1 post
  • images/deelname/Cursiefje.jpg
    Bij een cursiefje verwachten wij een korte tekst, vaak geschreven in de ik-vorm, met gebruik van eenvoudige taal, die echter door de taalhumor vaak verrassend en origineel wordt. Het cursiefje vertelt iets over de dagelijkse realiteit, waarmee verbeeldingselementen worden vermengd, heeft een humoristisch-luchtige toon, vaak gecombineerd met een droefgeestige ondertoon, relativeert de realiteit en verzacht de problemen. 
    Maximaal 750 woorden.
    Klik op SCHRIJFACTIVITEITEN (tabs hieronder) voor alle mogelijkheden!
    533 gepubliceerde inzendingen
  • Tekst opsturen:
    Ook jouw artikel is welkom! Inzenden van een verhaal/gedicht is mogelijk door eerst in te loggen. Registreren is gratis! Alleen door eerst in te loggen en op de knop hieronder te klikken kom je op een pagina waar je de schrijfactiviteit kunt selecteren waar je aan mee wilt doen. Op die pagina kun je ook de titel en tekst voor je artikel toevoegen. Lees vooraf de voorwaarden. Let op: Na inzending is wijziging van je tekst niet meer mogelijk (m.u.v. Plusleden)
    Je artikel is, na inzending, vrijwel direct te zien in de betreffende schrijfactiviteit en bij je profiel. We publiceren een artikel minimaal een jaar (plusleden langer!), daarna verwijderen we het artikel en de commentaren, etc. automatisch.
  • De publicatievoorwaarden
    • Inzendingen dienen te voldoen aan de voorwaarden zoals aangegeven bij de betreffende schrijfactiviteit, Nederlandstalig en van voldoende kwaliteit (grammaticaal en inhoudelijk) te zijn. We accepteren geen afbeeldingen van een tekst, maar alleen de daadwerkelijke tekst!
    • Agressieve, onwettelijke, lasterlijke, racistische, misleidende of anderszins ongepaste of irrelevante bijdragen, naar interpretatie van de redactie, zijn niet toegestaan. De redactie behoudt zich het recht voor om inzendingen, zonder opgave van redenen, niet te publiceren, resp. te verwijderen.
    • De auteursrechten van een inzending blijven te allen tijde bij de inzender. Schrijverspunt brengt geen wijzigingen aan in de tekst.
    • Inzenders mogen geen door rechten beschermde teksten of afbeeldingen plaatsen.
    • Het plaatsen van persoonlijke informatie zonder toestemming van de redactie (zoals e-mailadressen, website en/of telefoonnummers) is niet toegestaan evenals teksten, advertenties en links van promotionele dan wel commerciële aard.
    • De redactie is niet aansprakelijk voor de gevolgen, juridisch of in andere zin, van de activiteiten van leden op Schrijverspunt, noch in Nederland, noch daarbuiten. De inzender blijft als enige verantwoordelijk en aansprakelijk voor de inhoud van zijn/haar bericht(en).
    • Bij inzending hanteert Schrijverspunt de actuele privacyregels. Onze privacyverklaring is onderaan op elke pagina te vinden.
    • We publiceren een inzending in principe een jaar lang op onze website. Voor plusleden is die periode langer.
    • Door het insturen van je schrijfactiviteit stem je in met deze voorwaarden.

     

Publicatie: 10-07-2021

Hits: 201

'Ik ontvang graag feedback'

Als een auteur geen behoefte heeft aan feedback verschijnt er geen mogelijkheid voor reacties.

Talent

Aangepast: 10-07-2021

Talent is curieus. Wat maakt het in godsnaam dat anderen probleemloos de dingen kunnen doen die voor mij alleen maar doffe ellende betekenen? Een kader ophangen, bijvoorbeeld, of een lekke fietsband herstellen. Het is je beschoren, zeg ik, je kan het of je kan het niet. En waarom voelen anderen dan weer niet spontaan aan hoe het plusquamperfectum in mekaar zit, terwijl die in mijn taalfabriek als vanzelf van de band rolt? Het is je beschoren, zeg ik, je kan het of je kan het niet. Ja, de mens zit curieus in mekaar, en blijkbaar zitten we niet allemaal precies op dezelfde manier in mekaar. Een vijsje méér of een vijsje minder, 'het kan een slok schelen op een borrel', zeggen de Hollanders.

            De meester van het vierde A had, zoals elke sterveling, zijn kunde en zijn onkunde. Hij was een machtig tekenaar. Ik zie Bleire, de koe, nog altijd staan op het bord, in bont ornaat, zo uit de weide geplukt. Maar als zanger ging hij af als een gieter. Hij kon geen toonhoogte houden, en zijn rokersstem deed de rest. Een ramp, zeg maar. Zoals hij tekende echter, deed niemand hem na. Zijn tekentalent was zo opvallend, dat hij in een andere klas voor de tekenles werd ingehuurd op de momenten dat hij in zijn eigen klas zangles had moeten geven (plusquamperfectum!). En in zijn klas trad dan de meester van het zesde aan; die was buiten schooltijd muziekleraar aan het conservatorium. Als je daarbij nog weet dat die muziekleraar uitgerekend van tekenen niet veel kaas had gegeten, besef je dat die twee op het gepaste moment de geknipte vervanger waren voor elkaar. Zó sprong het schoolhoofd met de talenten en de lacunes van zijn meesters om, tactisch en tactvol. Als de weide op de tweede verdieping zowat was afgegraasd, kon Bleire voor een paar weken nog een verdieping hoger terecht. 

            Voor een stuk is talent ook méér dan een zuiver natuurlijke aangelegenheid. Talent is voor een stuk aanleg, en aanleg heeft men, of heeft men niet; heeft men méér, of heeft men minder. Maar wat men er uiteindelijk van bakt, hangt grotendeels van iets anders af dan van de aanleg alléén. Wie sprak ook weer van tien procent inspiratie en negentig procent transpiratie? Nu is er één domein, geloof ik, waarop aanleg zelfs van heel ondergeschikt belang is, en het talent dus voor het grootste deel van een doorgedreven en gedisciplineerde inzet afhangt: de sport. Beslist daarom ben ik geen sportieveling, ik kan de ascese niet opbrengen die atleten voor hun talent moeten veil hebben. Ik bewonder ze, en belijd mijn onmacht. Nu heb ik wel één excuus: goede voorbeelden werden ons op school niet echt voorgehouden. Het verging de sport zoals alle andere expressieve bezigheden: er werd een beetje neergekeken op alles wat niet direct het intellect moest aanscherpen. Als er wekelijks een namiddag gevoetbald werd, dan was dat allicht omdat zoveel jonge energie toch ergens geventileerd moest worden, en de georganiseerde schoolsport daarvoor nog de beste uitweg leek. Toegegeven, het mens sana in corpore sano had weliswaar ook de weg vrijgemaakt voor een uurtje gymnastiekles per week, tenminste in het middelbaar onderwijs. Maar dat men niet zegge dat turnen ook echt als een vol vak werd aangezien. Mens sana: het feit zelf dat de schoolsport een legitimering behoefde, zegt genoeg. Gymnastiek werd niet geprogrammeerd omwille van het nut ervan voor het lichaam, laat staan omwille van het directe plezier, maar omwille van het nut ervan voor een gezonde geest. Sjonge, wat moesten wij toch intellectuelen worden!  

            Op de lagere school was de gymnastiekles quasi onbekend. Op de valreep heb ik het meegemaakt dat er een professional werd voor aangeworven, een regent L.O. Het zal wát voeten in de aarde gehad hebben! Maar tot dan was de turnles een volstrekt willekeurig programmapunt, dat naar believen door de meester werd in- of afgevoerd. Wat daarbij zoal een rol speelde, kan ik wel raden. Bijvoorbeeld zal het goede of het slechte weer wel een eersterangs rol gespeeld hebben, vermits bij ontstentenis van een gymnastiekzaal de turnles buiten op de speelplaats werd gegeven. En allicht zal 's meesters eigen conditie wel het laatste woord gehad hebben. Slechts één van de vier onderwijzers die ik op het college heb meegemaakt, pakte het een beetje systematisch aan: de meester van het vijfde B.  

            Ik denk dat hij een vijftiger was, of misschien overschat ik zijn leeftijd wel. Niet groot, niet mager, maar ook niet corpulent, wel goed gebouwd en goed gevuld, en elke dag met de fiets naar school. Een blokje gezondheid dus. Op een dag onderbrak hij de voormiddagles, tot ieders jolijt: 'We gaan in stilte naar de speelplaats'. Het was ons nooit eerder te beurt gevallen. Nieuwsgierigheid en blijde verwachting dus alom. Hij zette zijn hoed op, en begeleidde ons de trappen af naar buiten. Daar plaatste hij ons op rijen, en ging dan wijdbeens vóór het carré staan. Zijn beige stofjas zat wat gezwollen, want daaronder droeg hij nog de jas van zijn kostuum. Uit het borstzakje haalde hij een briefje te voorschijn, bekeek het een poosje, en gaf dan zijn instructies. Zoals het hoorde, deed hij de oefening enkele keren voor. Hij huppelde van spreid- naar strekstand en terug, zwaaide tegelijk de armen zijwaarts op en neer, het briefje vast tussen de vingers geknepen. Losse munten rinkelden in de zakken van zijn jas, zijn sleutelbos in die van zijn stofjas. Zijn hoed stond vast op het hoofd gedrukt, zijn bril goed op zijn neus, want niets dat niet mocht gebeuren, mocht gebeuren. En al kraakten zijn knoken, hij hield het een uur lang vol. Hij liet ons wat op en neer huppelen, één-twee, één-twee, één-twee. Dan plooide hij het briefje weer open, stond zich een wijle af te vragen wat hij met dié schets nu weer bedoeld had, en begon dan met de armen te molenwieken. Zijn outfit hinderde hem deerlijk, maar nadat hij de beweging enkele keren rond gekregen had, naar voor en naar achter, zat alles weer dik op zijn plaats. Wij namen de cadans wel over, en terwijl onze wieken draaiden van jewelste, stond hij al weer zijn briefje te ontcijferen. Het was hem niet echt op het lijf geschreven, dat turnen; zijn talenten lagen duidelijk elders. Maar zo enkele keren per jaar kreeg hij er zin in. Of deed hij het alleen uit plichtsbesef? Goed wetende dat de échte turnleraar het toch maar niets zou gevonden hebben? 

            Turnen met de hoed op, 't is huilen met de pet op. 

Ook jouw mening is hier welkom!

Reacties:

10.07.21
Feedback:
Blijft een mooi en talentvol geschreven verhaal Lieven :)
Show more
10.07.21
Feedback:
Ieder zijn/haar talenten.
Show more

Meer van deze auteur:

Titel:Hits:Waardering:Link:
Column
Cursiefjes
1598
Lezen?
'Dag van...'
1378
Lezen?
Harris Mopulu
1064
Lezen?