Voor schrijvers, door schrijvers
Kort verhaal

Kort verhaal

Aantal gepubliceerde inzendingen: 649

Fotolijstje

Eén of ander fotolijstje wil ze hebben. Nu. Die heeft ze nu nodig. Zo snel mogelijk, zegt ze, want maandag - vandaag is het vrijdag - wil ze hem terugbrengen. Nu! Maar hoe komt ze er dan aan? Gekregen. Van een cliënt, die nu dementie heeft. Eigenlijk mag je geen cadeaus aannemen van cliënten, maar hij drong zo aan. Mijn moeder deed het toch. En nu zeker een jaar later, terwijl m'n ouders al gescheiden zijn en zij dus ergens anders woont, moet ik gaan zoeken naar een fotolijstje. Ik loop de trap op naar de donkere hal op zolder en doe het licht aan. Bij welke doos zal ik beginnen? vraag ik mezelf af. Duizend dozen. Allemaal opgestapeld. Ik pak er één van de stapel en open hem. Geen fotolijstje.

Ik kijk nog in een andere doos voordat ik me realiseer dat het zo geen doen is.

Volgende dag: of ik NU kan komen en dat ik het fotolijstje niet vergeet. 'Ik ben nu thuis,' zegt ze. Ik vraag het m'n vader, of die het fotolijstje gezien heeft.

'Zegt me niets,' zegt die, terwijl het fotolijstje vorige week nog in de woonkamer stond. 'Misschien in de schuur, of in één van de dozen.' Natuurlijk niet in de schuur, denk ik, dus ik de trap weer op en neem een zaklamp mee. In de eerste doos zat hij niet. In de tweede ook niet. En een paar dozen later denk ik: Verdomd, misschien toch in de schuur, maar als ik, nadat ik alle verhuisdozen heb verhuisd, een doos vind met 'breekbaar' erop, vind ik het fotolijstje. Verdraaid, denk ik.

Ik stuur een foto door naar m'n moeder van het lijstje om te kijken of het de goede is. Maar dan zie ik een berichtje verschijnen: 'Ik ga nu boodschappen doen. Tot zo.' Ze laat me een uur wachten.

Als ik dan eindelijk onderweg ben met het fotolijstje in m'n fietstas, nadat ze heeft gezegd dat ze weer thuis is, belt ze me. Wanneer ik kom. Of ik NU kom. Ik zeg dat ik NU kom. Sterker nog: ik ben al onderweg, denk ik haastend. Ik versnel over het lelijke straatweggetje en verbaas me over haar haast, alsof ze hem écht nu nodig heeft, terwijl ze hem maandag pas wil brengen. Ik denk aan de dementerende cliënt waar mijn moeder altijd schoonmaakt, en vraag me af waarom er altijd spullen worden gegeven aan mijn moeder, en waarom ze ze aanneemt, terwijl iedereen altijd wordt gevraagd geen spullen aan te nemen. Dat weet ze zelf ook. Dat had ze me een keer verteld.

Bij de bocht, die ik nietsvermoedend en onschuldig neem, ook al rijd ik haastend en onoplettend, een auto die tegen me aanbotst. 'Godverdomme!' schreeuw ik vallend en verongelijkt. Hij rijdt veel te snel natuurlijk. En de bestuurder rijdt gewoon door, zonder om te kijken. Ik til m'n fiets op en kijk achter me, naar de auto en als die een hoek om is naar m'n fietstas, en zie het fotolijstje in scherven in m'n tas - die had ik er dan wel nog omheen als bescherming. Ik haal hem eruit. De verschillende scherven vallen in stukjes uiteenspattend op de weg naast me, verspreid over de straat. De foto is nog heel: ik en mijn moeder, drie jaar geleden. Neem ik die mee.
Dit artikel delen?
Auteur: ©Eduard Brand
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
Hits: 300
Publicatie op .
 
  Meer van deze schrijver:

Geef een waardering voor: "Fotolijstje"

Geschreven door Eduard Brand . Geplaatst in Kort verhaal.
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.

Jouw feedback hier?

Dat is mogelijk met een waardering en/of jouw commentaar te geven.
Ook kun je reageren op commentaar van anderen.
 
Periodiek verwijderen we 'oudere' inzendingen o.b.v. geen of lage waarderingen. Door een waardering te geven bepaal jij dus mede de continuïteit in publicatie van een inzending!