eigenlijk van katten?’ vraagt Micha opeens.
‘Want vroeger hadden we er twee, maar die zijn er niet meer; ja, het is wel belangrijk dat je van katten houdt.’
Ik kijk rond in de kamer. Er staan inderdaad beeldjes van katten op de grond.
Ik knik volmondig van ‘ja’.
‘En moeten die katten ook worden afgestoft?’ vraag ik voorzichtig, een klein hapje van mijn koekje nemend.
‘Oh, stoffen, kun je dat, en stofzuigen?’
Micha steekt opnieuw een sigaret op.
‘Geen probleem, mevrouw, is er nog iets anders?’
‘Jonge benen hè? In de States had ik zelf een hulp in de huishouding, hè Hein? Een lief ding. Sharon heette ze. En haar kat kon het uitstekend vinden met Bobby. Je houdt toch van katten, hè?’
‘Micha,’ spreekt hij zacht, ‘vertel dat meisje toch wat er van haar verwacht wordt.
Het vertedert me. Hij zet haar op een lieve manier op haar plaats en ik besluit hem direct te mogen.
‘En afwassen, dat hoeft niet,’ gaat Micha verder, ‘maar zilver poetsen, kun je dat?’
‘Wanneer kan ik beginnen?’ vraag ik.
Voor de eerste keer zie ik rimpels van twijfel ontstaan op de voorhoofden.
Ik bedoel, op welke vrijdag wilt u dat ik kom werken?’ Hein gaat weer over tot de orde van de dag.
‘We ontbijten altijd om 9 uur. Je zou hier kunnen ontbijten als je wilt.’
Ik begin wat zenuwachtig met mijn mouwen te spelen.
‘Dat hoeft niet, ik kom dan wel om halftien. Is dat goed?’
Maar als ik zie dat ze een beetje beduusd kijken, zeg ik snel:.‘Oké, dan kom ik wel wat eerder en drink een kopje koffie mee, goed?’

Ik sta op.
‘Bedankt voor de koffie, en dan zien we elkaar dus volgende week vrijdag.’
Hein kijkt op zijn horloge
‘Je zou mee kunnen eten,’ zegt hij opeens. ’Wat is het vandaag? Woensdag. Dan maak ik altijd potatoes met bloemkool, want dat vindt Micha zo lekker.’
‘Vandaag moet ik studeren,’ zeg ik iets te kortaf. ‘Biologie, dat studeer ik. Ik zie u dus vrijdag rond 9 uur.’
Ik trek mijn jas aan. Mevrouw Bosma blijft zitten. Ik geef haar een hand.
‘Tot vrijdag dan?’ probeer ik opgewekt te klinken. Voor het eerst zie ik een glimlach op haar gezicht.
‘Je ruikt naar rook,’ fluistert ze zachtjes. ‘Niet tegen Hein zeggen hoor, want die vindt dat allemaal maar niets.’

Hein brengt me naar de deur.
‘Tot vrijdag dan, meisje. Is dat je fiets? Woon je ver weg?’
Wat ik antwoord hoort hij niet. Hij heeft de deur al dichtgedaan.


Dit artikel delen?

Graag je mening (waardering en/of commentaar) over deze inzending.
Schrijvers stellen je waardering en/of commentaar bij een artikel erg op prijs!

Je waardering voor een artikel

Hits: 78

3.55

(De gemiddelde waardering is 3.5 door 4 stem(-men)

Login of registreer (gratis) om een reactie te plaatsen

Misschien wil je de volgende inzending ook wel lezen...

Laatste eerbetoon

Geschreven door ©Inspiratiewater EE. Geplaatst in 55 woordenverhaal.
De oude merel is dood. Wekenlang fiedelde hij rond in de tuin. Ik weet zeker, dat het steeds dezelfde merel was, ook al lijken alle merels op elkaar. Ik ga hem straks ...
Actuele Top 3 van deze rubriek

Even iets anders in deze onzekere tijd.

23, mrt, 2020 Harry Boerkamp

Stink ik soms?

09, apr, 2020 Han Maas

De verjaardag

13, mei, 2020 Jeroen Follens
 
Periodiek verwijderen we 'oudere' inzendingen o.b.v. geen of lage waarderingen door bezoekers. Door een waardering (1-5 sterren) te geven bepaal jij dus mede de continuïteit in publicatie van een inzending!