SCHRIJFACTIVITEIT: KORT VERHAAL

Een kort verhaal kenmerkt zich doordat de handelingen, gedachten en gesprekken van de personages zijn georganiseerd in een plot van komische, tragische, romantische, satirische of andere aard.  Een kort verhaal is altijd een compleet en zelfstandig leesbaar verhaal. Fragmenten uit gepubliceerde manuscripten of vervolgverhalen zijn niet toegestaan!
Bij een kort verhaal geven we de voorkeur aan maximaal 1000 woorden.

Klik voor meer schrijfactiviteiten in het menu op SCHRIJFACTIVITEITEN.

Ereplaats

Publicatie: 17.12.2021 | Monique Cunnen

Bij de entree van de handboogvereniging hoor ik rechts een kakofonie van stemmen en gerinkel van glazen en kopjes. Met bonzend hart glip ik links de kamer in. Niemand. Ik sluit de deur en voel me de indringer die ik ook ben. Maar ik wil je een laatste keer zien, hier op je vertrouwde plek bij de club. Het valt me van haar mee dat ze deze locatie heeft gekozen.
De ruimte met schietschijven is leeggemaakt. Alleen jouw witte kist staat in het midden van de kamer, een ereplaats. De bekleding is van satijn. Roomwit. Het moet haar smaak zijn, net als de zoetgevooisde muziek. Ik bekijk je glanzende schoenen. Jij droeg altijd afgesleten gympen. Langzaam laat ik mijn blik verder omhoog glijden en herken je pak van de begrafenis van onze docent Sociologie, waarschijnlijk jouw enige pak. Een stropdas ontbreekt, goddank. Ik herinner me hoe ongeduldig jij je verloste van de stropdas na afloop van de kerkdienst. Dat het pak nog past na al die jaren. Me schrap zettend, kijk ik naar je gezicht. Bijna lach ik opgelucht. Je bent het niet.
Ik zoek de herkenning rondom je ingevallen ogen, loop om je heen en concentreer me op je neus. Een forse neus die me geen ruimte geeft om mezelf voor de gek te houden. Ik slik tegen de brok in mijn keel. Je rode wangen, die je jonger maakten dan 35 jaar, zijn verdwenen. Een getrimde baard. Getrimd! Uit luiheid schoor je je vaak een weeklang niet.
Maar wat weet ik ervan. Ik zag je voor het laatst voor mijn vakantie, dus zeker meer dan acht maanden geleden. Waarom lieten onze agenda’s het niet toe elkaar vaker te zien? Niet aan denken nu. Je zei het zelf: ‘Het belangrijkste is dat als we de kroeg induiken, het altijd lijkt alsof het gisteren was.’ Je vrouw belde jou geregeld op tijdens onze avondjes uit. Ik hoop nooit zo jaloers te worden. Ze had er geen reden toe. Gelukkig trok jij je van haar jaloersheid niets aan. Hoogstens keek je geïrriteerd als haar naam voor de zoveelste keer op je mobiel verscheen.
Zo zonder bril oogt je gezicht kwetsbaar. Ik streel je wang, wil er nog liever in knijpen om hem kleur te geven, en ril wanneer ik je koude huid voel. Zou je al een tatoeage hebben? Toen jij gedetailleerd over je ideeën mailde, antwoordde ik nog dat je een vroege midlifecrisis ook minder permanent kunt aanpakken.
De initialen in het krantenberichtje moesten van iemand anders zijn. Natuurlijk waren ze van iemand anders. Jij kon onmogelijk juist daar rijden waar de spookrijder was. Maar de rouwadvertentie brak zelfs míjn geloof. De voetstappen op de gang klinken dichtbij. Ik hou mijn adem in en voel me misselijk. Dan sterft het geluid weer weg. Niet langer treuzelen.
Ik haal het briefje uit mijn tas en lees het zachtjes voor: Als ik ’s avonds laat in de tram zit, zal ik je hoofd op mijn schouder blijven voelen. Wanneer ik weer eens een grap maak, die niemand snapt, zie ik je grijns. En als ik drink, proost ik op jou. En op ons, want de dood is maar een woord. Ik neem je met me mee en ik hou je net zo stevig vast als toen je wankelde na te veel bier en je niet begreep waarom de grond onder je voeten bewoog. Ik adem diep in en uit, knijp mijn ogen dicht, open ze en zie hoe de dansende letters opnieuw hun plaats hebben ingenomen. Ik denk liever aan de keer dat je me in de collegezaal wakker porde en het antwoord toefluisterde op de vraag van de docent. We kenden elkaar niet eens. De dagen werden daarna lichter, waren nooit lang genoeg. Hoe donker en alleen het nu ook voelt, je blijft mijn vriend. Mijn beste vriend. Ik kan je arm om me heen bijna voelen en hoe je in mijn oor ‘softie’ fluistert.
Gehaast open ik de bovenste knopen van je overhemd. Ook nog een shirt, ik had het kunnen weten. Ik licht de stof op. Je bruine huid zo koud. Met mijn hoofd dicht bij je hals, kijk ik aandachtig naar je linkerborst. Vlug speur ik naar rechts en adem opgelucht uit. Ik schuif mijn briefje naar de juiste plek. Woord op huid. Ik strijk het papier glad, druk het ter bevestiging aan.
Mijn vingers trillen. Met moeite krijg ik de knopen dicht. Ik trek je jasje recht en buig me naar je toe om jouw wang te kussen. Het is meer een klapzoen, omdat ik de deur hoor opengaan.
‘Wat doe jij hier? Wie heeft jou in godsnaam binnengelaten?’ Ze komt met grote passen op me af en trekt me aan mijn arm. Haar nagels drukken scherp in mijn huid. Een zorgvuldig opgestoken lok valt voor haar oog. ‘Eruit. Nu!’ Ze trekt harder, ziet blijkbaar dan pas hoe de vrouw, die tegelijk met haar is binnengekomen, ons aangaapt en laat me los.
‘Gecondoleerd. Hij ligt er keurig bij.’ Met opgeheven hoofd loop ik weg. Zonder me om te draaien, trek ik de deur achter me dicht.
 Wanneer ik bij de auto ben, sluit ik vermoeid mijn ogen. Dit soort zenuwslopende acties zijn meer iets voor jou. Je knipoogt naar me, trots op mij en op je tatoeage.

WAARDERING

HITS:

246

AANGEPAST:

17 december 2021

Enthousiast over deze inzending? Deel je enthousiasme op sociale media m.b.v. onderstaande buttons.

Commentaar en/of waardering voor dit artikel:

Geef s.v.p. alleen 5 sterren als het werk perfect is en jij geen verbeteringsmogelijkheden ziet. Schrijvers stellen jouw tips en opmerkingen vooral op prijs.
Naar boven

Ook meedoen aan een schrijfactiviteit? Meedoen is gratis. We publiceren je inzending voor minimaal 12 maanden. Meedoen is mogelijk door eerst in te loggen en dan bovenin de pagina op de rode balk te klikken. Nog geen lid? Aanmelden is gratis.