Voor schrijvers, door schrijvers
971 inzendingen in deze rubriek

Ook jouw tekstbijdrage is welkom en meedoen is gratis.

Kort verhaal

Een kort verhaal kenmerkt zich doordat de handelingen, gedachten en gesprekken van de personages zijn georganiseerd in een plot van komische, tragische, romantische, satirische of nog andere aard.  Een kort verhaal is altijd een compleet en zelfstandig leesbaar verhaal. Dus geen vervolg! In deze schrijfactiviteit is ook ruimte voor reisverhalen.
 
KLIK HIER om naar flitsverhalen te gaan.
Klik hier
Eerst inloggen of (gratis) aanmelden s.v.p. om je artikel in te zenden.
(klik op de button om in te loggen of je aan te melden)

308 Hits

Publicatie op:
Over spijt en kippentenen
Het is half vier in de ochtend. Op straat is het stil. Ik rijd op het oude barrel van mijn vrouw naar de Rokerij.
Chappie staat er al, evenals Drum, Dallum en Snieder.
'He, is de chef er al?' Vraag ik, om mij heen kijkend. Ik neem mijn werklaarzen, visjas en haarnetje en trek alles aan. Allemaal voor de hygiëne.
'Jup, die is er. Hij heeft weer het hele weekend doorgehaald,' antwoordt Dallum droogjes.
'Maar natuurlijk. '
Dallum slaat bemoedigend met zijn zware hand op mijn schouder en verdwijnt met mij in zijn kielzog via de steile trap naar beneden. 
We werken diep in de buik van het gebouw, zo'n vier meter onder de grond. Er zijn geen ramen, alleen kunstlicht. Het is er altijd fris. De ideale temperatuur in de kelder is ongeveer acht graden boven nul. Dat is het beste voor de vis.
 
Dik Naat staat bij de kraan. Het is een geavanceerd kraantje met een oog waar je je been voor moet houden. Het water gaat vanzelf lopen. Dik schuifelt onbeholpen heen en weer. Ik weet al waar de schoen wringt. Hoe vaak ik hem al uitgelegd heb hoe het kraantje werkt, het is en blijft zinloos. Daarom ben ik er maar mee opgehouden.
Dit keer blijf ik achter hem staan wachten en zie dat er geen water uit de kraan stroomt. Toch doet Dik net alsof hij wel degelijk zijn handen wast, die hij daarna afveegt aan zijn reet. De stof van de broek rond zijn kont ziet zwart en vet. Ik haal mijn schouders op. 

De chef staat op de werkvloer. Meestal probeer ik hem zoveel mogelijk te vermijden, al lukt dat niet altijd.
'Help jij vanmiddag even bij de aal?' Vraagt hij, wijzend op de ruimte achter ons. Zijn rechteroog trekt en het dunne haar zit slordig. Ik zie gele vlekken op zijn schort.
Tegenwoordig is het verplicht de aal te electrocuteren, want dat is humaner dan op de oude manier. Aaltjes zijn vrij moeilijk te doden. Vroeger werden ze in een bak zout gelegd zodat ze hun slijmlaag verloren, waarna we vervolgens een sloot heet water over hen heen gooiden. Ik vind het elektrocuteren er niet echt diervriendelijker uitzien, maar de inspectie heeft dat zo opgelegd.

Snieder komt naast ons staan.
'He chef,' zegt hij nerveus. 
'Kan ik eerder weg vandaag, de hond is ziek en hij moet naar de dierenarts.' Snieder is sinds een jaar gescheiden. Zijn vrouw had een ander en de kinderen gingen bij haar wonen.
'Wat? Die kuthond? Waarom geef je die geen spuitje? Wat moet je nou met zo'n kuthond?' Antwoordt de chef. Snieder buigt zijn hoofd en kijkt naar de grond. Hij is twee meter lang en één en al spieren. Toch heeft ie een klein hartje.
'Kom Snieder,' zeg ik sussend, 'luister hier maar niet naar.'  
Ik trek hem mee naar de diepvries. Snieder neemt dagelijks de kippentenen voor zijn rekening.
Hij pakt de zware dozen, die tien kilo per stuk wegen, uit de vriezer en sjouwt ze naar de werkvloer. De tenen zijn meestal zo diepgevroren dat ze volledig ineengestrengeld zitten. Om ze los te wrikken rammen we eerst een paar keer hard met de dozen op de vloer.
Voornamelijk Chinezen bestellen de kippentenen. Ze frituren ze en knabbelen aan het bot. In Azië zijn kippentenen een heuse delicatesse.

Snieder kijkt boos. 
'Ik ga echt wat anders zoeken,' mompelt hij.
'Ja,ja,' zucht ik. Dat zegt hij elke dag. Soms zegt hij het wel tien keer. Maar hij doet het nooit. Dat weten we allebei.
'De lul,' gromt Snieder weer. 
'Hij zit op het kantoortje,' merk ik op. Snieder kijkt om. De lamellen zitten dicht. 
'Die kijkt weer porno.'
'Of hij slaapt.' We zijn even stil.
'Het is bijna acht uur. Dan hebben we zo pauze,' zegt Snieder na een tijdje, haast lachend.
Je kunt hem al gauw blij maken met een dooie mus.

Toen ik van het Atheneum kwam, wilde ik werken. Ik wilde zo snel mogelijk veel geld verdienen. Het was mijn droom een eigen huis te bezitten. Toen ik net van school kwam was ik achttien. Nu ben ik bijna veertig. Dat is behoorlijk oud. Maar helaas ben ik nog lang niet zeventig.

Feedback voor schrijfactiviteiten

Review voor: "Over spijt en kippentenen"

29.09.20
  • Schrijfkwaliteit
    4.0/5
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig

Heb je deze al gelezen?

  • Een warme trui (139) Ruud van Didden 28-12-2020

    27 juli 2020 stierf mijn moeder, na een lang ziekbed. Kanker. Onlangs pakte ik een trui uit mijn kledingkast. Een trui die daar nog door haar is neergelegd. Perfect gevouwen, perfect gestapeld op...

    Lees meer: Een warme trui