Voor schrijvers, door schrijvers

Kort verhaal

Een kort verhaal kenmerkt zich doordat de handelingen, gedachten en gesprekken van de personages zijn georganiseerd in een plot van komische, tragische, romantische, satirische of nog andere aard.  Een kort verhaal is altijd een compleet en zelfstandig leesbaar verhaal. Dus geen vervolg! In deze schrijfactiviteit is ook ruimte voor reisverhalen en flitsverhalen.
 "Het meest beknopte en sprekend voorbeeld van een flitsverhaal is het verhaal dat Ernest Hemingway schreef.
" Te koop: babyschoenen. Nooit gedragen."
Aantal gepubliceerde inzendingen: 813

De Hond

                    Zij reageerde nauwelijks nog op vragen de laatste dagen; nauwelijks hoorbaar sluierde een reutelgeluid door de kamer telkens als zij ademde, onregelmatig in, enige tijd later zwakjes uit. Soms zag iemand, die diep over haar bed heen gebogen stond en vroeg:  “oma (of: mama ), wie ben ik?”  dat haar lippen moeizaam een naam probeerden te prevelen.  In huis heerste een onderdrukt geroezemoes. . Iedereen wilde bij haar sterven aanwezig zijn. In de gang en op de trap werd slechts gefluisterd, de gesprekken waren kort, meer bevestigingen voor elkaar van waarnemingen. Alleen beneden in de keuken, met de deur dicht, werd uitgebreider overlegd.

Men wilde aardig zijn voor iedereen: “Wil jij nog thee, koffie..?”  Maar het duurde te lang, ook “de laatste dagen” werden routine.  Hij drong er op aan dat iedereen weer bij zijn eigen thuis zou gaan slapen, hij zou waarschuwen als het zover was. En nu was het zover, hij merkte het duidelijk. Maar waar-schuwde niemand, stuurde niemand  om te vertellen over de laatste ontwikkelingen. Iedereen had afscheid genomen, wist hij. Soms had hun emotionaliteit hem heftig getroffen: hun liefde voor haar, de moeder, de oma..  Nu zat hij stil bij haar, zijn vrouw;  zij waren samen, alleen.

Hij had deze vrouw niet gekozen, maar zij hem, de branieschopper. Zij had veel over hem gehoord, de grensganger, met verhalen over zijn huzarentijd in het op Frankrijk veroverde  Lotharingen. Hij stond bekend als een op-schepper die  -dat wisten de mensen ook wel-  meestal voor elkaar kreeg wat hij beloofde. Zij was drieëntwintig toen zij in het dorp kwam en van hem hoorde. Wekenlang hield zij hem in de gaten, luisterde naar alle verhalen die over hem verteld werden,  over zijn werk, zijn ideeën en organisatiewerk voor het zangkoor en de toneelvereniging. Maar nooit had zij zijn nabijheid gezocht. Tot op dat  kermisfeest ‘s avonds in het dorp; zij loodste hem het dorpscafé uit, mee naar buiten en tot zijn verbazing hoorde hij: ”Wij trouwen samen, reken daar maar op.”   Wat hem nog nooit was overkomen, gebeur-de.  Geen enkel meisje, geen vrouw had hem ooit zo van zijn stuk gebracht. Hij was degene die uitlokte, flirtte en omgang en duur bepaalde. Zijn moe-der had hem op jonge leeftijd gewaarschuwd. “Pas altijd op voor vrouwen; voor je het weet bent je verkocht en kun je je toekomstplannen vergeten”. Zij had het hem op het hart gedrukt toen hij als zestienjarige uit huis vertrok voor een lange, ongewisse tocht langs slagers en worstmakers, ook ver van huis. Door als knecht ervaring op te doen bij een groot aantal slagers, zou hij zijn gilde-diploma behalen. Maar vooral wilde hij vakkennis die niemand in zijn eigen regio beheerste. De waarschuwing van zijn moeder had hij onthouden.  Het lag ook niet in zijn aard om zich te laten inpalmen: hij bepaal-de en hij stelde de grenzen. En toen verscheen deze vrouw. Zij waren allebei ruim twintig, waren allebei niet wereldvreemd. Altijd had hij zijn eigen koers bepaald, nuchter overwogen wat hij wilde en  wat niet.  En nu over-kwam het hem.  De ondernemer, de opschepper die steeds het initiatief naar zich toetrok, liet op die avond zijn dwarse kop rusten op haar schouder, nam toen haar hoofd tussen zijn handen en drukte een kus op haar haren. “Ik zie je nog wel”, had hij gezegd en was weggelopen.  Het kermisgewoel zocht hij niet meer op. Hij zocht de stilte van de nacht maar kon haar niet uit zijn gedachten zetten.

De volgende dag al ontmoetten zij elkaar weer in dat dorpscafé. Vrienden en bekenden riepen hem, wilden met hem drinken, vroegen of hij op tafel wilde gaan staan en een lied zingen, een voordracht geven  zoals hij vaak deed op feesten en bij partijen. Maar hij wees alles af, was stil en  binnen de kortste keren liep hij met Lisa, want zo heette ze, buiten. Ze zochten een stille plek waar ze gingen zitten. Het overrompelde hem wat er gebeurde: zij had hem veroverd en hij gaf zich vol overgave.  Deze vrouw zou hem accepteren zoals hij was, voelde hij – en dat was niet slechts zoals de buiten-wereld hem wilde zien. Zij had hem genomen en hij had zich overgegeven in een vertrouwen dat hem zelf verbaasde. Iedereen kende zijn invallen, zijn wil om het onmogelijke te proberen, voor  anderen zaken te regelen; om zijn grappen, verrassingen. Hij voelde dat deze vrouw hem, Karl,  accepteerde, ook zoals anderen hem niet kenden.   Zij spraken niet veel en hij gaf het initiatief uit handen, vol vertrouwen.

Al snel daarna had hij zijn plannen uitgewerkt en was voor haar een slagerij begonnen in een stad in Nederland, niet ver van zijn ouderlijke woning net over de Duits-Nederlandse grens. Grenzen stelden geen belemmering aan de mensen over en weer; men trouwde, bouwde, kocht en handelde alsof er geen grens bestond; en met de verschillende munteenheden wist men wel raad.  En snel daarna ook waren ze getrouwd. Nu, ruim vijfenveertig jaar later, keek hij naar haar magere, witte gezicht. Haar mond stond half open, haar ademen leek zacht rochelen, werd steeds onregelmatiger; er vielen grotere tussenpauzen.  Hij hield haar hand vast en vertelde, zachtjes, over bijzondere momenten uit hun leven. Hij kreeg geen enkele reactie en moest zijn emotie verbijten. Hij wachtte, waakte bij haar, de enige die in zijn leven meestal een rustpunt geweest was. Langzaam, merkte hij, viel alle bewegen, alle geluid van ademen weg; zij lag geheel bewegingloos. Met de buitenkant van zijn rechterhand voelde hij aan haar wangen en haar voorhoofd: zij was koud, onwezenlijk wit. Ook haar polsslag was geheel weggevallen.  Met een trage, zachte beweging sloot hij haar ogen. Ontmoedigd bleef hij naast haar zitten.

Tot de gangklok drie keer sloeg: het was kwart voor vijf in de morgen. De tijd gaat door, mompelde hij, alles gaat door. Maar de klokslagen klonken anders dan gewoonlijk; zo hol. Hij stond op, maakte een dienstmeid wakker en liet haar zijn oudste zoon melden dat moeder overleden was. En of hij zijn broers en zusters  op de hoogte wilde stellen. Daarop pakte hij de huissleutel, liep de deur uit en wandelde richting rivier de Maas. Een tijdlang bleef hij aan de oever staan; er lag een schittering over het water dat in de windstille morgen licht kabbelde. In de verte zag hij een stoomboot van Jansen-Boten, een bekend vrachtbedrijf.  Het dreef met de stroom mee. Toen ontkleedde hij zich helemaal, vouwde zijn kleren netjes op en legde ze in een stapeltje op de oever: precies zoals hij vroeger vaak gedaan had tot hilariteit van iedereen die het zag. In de stad werd met carnaval en bij vrolijke gelegenheden zelfs een liedje gezongen met als refrein: “De Hond, de Hond die maakt het bont, zwemt spiernaakt in zijn blote ….” en de zangers staken dan hun gezichten dicht bij elkaar en fluisterden lachend het rijmwoord. “De Hond”, ja, zo stond hij in de stad en omgeving bekend. Het had hem nooit geraakt. Hij had maling aan alles wat er over hem verteld en geroddeld werd. “Het is mooi dat er verhalen verteld en liedjes gezongen worden”, was zijn reactie. Even rilde zijn naakte lichaam toen het in aanraking met het water kwam. Hij liep tot zijn middel de stroom in, spatte wat water op zijn borst en zette zich toen af. Met kalme slagen zwom hij de rivier in, met de stroom mee. De ochtendzon achter zijn rug klom langzaam naar boven. Al snel zat er een traag ritme in zijn zwembewegingen. Hij zou wel zien waar hij uitkwam.

Dit artikel delen?
Auteur van dit artikel:
© ted dekkers
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
Hits: 322
Publicatie op .
 
  Meer van deze schrijver:

Geef een waardering voor: "De Hond"

Geschreven door ted dekkers . Geplaatst in Kort verhaal.
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
Grammatica & Spelling:
Passend in deze rubriek:

Jouw feedback hier?

Dat is mogelijk met een waardering en/of jouw commentaar te geven.
Ook kun je reageren op commentaar van anderen.
 
Periodiek verwijderen we 'oudere' inzendingen o.b.v. geen of lage waarderingen. Door een waardering te geven bepaal jij dus mede de continuïteit in publicatie van een inzending!