Voor schrijvers, door schrijvers
Kort verhaal

Kort verhaal

Aantal gepubliceerde inzendingen: 699

De Venijnboom


Als ik me voorstelde, keken de meeste mensen me meewarig aan. Meestal zwegen ze een tijdje nadat ik mijn naam had uitgesproken. Soms zochten ze naar de juiste woorden. Andere keren begonnen ze snel over iets anders. Maar altijd was het zo, dat ze het liever niet over mijn naam wilden hebben. Ze gingen er simpelweg niet op door. Taxus. Mijn moeder gaf me die naam nadat ze me zeventien jaar geleden op de wereld zette. Toen ik een jaar of zes was, legde ze me uit waarom.

“De taxus wordt ook wel de venijnboom genoemd. Het is een heel bijzondere conifeer. Hij is ijzersterk en kan oeroud worden. Als enige conifeer kun je ‘m terugsnoeien tot op het oude hout. Hij zal altijd weer nieuwe scheuten vormen. De venijnboom is niet stuk te krijgen. Net als jij.”

In tegenstelling tot de venijnboom had ik geen wortels die me dwongen om op dezelfde plek te blijven. En dus stond ik voor de bank waarop mijn moeder lag, haar blonde haren in lange slierten over de leuning gedrapeerd.
“Mama. De trein vertrekt zo. Ik ga.”
Ze kreunde zachtjes en draaide zich naar me toe.
“Moet ik je naar het station rijden?” vroeg ze, haar blauwe ogen tot spleetjes knijpend in een poging ze te beschermen tegen het felle zonlicht dat door de luxaflex het appartement binnendrong. Ik keek naar de lege wijnflessen die op de grond naast de bank stonden en schudde mijn hoofd.
“Beter van niet.” Ik wierp een laatste blik op haar. 
 
“Ik ga bij m’n vader wonen,” had ik mijn moeder medegedeeld.
“Ik haat deze klotestad. Waar woont hij? Ik heb er recht op te weten wie mijn vader is. Je kunt het niet langer voor me verzwijgen. Ik heb er recht op!”
Eén seconde had Babette me aangekeken met een uitdrukkingsloos gezicht. Daarna was ze in hysterisch lachen uitgebarsten, om vervolgens verwoed snikkend in elkaar te kruipen op de bank. Drie verschillende versies van het verhaal hoorde ik die nacht aan. In elke versie was een andere man mijn vader. Een omgekomen piloot. Een drugsverslaafde die in de gevangenis was gestorven. Een gepensioneerde diplomaat. Het laatste verhaal was het ware, drukte ze me op het hart. Hij heette Clément en woonde in Brussel. De volgende dag gaf ze me de enveloppe met het adres.
“Neem het maar. Ga maar. Het is voorbij. Over.”
 
Het liep misschien al tegen vijven toen ik eindelijk voor het huis stond. Het benam me de adem. De woning was groot en stond in schril contrast met het armoedige appartementje in Luik waarin ik was opgegroeid. De tuin van het huis werd omlijst door een rij hoge, weelderige venijnbomen. Aan de andere kant van het erf knipte een slanke brunette van een jaar of vijftig verwoed een heg met een snoeischaar. Een golf van teleurstelling overviel me. Dit was niet het goede huis. Op datzelfde moment keek de brunette me recht in mijn gezicht aan. Ze bevroor, de handvatten van de snoeischaar in haar handen geklemd en haar mond opengevallen.

Weifelend liep ik op haar af. “Mevrouw,” zei ik in gebrekkig Frans. De brunette liet de snoeischaar vallen en rende over het gazon richting de deur van het huis.
“Clément!” schreeuwde ze uitzinnig, nog eenmaal achteromkijkend naar mij. “Clément!”
Mijn hart bonsde in mijn keel. Hier woonde hij. Mijn vader. Een ogenblik later kwam een lange, forse man vanuit het huis driftig mijn richting op stevenen, met de brunette in zijn kielzog. Zijn grijze haren leken wel zilver in het zonlicht. De man kwam steeds dichterbij.
“Hij is het, hij is het echt. Hij lijkt precíes op je,” weende de brunette.
De snoeischaar was verdwenen. In haar hand hield ze een vergeeld stuk krant.
Weifelend liep ik op haar af. “Mevrouw,” zei ik in gebrekkig Frans. De brunette liet de snoeischaar vallen en rende over het gazon richting de deur van het huis.
“Clément!” schreeuwde ze uitzinnig, nog eenmaal achteromkijkend naar mij. “Clément!”
Mijn hart bonsde in mijn keel. Hier woonde hij. Mijn vader. Een ogenblik later kwam een lange, forse man vanuit het huis driftig mijn richting op stevenen, met de brunette in zijn kielzog. Zijn grijze haren leken wel zilver in het zonlicht. De man kwam steeds dichterbij.

“Hij is het, hij is het echt. Hij lijkt precíes op je,” weende de brunette. De snoeischaar was verdwenen. In haar hand hield ze een vergeeld stuk krant. Ik liep op de man af en stak vastberaden mijn hand uit. “Ik ben Taxus. De zoon van Babette. Bent u Clément? Volgens mijn moeder bent u mijn verwekker.” Clément stond voor me, zwaar ademend. Zijn blik voorspelde weinig goeds.
“Scheer je weg,” brieste hij. “Van mijn erf! Oplichter! Ik bel de politie. Táxus, hoe verzin je het!” hij spuwde mijn naam uit alsof het een vies woord was.

Ik bestudeerde het gezicht van Clément. Het verzachtte. Zijn onderlip trilde. Een oudere versie van mij: de bleekroze huid, de priemende blauwe ogen en de sterke kaaklijn. Zelfs onze neuzen waren identiek. Ik liet mijn rugzak van mijn schouders op de grond glijden. Mijn ogen vulden zich met tranen. Ik spreidde mijn armen en klampte me stevig vast aan de man. “Clément,” snikte ik. “Jij bént mijn vader.”
Hij verstijfde even, slaakte een onvaste zucht en beantwoordde mijn omhelzing stevig en intens.

“Je bent het echt,” fluisterde hij met gebroken stem. Over zijn sterke schouder keek ik naar de brunette. Ze beantwoordde mijn blik met grote, betraande ogen. “Didier,” zei ze met bevende stem. “Waar was je nou?” Ik keek haar niet-begrijpend aan. Met trillende handen overhandigde ze me het oude stuk krant. “Zoontje van diplomaat verdwijnt spoorloos uit huis,” kopte het artikel.” De onderkop luidde: “Ook van 21-jarig kindermeisje ontbreekt ieder spoor.” Vijf juli 2005. Vijftien jaar geleden. Ik keek haar ongelovig aan. Ze knikte gretig. Ik brak. “Mama,” snikte ik. “Mijn mooie moeder. Kijk eens wie hier is.”
 
Dit artikel delen?
Auteur: ©Amber Fernandes
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
Hits: 411
Publicatie op .
 
  Meer van deze schrijver:

Geef een waardering voor: "De Venijnboom"

Geschreven door Amber Fernandes . Geplaatst in Kort verhaal.
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.

Jouw feedback hier?

Dat is mogelijk met een waardering en/of jouw commentaar te geven.
Ook kun je reageren op commentaar van anderen.
 
Periodiek verwijderen we 'oudere' inzendingen o.b.v. geen of lage waarderingen. Door een waardering te geven bepaal jij dus mede de continuïteit in publicatie van een inzending!