T.g.v een storing zijn er mogelijk problemen bij bepaalde gebruiksmogelijkheden. We onderzoeken momenteel de oorzaak en werken aan een oplossing. Onze excuses voor het ongemak.

Kort verhaal

Een kort verhaal kenmerkt zich doordat de handelingen, gedachten en gesprekken van de personages zijn georganiseerd in een plot van komische, tragische, romantische, satirische of nog andere aard.  Een kort verhaal is altijd een compleet en zelfstandig leesbaar verhaal. Dus geen vervolg! 
Fragmenten uit gepubliceerde manuscripten of vervolgverhalen zijn niet toegestaan en verwijderen we! Bij een kort verhaal geven we de voorkeur aan maximaal 1000 woorden.

Ga s.v.p. naar het overzicht van deze schrijfactiviteit om ook jouw verhaal/gedicht toe te voegen.

194 Hits

Publicatie op:
Henri en de poeshond

Henri lag in zijn kamer te luisteren naar zijn ouders.

Ze hadden het over de linksen en de rechtsen, over de Chinezen en de Amerikanen, en over de buren. Mama begreep papa niet, papa begreep mama niet en Henri begreep geen van beiden.

Tijd om naar de Gozze te gaan.

Henri kroop over het achterpoortje en liep door de velden tot bij de Gozze.

Als Gozze niet thuis was, moest je aan de klok trekken. Maar Gozze was thuis.

Deze keer had hij een hond bij.

Wie is dat? Vroeg Henri.

Dat is Rico. Rico is een heel speciale hond en miauwt.

Waarom doet hij dat? Vroeg Henri.

Rico is een meisje, maar de meeste mensen denken altijd dat een hond een mannetje is en een poes een vrouwtje. Enfin, haar echte moeder is overreden, en Rico werd grootgebracht bij de poes van Tenke Ortance.

Waarom haal je haar nu weg bij haar tweede moeder?

De poes van Tenke Ortance is een kater. Hij was de tweede vader van Rico. Maar nu is Rico te oud om bij de poes in de mand te liggen. Bovendien wordt het tijd dat ze leert blaffen.

Mag ik haar aaien?

Ja, maar wel met je linkerhand. Aan je rechterhand hangt een horloge, en Rico kan niet tegen horloges.

Henri aaide Rico, die stilletjes begon te miauwen.

Toen Henri thuis kwam stond het eten op tafel. Hij at de lasagne en zette zijn bord in de afwasmachine.

Hij ging naar zijn kamer en probeerde Rico te tekenen. Voordat hij ging slapen kwamen mama en papa voor een nachtzoen.

Wat heb je nu getekend? Vroeg papa. Dat is een mooie poes.

Dat is geen poes, dat is een hond, Zei mama boos.

Ze begonnen te discuteren of het een poes of een hond was.

Henri stond recht en riep: Dat is Rico. Rico is een poeshond.

Mama glimlachte, maar toen ze naar beneden ging op de trap, hoorde Henri haar zeggen: dat kind heeft teveel verbeelding, misschien moet hij minder naar Gozze gaan.

 

De volgende dag was zaterdag.

Henri stond op en ging naar de Gozze. Niet zozeer voor de Gozze zelf, maar voor Rico.

Mag ik er mee gaan wandelen?

Goed, zei Gozze. Maar enkel aan de leiband.

En moet ik die dan in mijn linkerhand houden? Vroeg Henri.

Nee, zei Gozze, ze houdt zelf haar leiband vast in haar mond.

Maar dan dient die leiband toch helemaal tot niets? Vroeg Henri.

Toch wel, zei Gozze, je zult wel zien, en ze gingen samen wandelen.

Welke dag is het vandaag? vroeg Gozze.

Vandaag is het zaterdag, zei Henri.

Ooh, ik dacht dat het zondag was, antwoordde Gozze. Voor mij zijn alle dagen zondag.

Ze kwamen in het park, waar de parkwachter rondliep.

Hij was een gepensioneerd militair, vijftig jaar en officieel afgeschreven.

Maar omdat hij zijn waardigheid wou behouden, nam hij als vrijwilligerswerk de taak van parkwachter op zich.

Ze passeerden de parkwachter en die ging in macho houding staan en zei: HEY, honden moeten aan de leiband.

Wel, is dat geen leiband dan? Vroeg Gozze

Hmmm, goed dan, gromde de parkwachter.

Ze wandelden verder en Henri vroeg: wat doet een parkwachter eigenlijk?

Die wacht op zijn park, antwoordde Gozze en ze gingen naar huis.

Gozze woonde in een bouwvallig huis. Hij had een spinnenweb van een kubieke meter in zijn huis.

Waarom doe je dat spinnenweb niet weg? vroeg Henri.

Dat houdt de saaie mensen weg, antwoordde Gozze en hij rookte een pijp.

Mama vraagt zich af wat ik hier kom doen.

Zeg haar maar dat we filosoferen.

Wat is filosoferen? Vroeg Henri.

Dat is filosoferen. Zei Gozze

Wat dan?

Vragen en antwoorden. Zei Gozze, en nu moet ik dringend de planten water geven.

 

De volgende dag ging Henri weer vroeg naar Gozze.

Wat ga je doen? Vroeg mama.

Ik ga filosoferen met Gozze, antwoordde Henri.

Gozze was niet thuis en Henri trok aan het touw van de klok.

Het duurde een hele tijd eer Gozze kwam.

Waar bleef je zolang? vroeg Henri.

Ik had een discussie met mijnheer pastoor. Hij wil dat ik mijn klok verwijder.

Want als de mensen op zondag mijn klok horen, denken ze dat het die van mijnheer Pastoor is en dat ze naar de mis moeten.

Vervelend, zei Henri. Heb jij geen smartphone? Dan kan ik je bellen.

Nee, dat heb ik niet, antwoordde Gozze, en hij staarde in de verte.

Waarom niet? Vroeg Henri.

Wel, zei Gozze, als jij met Rico wil wandelen of haar aaien, dan bel je haar toch niet op?

Nee, je komt naar hier en aait haar en wandelt met haar.

Als je mij wilt zien, moet je naar hier komen. Zo’n telefoon, dat is voor drukke mensen.

Ik kan ook een kerkuil nadoen, zei Henri.

Mmm, misschien heeft mijnheer Pastoor ook daartegen een bezwaar, maar we kunnen proberen.

Henri deed een kerkuil na en Rico begon te miauwen.

OK, zei Gozze, we doen het.

Ze filosofeerden nog wat en Henri ging weer naar huis.

’s Avonds deed hij zijn raam open en deed een kerkuil na.

Heel zeker was hij niet, maar het was precies alsof hij Rico hoorde miauwen.

 

De volgende dag ging hij direct na school naar Gozze.

Gozze was boos. Je hebt gisterenavond een kerkuil nagedaan. Dat moet je niet meer doen.

Rico heeft de ganse avond gemiauwd. Henri keek naar beneden en was beschaamd. Maar eigenlijk was hij ook fier dat hij contact had met Rico.

Gozze merkte het en zei: als je eenzaam bent, wacht dan tot je een vliegtuig hoort.

Waarom? Vroeg Henri.

Als jij een vliegtuig hoort, hoort Rico het ook.

Zo horen jullie hetzelfde vliegtuig. Dat schept een band.

Ok, afgesproken zei Henri en ze wachtten tot ze een vliegtuig hoorden.

Henri en Rico keken elkaar aan en ze wisten dat ze verbonden waren.

Ben jij voor de linksen of voor de rechtsen? Vroeg Henri

Ik stem blanco, antwoordde Gozze.

Wat is dat?

Wit.

Later ga ik ook blanco stemmen.

Toen Henri wegging miauwde Rico.

Hij wou teruggaan, maar ging toch verder.

HEY, riep Gozze, Henri: Rico riep je. Je bent je boekentas vergeten.

Henri kwam terug en Gozze zei: gelukkig is er Rico nog. Of je kon nu je huiswerk niet maken.

Toen Henri thuiskwam, discuteerden zijn mama en papa weer over de linksen en de rechtsen.

Ik stem later blanco, zei Henri.

Dan ben je voor iedereen, zei mama.

Nee, dan ben je tegen iedereen, zei papa.

Henri ging naar boven. Eigenlijk was er geen verschil tussen mama en papa. Ze discuteerden graag.

Henri hiel meer van filosoferen.

Dat kind lijkt wel vervloekt, hoorde hij mama zeggen.

 

Op dinsdag sloeg Henri een dagje over, ook omdat hij voor zijn toets taal moest leren, maar woensdagnamiddag ging jij onmiddellijk na school naar Rico.

Het viel hem op dat hij naar Rico ging, en niet naar Gozze. Gozze was ook belangrijk, maar Rico was toch zijn beste vriend. Of vriendin. Gozze is mijn beste vriend, en Rico is mijn beste vriendin, besloot hij.

Toen hij aankwam bij Rico zat Gozze te grommen.

Wat doe je?

Ik leer haar blaffen, antwoordde Gozze.

Niet doen! Zei Henri. Rico miauwt en dat moet zo blijven.

Hmmm, ik weet het niet, ze spreekt poezentaal, maar kan ook hondentaal leren.

Spreek jij dan hondentaal? Vroeg Henri.

Natuurlijk, antwoordde Gozze.

Wat zeg je dan?

Ik weet het niet, maar zij verstaat het.

Dat is onzin, zei Henri. Kan je geen tweede hond kopen?

Nee, antwoordde Gozze, dan moet ik dubbel zoveel hondeneten kopen.

En ik krijg van mama en papa geen hond… zei Henri.

Ze staarden stilzwijgend voor zich uit, tot Rico miauwde.

Mama denkt dat ik vervloekt ben, zei Henri plots.

Hmmm, zei Gozze, dat zou kunnen.

Wat kan je daartegen doen? Vroeg Henri bang.

Hmmm, zei Gozze, ik heb geen slangenantigif in huis, maar ik ken wel een universele tegenvloek.

Dat is ook goed zei Henri.

Gozze stak wierook aan en zei: Wie sprak deze vloek, man of wijf. Draai dan 070245245. Wie is deze geest? ga uit dit lijf.

Henri begon te draaien, liet een windje en begon te zweten.

Toen begon Rico te miauwen en ze maakten nog een wandelingetje.

 

Donderdagavond kwam Henri met een wel heel persoonlijke vraag.

Gozze, heb jij vroeger een vrouw gehad?

Dat kan ik me amper herinneren.

Ging jij dan naar de hoeren?

Wablieft?

De meisjes van plezier.

Jongen, daar ben jij nog veel te jong voor.

Je antwoordt niet.

Het enige hoerenkot waar ik ooit geweest ben was dat van Pompeï, en dat was al 2000 jaar gesloten, gromde Gozze.

Oef, zei Henri, want ik zou niet willen dat je ziektes hebt.

Heb jij wel eens een meisje gekust, vroeg Gozze?

Nee, antwoordde Henri een beetje beschaamd.

Toen kwam Rico en ze likte Henri op zijn mond.

Nu, dan is dat probleem al opgelost, lachte Gozze.

Ze gingen nog wat wandelen en filosofeerden over vrouwen in Pompeï.

Toen ze thuiskwamen toonde Gozze aan Henri een oude foto van een vrouw.

Wie is dat? Vroeg Henri

Dat is … dat is… sommige mannen bidden tot Moeder Maria en ik denk aan deze vrouw, zei Gozze zachtjes. De foto was helemaal blauw geworden en was minstens 50 jaar oud.

Dat is Anita, zei Gozze

Wie is Anita? Vroeg Henri.

Ik wacht op haar, zei Gozze, maar ze komt niet.

Misschien wacht zij ook op jou, zei Henri.

Dat zou best kunnen, zei Henri, en zijn gezicht klaarde op.

 

Vrijdagavond zat Gozze te wenen. Rico lag in een mandje, stil, en miauwde zachtjes.

Wat is er? Vroeg Henri

Rico is aangereden door een auto, en kan niet meer stappen.

Is ze lam? Vroeg Henri.

Dat weet ik niet, misschien heeft ze haar achterpoten gewoon gebroken of verstuikt.

Oei, wat nu? Bestaan er rolstoelen voor honden?

Dat is het! Riep Gozze. Dat is het!

Kom, we gaan naar de speelgoedwinkel.

Ze kochten een poppenkoets en stapten naar het huis van Gozze.

Rico lag nog steeds in haar mandje.

Henri wist niet wat het plan was, maar dat werd snel duidelijk.

Gozze haalde de achterste twee wielen met de wielas van de poppenkoets, knutselde een beetje, en na een uur was de rolstoel voor Rico klaar. Hij zette Rico met haar achterste op de wielen en ze wandelde door het huis.

Ze kwispelde met haar staartje en heel even dacht Henri dat hij haar hoorde spinnen.

Kom, we maken nog een wandeling om de rolstoel uit te testen.

Ze stapten naar het park. De parkwachter wist niet wat hij zag en krabde over zijn achterhoofd.

Ik heb al veel gezien, maar dit slaat alles, mompelde hij.

Is Rico nu aan het wandelen of aan het rijden? vroeg Gozze.

Rico is een wandelrijdende poeshond, besloot Henri. Hopelijk blijft ze nog lang leven.


Als een auteur geen behoefte heeft aan feedback verschijnt er geen review mogelijkheid.

Feedback voor schrijfactiviteiten

Review voor: "Henri en de poeshond"

© Lars Tanesy
12.11.20
Feedback:
Sprookjesachtig mooi verhaal. Suggestie voor de leesbaarheid: aanhalingstekens in de dialogen.
  • Schrijfkwaliteit
    5.0/5
Show more
1 van de 1 lezers vond deze review nuttig
11.11.20
Feedback:
Bijzonder verhaal, maar met plezier gelezen. Is het Gozze of de Gozze?
  • Schrijfkwaliteit
    4.0/5
Show more
1 van de 1 lezers vond deze review nuttig

In elke boekenwinkel: