Voor schrijvers, door schrijvers

Kort verhaal

Over lijken
Inzendingen: 881
Een kort verhaal kenmerkt zich doordat de handelingen, gedachten en gesprekken van de personages zijn georganiseerd in een plot van komische, tragische, romantische, satirische of nog andere aard.  Een kort verhaal is altijd een compleet en zelfstandig leesbaar verhaal. Dus geen vervolg! In deze schrijfactiviteit is ook ruimte voor reisverhalen en flitsverhalen.
 
 "Het meest beknopte en sprekend voorbeeld van een flitsverhaal is het verhaal dat Ernest Hemingway schreef.
" Te koop: babyschoenen. Nooit gedragen."

Over lijken

Over lijken

Als de tweede glazen schuifdeur zacht zoemend achter Mark sluit, is de geur het eerste wat hem opvalt. Even staat hij stil. Uit eindeloos gerecirculeerde lucht is ook het laatste restje leven klinisch weg gefilterd, het is dode lucht die het hier aanwezige leven niet langer rekt. Dodere lucht nog dan die in het ziekenhuis, waaraan hij eindelijk gewend was geraakt. Hoe overleef je hier in hemelsnaam?

Dan stapt hij daadkrachtig door de ruime hal. Een hoog wit plafond, witte wanden, en zijn blauwe brogues op witte vloertegels, deze wereld is wit. Uitzondering is de magere groene plant die zijn levenssap zuigt uit roodbruine hydrokorrels in een grote witte pot. Enorme raampartijen bieden uitzicht op de bonte wijde wereld - maar waarom zou je hier nog de moeite nemen naar buiten te kijken? Of is dat misschien juist het enige wat de mensen hier nog willen: naar buiten kijken, naar die levende stad waarin ook zij ooit hun rollen speelden. Staren door die grote glasvlakken, beplakt met kleurige stickers om de vogels te vrijwaren van een wisse dood.

Vanmorgen zat hij in een gewichtig overleg, ze waren met een grote overname bezig. Natuurlijk hadden ze hem op die zaak gezet, want ‘Mark gaat over lijken,’ lachte de CEO tevreden. Mark had ervan genoten. Ook daarna had hij niet willen vertrekken, maar na het boze telefoontje van zijn zus volgde de lange eenzame rit in zijn gloednieuwe auto. Tegen zijn gewoonte in reed hij nergens harder dan honderd.

En nu voelt Mark zich misplaatst in deze witte wereld, met zijn vlotte pak, attachékoffertje en bonte stropdas. Veel liever was hij niet gekomen. Evengoed vertelt de dame achter de balie hem waar hij moet zijn, vroeg of laat is iedereen hier welkom.

Nadat hij de lift uit is, loopt hij een gang door. De witte muren zijn versierd met tijdloos abstracte schilderijtjes als in een goedkoop hotel, de felle kleuren dringen zich geluidloos op als schreeuwerige cartoonfiguren. En ook hier die levenloze lucht. Hij passeert een tegemoetkomende verpleegster en vraagt zich af: wat voor mens moet je zijn om dit werk te kunnen doen?

Dan herkent hij het kamernummer, zucht en stapt naar binnen. Zij ligt in bed, haar hoofd van hem weggedraaid, naar het raam. Een infuusslang verdwijnt in haar te ruime mouw en het linkerpootje van haar bril werpt een schaduwlijntje op haar perkamenten slaap. Zij ziet hem niet, en verwacht hem misschien niet eens meer. Mark kan nog terug. Minutenlang kijkt hij hoe bewegingsloos zij daar ligt. Zou ze al…

‘Hallo, moeder.’

Ze reageert niet op zijn woorden, niet op zijn stem. Mark zet zijn koffertje tegen de muur, loopt langs het voeteneind en plaatst zichzelf tussen haar en haar uitzicht. Ze lijkt hem niet gewaar te worden. Hoe kan hij de draad oppakken? Moet hij die wel oppakken? Kan hij nog steeds weg, of heeft ze hem toch al opgemerkt?

‘Hallo, moeder.’

Nu slaat ze haar ogen op. Een gearticuleerde zucht ontsnapt aan haar keel, ze komt adem tekort. Zijn zus had hem aan de telefoon al gewaarschuwd dat ze nauwelijks meer praten kan, het gaat nu snel. Uit haar expressie maakt hij bar weinig op. Is ze blij hem te zien? En maakt hem dat wat uit? Zijn armen hangen langs zijn lichaam, hij verplaatst zijn gewicht van de ene voet naar de andere. Wat moet hij in godsnaam tegen haar zeggen, wat valt er nog te bespreken sinds die laatste keer? Moet hij haar vergeven voor de uitbrander die ze hem gaf? Of bedanken voor al die jaren daarvoor? Of zijn misschien de rollen omgedraaid? Hij heeft het immers gemaakt, tegen al haar preken in. Bakken geld verdient hij met zijn drukke baan, onafhankelijk en bikkelhard is hij geworden, dat is toch wat ze altijd van hem wilde? Niet meer het doetje van weleer, het moederskindje. En toch heeft hij het nooit goed kunnen doen. Dat wist ze tijdens hun vorige ontmoeting weer héél duidelijk te maken.

‘Maar Truus! Wat is dit nou?’ Een kleine verpleger die zojuist de kamer is binnengestapt trekt een beteuterd gezicht, moeder wendt langzaam haar hoofd in zijn richting.

‘Heb je herenbezoek? Wat hebben wij nou nog samen?’ De verpleger met zijn slordige baardje gaat zitten op het voeteneind, pakt zijn moeders hand en knijpt er zachtjes in. Hij neuriet, Mark herkent er een liefdesliedje in. Haar ogen vernauwen en haar mondhoeken krullen. Mark ziet zijn moeder lachen, lachen naar een vreemde. Hij voelt een steen achter zijn borstbeen.

‘Maar serieus, als ik geweten had dat er kapers op de kust waren, dan had ik je wel tijdig geschaakt, hoor!’

Ze giechelt, als een meisje. De kleine verpleger knipoogt en aait haar over het hoofd, ze straalt. Dan werpt hij een goedkeurende blik op het infuus en als hij weer van het bed opstaat, ziet Mark in die beweging iets ongemakkelijks. De verpleger loopt naar de deur, met zijn klompvoet.

‘Klaas?’ Het is eruit voor Mark er erg in heeft, de verpleger draait zich naar hem om.

‘Ben… bent u Klaas? Klaas van de Akker?’ De steen achter zijn borstbeen barst.

‘Ik… Jezus, Klaas. Dat ik jou ooit nog zou zien, ik bedoel, hoe gaat het met je. Hoe is het je vergaan al die tijd, sinds wij… samen… je weet wel, sinds de lagere school…’

Klaas Klomp Klaas Klomp, wat loop jij lomp! Mark voelt het bloed in zijn wangen stijgen.

De verpleger trekt een mondhoek op en antwoordt: ‘Mark, het gaat nu niet om mij. Jij bent hier voor je moeder.’

Klaas beent de gang in, Mark blijft sprakeloos achter bij zijn zwijgende moeder. Ze kijkt naar buiten, lacht niet meer, heeft weer die uitdrukkingsloze blik op haar gezicht. Mark kust haar voorhoofd.

‘Dag, moeder.’

Dit artikel delen?

Vincent van Gils

Avatar
Meer van deze schrijver:

Publicatie op .
Hits: 76

geef een waardering voor: "Over lijken"

Geschreven door Vincent van Gils . Geplaatst in Kort verhaal.
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
13.11.20
Feedback:
Je verhaal schetst mooi het onvermogen tot communiceren van de ‘geslaagde’ harde zakenman en zijn knagende frustratie daarover, terwijl zijn vroegere, minderbedeelde klasgenoot overloopt van empathie, plezier aan zijn werk beleeft en zijn vreugde overbrengt bij zijn patiënt.
De zin ‘Mark, het gaat nu niet om mij. Jij bent hier voor je moeder.’ vind ik iets te belerend klinken uit de mond van de bescheiden verpleger.
Ik hoor hem eerder iets opgewekts of vriendelijks over de moeder vertellen tegen haar zoon waaruit dan vanzelf kan blijken dat Klaas de schoolperikelen al lang ontgroeid is, zijn weg gevonden heeft en moreel boven Mark staat.
Grammatica & Spelling:
Goed
  • Lezenswaardig:
    100%
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
08.11.20
Feedback:
Altijd weer moeilijk om een kort verhaal te schrijven, waarin je het liefst alles kwijt wilt.
Ook ik loop daar vaak tegenaan hoor.
(Als ik bijv. 1000 woorden mag gebruiken, heb ik ze meestal allemaal nodig of erger ik kom er tekort!)
Schrappen van de bijzaken. Kill your darlings.
Zo vreselijk... maar dat is mijn tip.
Ik heb je verhaal zeker met plezier gelezen en we leren van elkaars verhalen en feedback.
Grammatica & Spelling:
Goed
  • Lezenswaardig:
    100%
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
  • Vincent van Gils 09.11.20
    Bedankt, Louise, herkenbaar. Soms zie ik deze site als een vorm van lotgenotencontact .

Jouw feedback hier?

Dat is mogelijk met een waardering en/of jouw commentaar te geven.
Ook kun je reageren op commentaar van anderen.
 
Emoticons: ;o = wink:d = bigsmile, :-$ = blush, (^) = cake, (h5) = clapping, 8) = cool, ;( = crying, (x) = handshake, :? = thinking, (hartje) = heart
 
Periodiek verwijderen we 'oudere' inzendingen o.b.v. geen of lage waarderingen. Door een waardering te geven bepaal jij dus mede de continuïteit in publicatie van een inzending!