Voor schrijvers, door schrijvers
980 publicaties

Ook jouw artikel is welkom en meedoen is gratis.

Kort verhaal

Een kort verhaal kenmerkt zich doordat de handelingen, gedachten en gesprekken van de personages zijn georganiseerd in een plot van komische, tragische, romantische, satirische of nog andere aard.  Een kort verhaal is altijd een compleet en zelfstandig leesbaar verhaal. Dus geen vervolg! 

94 Hits

Publicatie op:
Anneke

"Verdorie! Echt nu?" Mijn trillende vingers krijgen het niet voor elkaar om de autosleutel in het slot te steken. Ik moet doen alsof alles normaal is en die auto starten. "Kom op An, je kan het!"
Als ik mijn trillende hand met mijn andere hand vasthoud lukt het. De auto start en ik rijd weg, onze straat uit. Zonder het te zien, weet ik dat Viktor mij door het keukenraam nakijkt.
Op een parkeerplaats bij de supermarkt zet ik de auto even neer om bij te komen.
Volgens mij heeft Viktor niets gemerkt. Waarom ook, hij heeft geen idee!
Ik heb het hem nooit durven vertellen. Hij was in staat geweest om haar op te sporen en contact te leggen om ons te verzoenen.

Het moet haar wel zijn, op die foto. Onze laatste ontmoeting, lang geleden, liep uit op een enorme ruzie. Daarna heb ik elk contact verbroken. Dat ze nu door de politie wordt gezocht, verbaast mij niet. Ze was altijd al de brutaalste van ons beiden. En liegen dat het gedrukt staat, dat kan ze ook. Ik niet.
Toen ik Viktor leerde kennen, heb ik haar bestaan wel voor hem verzwegen. Mijn ouders waren toen al overleden en konden toch niets meer verraden. Maar dat is natuurlijk nog geen liegen.
Nu Viktor de laatste tijd meer drinkt dan goed voor hem is, vertrouw ik hem al helemaal geen geheim meer toe. Ik snap hem wel, hij heeft het moeilijk, maar zijn zelfmedelijden stoot mij af.
Juist van hem had ik meer verwacht. Zijn verdriet dat hij geen kinderen kan verwekken, droeg hij met waarde. Ook mijn afwijzing daarna heeft hij geaccepteerd. Ik weet het, hem af te wijzen is gemeen van mij. Hij kan er niets aan doen, maar in bed verdraag hem nauwelijks meer, in zijn huidige staat al helemaal niet.
Als hij weer grip op zichzelf krijgt en werk gaat zoeken, wie weet, misschien komt het dan nog wel weer een keer goed.

Met een schok merk ik, dat het trillen is gestopt en ik al veel te lang op mijn parkeerplek sta. Mijn afspraak! Ik start de auto en rijd naar kantoor.
Wanneer ik naar binnen loop en enkele collega´s begroet, zie ik dat Steven mij spottend aankijkt.
"Hé, hoor jij niet op het politiebureau te zitten?" vraag hij met een grote grijns. Ik mag hem niet. Hij heeft al een paar keer over Henk en Mia zitten roddelen. Achter hun rug om, natuurlijk. Zonder wat te zeggen loop ik hem voorbij. Opgelucht sluit ik de deur van mijn bureau en leun er zachtjes tegenaan.
"Niemand weet iets!" Als een soort mantra prevel ik de woorden zachtjes voor mij uit.

Een klop op de deur haalt mij terug naar de realiteit. Het is Henk, mijn baas en tevens goede vriend.
"Anneke, de politie wil met je spreken. Ik heb ze al verteld, dat ik er van overtuigd ben, dat jij niet de persoon bent die ze zoeken. Zeg mij alsjeblieft dat ik gelijk heb."
Ik haal diep adem.
"Nee Henk, die persoon ben ik zeer beslist niet! Er is hier absoluut sprake van een vergissing of persoonsverwisseling. Dank je wel voor je vertrouwen, dat waardeer ik meer dan je kan weten. Laat de politie maar binnen, ik praat met ze."
Henk glimlacht opgelucht naar mij en draait zich om naar de gang.
"Gaat u maar naar binnen. Als ik verder nog van dienst kan zijn, dan weet u mij te vinden."
Een man en vrouw in uniform stappen mijn bureau binnen en Henk sluit de deur.
"Gaat u zitten," zeg ik rustig.
"Kan ik u koffie aanbieden?"
"Nee, dank u. Wij blijven niet lang. Als u het goed vindt, kom ik maar meteen ter zake. Zoals u ongetwijfeld weet, zijn wij op zoek naar de vrouw op deze foto."

De vrouwelijke agent heeft kennelijk de leiding van het gesprek en toont de foto, die gisteren avond op TV is vertoond. Viktor had gelijk, ze lijkt sprekend op mij.
"Bent u deze persoon?"
Onderzoekend kijken de agenten mij aan.
"Nee, dat ben ik niet," zeg ik met vaste stem en kijk hen recht in de ogen. Dit kan ik, omdat het de waarheid is.
"Waar was u op 19 augustus jongstleden, in de middag rond een uur of vier?"
Daar hoef ik niet eens over na te denken.
"Hier, op kantoor. En er zijn genoeg mensen die dit kunnen bevestigen, waaronder mijn baas Henk, degene die u zojuist binnen heeft gelaten."
De agenten knikken.
"Dat hebben wij uiteraard nagevraagd en inderdaad bevestigd gekregen. Toch moeten wij u zelf deze vraag ook stellen. Heeft u enig idee wie deze persoon op de foto wel zou kunnen zijn? U lijkt sprekend op elkaar. Zou het een familielid kunnen zijn?"
Ik besluit de waarheid te vertellen. Als ze het nog niet weten, komen ze er binnenkort toch wel achter.
"Het zou mijn zus kunnen zijn. Ik heb geen contact meer met haar gehad sinds onze laatste ruzie zo'n tien jaar geleden, en ik heb geen idee waar ze is. Wat heeft ze gedaan?"
"Alles wat we kunnen zeggen is dat het een gewapende overval was. Meer informatie mogen we niet geven vanwege het lopende onderzoek."
"Dat begrijp ik. Wat vreselijk!"
"Kunt u ons iets meer zeggen over uw zus en uw relatie met haar?"

Ik vertel ze alles wat ik weet, behalve mijn vermoedens. Laat ze dat zelf maar uitzoeken, ik wil er niets mee te maken hebben, of met haar.
Als ik klaar ben met vertellen, staan ze op.
"Goed, dan zullen we u niet langer storen. Maar we willen u vragen om u tot nader order beschikbaar te houden voor het verdere onderzoek. En mocht uw zus contact met opnemen, laat het ons dan weten."
"Natuurlijk. U weet waar u me kunt bereiken. Dit zijn de telefoonnummers waarop ik gebeld kan worden."
We wisselen onze visitekaartjes uit. Dan schudden ze mijn hand en gaan weg.

Mijn lichaam begint hevig te trillen en ik sta op het punt om mijn niettang, die op mijn bureau ligt, tegen de muur te gooien.
"Ik haat je!"
Plotseling ben ik mij bewust, dat ik die woorden hardop uitspreek.
Hopelijk heeft niemand ze gehoord.
Met moeite krijg ik weer grip op mezelf en pak het dossier van de firma Bos&Co. Ik probeer me op het werk te concentreren.

Als ik tegen de avond weer naar huis ga, ben ik uitgeput. Het gesprek met de klant is gelukkig goed gegaan en we hebben de opdracht binnen. Steven heb ik de hele dag zo veel mogelijk kunnen ontwijken. Toen ik tijdens de lunch bij de rest aan tafel ging zitten, stopte het gesprek even, niemand keek mij aan, maar ze durfden de politiefoto ook niet ter sprake te brengen. Zelf heb ik gewoon gedaan alsof er niets aan de hand was.

Wanneer ik binnenkom, zit Viktor op de bank en kijkt op van zijn laptop.
"Hoi, hoe was je dag?"
"Vermoeiend, maar de opdracht is binnen."
Ik vertel hem niet dat ik bezoek van de politie heb gehad. Dat roept alleen maar meer vragen op en daar ben ik nu te moe voor.
"Gefeliciteerd! Ik ben trots op je."
Verrast kijk ik hem aan.
"Dank je. Dat heb ik lang niet gehoord."
"Wil je eten? Ik heb vandaag gekookt."
Ik voel mij een beetje ontroerd. Hij heeft toch ook wel zijn goede momenten.

Natuurlijk had ik het met hem te doen, toen zijn gehoor verslechterde. Het was voor ons beiden een moeilijke tijd. Emotioneel voor hem, vermoeiend voor mij. Steeds maar weer herhalen, uitleggen, hem bij gesprekken betrekken. De laatste tijd hebben we niet veel sociale contacten meer over, Viktor wil niet meer mee omdat hij weinig verstaat. En als ik al eens een keer uitga, dan blijft hij liever thuis. Zijn zelfisolatie doet onze relatie niet goed. Maar hij heeft wel een goed hart.

In de keuken ruikt het goed. Viktor heeft zichzelf overtroffen. Boeuf Stroganoff, mijn favoriete gerecht.
"Waar heb ik dit aan verdiend?" vraag ik verbaasd, terwijl ik aan de gedekte tafel ga zitten.
"Vanmorgen realiseerde ik mij, dat ik je al lang niet meer heb verwend. Daarom vond ik dat het wel weer een keer mocht."
Dit heb ik niet zien aankomen.
"Ik ga nog even naar de badkamer en kom zo terug."
Ik wil niet dat Viktor mijn tranen ziet.

Als ik weer gekalmeerd ben, keer ik terug naar de keuken en Viktor doet het eten op de borden. Op tafel staan nu ook een brandende kaars en twee gevulde glazen wijn. Het rood van de wijn schittert in het kaarslicht.
Hoe lang is het geleden dat we zo romantisch met z´n tweëen aan tafel zaten?
We eten zwijgend. Dan verstoort het harde geluid van de deurbel de stilte. Vragend kijken we elkaar aan. Viktor schudt zijn hoofd en trekt zijn schouders op. Ik sta op en loop naar de deur. Als ik open doe wijk ik met een schok terug.

"Hallo zus! Mag ik even binnenkomen?"

 


Feedback voor schrijfactiviteiten

Review voor: "Anneke"

26.02.21
Feedback:
Spannend. Verrassend einde.
  • Schrijfkwaliteit
    4.0/5
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig