• Cursiefje
  • Blog
  • Column
  • Cursiefje
  • Essay
  • Haiku
  • Poëzie
  • Senryu
  • Limerick
  • Vrij vers
  • 55 woorden
  • Kort verhaal
  • Flitsverhaal
  • Volksverhalen
  • SF & Fantasy
  • Proefstuk
  • Ik, schrijver
  • 3 kleuren
  • Schrijfopdracht
  • Mijn schrijftip
  • Cursiefje

    517 gepubliceerde artikelen.
    Bij cursiefjes verwachten wij een korte tekst, vaak geschreven in de ik-vorm, met gebruik van eenvoudige taal, die echter door de taalhumor vaak verrassend en origineel wordt. Het cursiefje vertelt iets over de dagelijkse realiteit, waarmee verbeeldingselementen worden vermengd, heeft een humoristisch-luchtige toon, vaak gecombineerd met een droefgeestige ondertoon, relativeert de realiteit en verzacht de problemen. 
    Maximaal 750 woorden.
  • Blog

    257 gepubliceerde artikelen.
    Een blog is in feite een persoonlijke webpagina met verhalen over het leven van de schrijver. In een blog vertel je iets aan de lezer waar hij/zij wat aan heeft. Heel vaak is dat iets informatiefs (hoe kun je het beste....) maar het kan ook inspirerend zijn (een persoonlijk verhaal over hoe je omgaat met een scheiding).  Bij een blog hoort een losse en informele schrijfstijl. In een persoonlijke blog draait het erg om de verteller die opschrijft wat hij of zij zelf allemaal meemaakt. Dat kan bijvoorbeeld de dagelijkse beslommeringen als moeder van twee kleine kids (mamablog) zijn.
    Maximaal 1000 woorden. 
  • Column

    437 gepubliceerde artikelen.
    Een column is een artikel waarin de schrijver zijn mening geeft over een onderwerp. Soms is de tekst humoristisch, soms provocerend, maar het is altijd de persoonlijke kijk op de wereld van de columnist. Een columnist geeft een beschrijving van een gebeurtenis en maakt daarbij zijn eigen mening duidelijk. Een column moet een emotie bij de lezer losmaken, de lezer moet erom kunnen lachen, het stemt hem tot nadenken of maakt hem boos.
    Maximaal 750 woorden.
  • Cursiefje

    517 gepubliceerde artikelen.
    Bij cursiefjes verwachten wij een korte tekst, vaak geschreven in de ik-vorm, met gebruik van eenvoudige taal, die echter door de taalhumor vaak verrassend en origineel wordt. Het cursiefje vertelt iets over de dagelijkse realiteit, waarmee verbeeldingselementen worden vermengd, heeft een humoristisch-luchtige toon, vaak gecombineerd met een droefgeestige ondertoon, relativeert de realiteit en verzacht de problemen. 
    Maximaal 750 woorden.
  • Essay

    1 gepubliceerde artikelen.
    Een essay is een beschouwende prozatekst of een artikel over een we­ten­schap­pe­lijk, cul­tu­reel of fi­lo­so­fisch on­der­werp, waarin de schrijver zijn persoonlijke visie geeft op hedendaagse verschijnselen, problemen of ontwikkelingen.
    Maximaal 1000 woorden.
  • Haiku

    274 gepubliceerde artikelen.
    Haiku is een vorm van Japanse dichtkunst waarin de natuur, of iets in de natuur, centraal staat, geschreven in drie regels van 5, 7 en 5 lettergrepen. We accepteren alleen gedichten in tekst en dus geen afbeelding van een gedicht..
  • Poëzie

    1145 gepubliceerde artikelen.
    Poëzie is de kunst van het dichten. Ook is poëzie een verzamelnaam voor gedichten en verzen. Poëzie is een taaluiting waarbij een grote nadruk ligt op vorm, klank en beeldspraak. Het geheel is meer dan de som der delen.
    Toen hem gevraagd werd een definitie van poëzie te geven, zei de dichter Robert Frost: "Poetry is the kind of thing poets write." - Poëzie is wat dichters schrijven .
  • Senryu

    405 gepubliceerde artikelen.
    Senryu is een vorm van Japanse dichtkunst over de onvolkomenheid van de mensen, geschreven in drie regels van 5, 7 en 5 lettergrepen. We accepteren alleen gedichten in tekst en dus geen afbeelding van een gedicht.
  • Limerick

    33 gepubliceerde artikelen.
    Een limerick is een gedicht van vijf regels met het rijmschema a a b b a. In de eerste regel wordt (meestal) een persoon of dier geïntroduceerd met een plaatsnaam die meestal gekozen wordt vanwege het rijm. Voorts heeft een limerick vaak humoristische of dubbelzinnige inhoud. De laatste regel is de clou.
  • Vrij vers

    18 gepubliceerde artikelen.

    Een vrij vers is een gedicht zonder regelmatige strofebouw. De eerste strofe telt bijvoorbeeld zes, de tweede twee, de derde vijf verzen. Het gaat om poëtische teksten die vooral een sfeer oproepen. De strofe in een vrij vers heeft veelal een eenheid van idee. Vrije verzen hebben vaak eveneens geen vast maatsysteem. Het ontbreken van (eind)rijm komt eveneens vrij vaak voor in het vrije vers. Daarentegen komt binnen- en middenrijm veel voor in vrije verzen en soms zelfs voorrijm.

  • 55 woorden

    1028 gepubliceerde artikelen.
    Waarom een verhaal in exact 55 woorden (incl. titel)? Omdat de vorm ons dwingt te schrappen tot de essentie van wat we willen zeggen. “In der Beschränkung zeigt sich erst der Meister”, of anders gezegd, in weer een andere taal: “Less Is More.” Alleen fictie komt in aanmerking. Dus een echt, afgerond prozaverhaal, met een begin, een midden en het liefst een verrassend eind en met één of meerdere personages , moet in exact 55 woorden, inclusief de titel, worden verteld.
  • Kort verhaal

    979 gepubliceerde artikelen.
    Een kort verhaal kenmerkt zich doordat de handelingen, gedachten en gesprekken van de personages zijn georganiseerd in een plot van komische, tragische, romantische, satirische of nog andere aard.  Een kort verhaal is altijd een compleet en zelfstandig leesbaar verhaal. Dus geen vervolg! 
    Fragmenten uit gepubliceerde manuscripten of vervolgverhalen zijn niet toegestaan en verwijderen we! Bij een kort verhaal geven we de voorkeur aan maximaal 1000 woorden.
  • Flitsverhaal

    119 gepubliceerde artikelen.
    Een flitsverhaal is, bij Schrijverspunt, een krachtig en compleet verhaal in het kleinst mogelijk (maximaal 150) aantal woorden. Het moet een begin, midden en einde hebben en bij voorkeur een draai of verrassing aan het einde. De voorkeur gaat uit naar een verhaal in een of slechts meerdere zinnen. Geen zgn quotes, wijsheden, gezegden, etc. Het meest beknopte en sprekend voorbeeld van een flitsverhaal is het verhaal dat Ernest Hemingway schreef.
    " Te koop: babyschoenen. Nooit gedragen."
  • Volksverhalen

    39 gepubliceerde artikelen.
    Sprookjes behoren tot een oude orale traditie en bevatten vaak een zedenles of diepere wijsheid. Het woord sprookje is afgeleid van het middeleeuwse 'sproke', dat verhaal of vertelling betekent. Als ongeschreven vertelling richtte een sproke zich tot ongeletterde volwassenen. De bekende sprookjes kennen we natuurlijk allemaal maar we lezen/horen ook graag verhalen die zelf verzonnen zijn. In deze schrijfactiviteit bieden we de mogelijkheid om zelf verzonnen sprookjes of een fabel toe te voegen. Gewoon om lekker voor te lezen voor kinderen of wie ze ook maar horen wil.
    Maximaal 1000 woorden.
  • SF & Fantasy

    12 gepubliceerde artikelen.
    Science fiction en Fantasy vallen beide onder een speculatief fictiegenre waarin veel elementen, personages en instellingen worden gecreëerd uit verbeeldingskracht en speculatie in plaats van uit de realiteit en het dagelijks leven. Er is echter een duidelijk verschil tussen science fiction en fantasy. Science fiction is gebaseerd op wetenschap en technologie en geeft daarom scenario's weer die op een dag waar zouden kunnen zijn. Fantasie daarentegen heeft betrekking op veel bovennatuurlijke elementen en vindt plaats in een wereld die niet bestaat en nooit kan bestaan.
    Bij een SF of Fantasyverhaal geven we de voorkeur aan maximaal 1000 woorden.
  • Proefstuk

    19 gepubliceerde artikelen.
    Je schrijft veel en graag en bent meestal tevreden over je schrijfresultaten. Je deed al mee aan schrijfactiviteiten en schrijfwedstrijden maar je kunt nu ook een verhaal of gedicht laten zien waar je echt trots op bent of... waar je juist nog over twijfelt maar wat je wel graag aan anderen wilt laten zien. Dat is mogelijk in deze rubriek. Leden van Schrijverspunt kunnen in deze rubriek een schrijfresultaat tonen als een proefstuk van eigen kunnen. Er zijn geen voorwaarden voor genre, aantal woorden, etc. Het is jouw proefstuk wat jij graag aan anderen wilt laten lezen. Je mag max. 1 proefstuk insturen!
    Van lezers verwachten we respect voor de publicatie. Beloon de schrijver voor zijn/haar durf en inzet met serieuze feedback.
  • Ik, schrijver

    9 gepubliceerde artikelen.
    Ken jij ook van die momenten waarop je totaal geen inspiratie hebt en niet tot schrijven kunt komen? Misschien kan het lezen of uitvoeren van een schrijfopdracht je helpen om je creativiteit aan te spreken. Zo omzeil je je eigen gewoontes en vaste manieren in je schrijven.
    Schrijf een fantasierijk verhaal met als onderwerp 'Ik, schrijver'. Waarheidsgetrouw of compleet fictief, het is aan jou als het maar de moeite waard is om te lezen. Probeer de lezer te boeien en mee te trekken in jouw wereld als schrijver.
  • 3 kleuren

    4 gepubliceerde artikelen.
    Een verhaal geschreven in maximaal 300 woorden waarbij 3 kleuren een rol spelen. De schrijver bepaalt zelf de kleuren. Het is echter niet de bedoeling om een kleur sec alleen als kleur te gebruiken maar ook als bv begrip, symbool of gemoedstoestand (Een blauwtje lopenZich groen en geel ergeren, wit wegtrekken, etc) .
  • Schrijfopdracht

    87 gepubliceerde artikelen.
    Ken jij ook van die momenten waarop je totaal geen inspiratie hebt en niet tot schrijven kunt komen? Misschien kan het lezen of uitvoeren van een schrijfopdracht je helpen om je creativiteit aan te spreken. Zo omzeil je je eigen gewoontes en vaste manieren in je schrijven.
    Inzenden voor deze schrijfactiviteit is niet meer mogelijk. Op termijn beëindigen we deze mogelijkheid.
  • Mijn schrijftip

    Elke auteur heeft zo haar/zijn persoonlijke ervaringen met schrijven en weet vaak wat haar/hem beter, makkelijker, lezenswaardiger, spannender, etc. doet schrijven. Die ervaringen willen we hier graag delen met andere schrijvers. Zo beknopt mogelijk worden hier persoonlijke schrijftips voor schrijvers beschreven. Voor de een een ervaring, voor de ander wellicht een eye-opener.
    Maximaal 20 woorden.

Ook jouw artikel is welkom! Ga s.v.p. naar het overzicht van deze schrijfactiviteit om ook jouw verhaal/gedicht toe te voegen.

Sanctus Antonius

Wat is er van aan? Zijn tradities niet meer zo heilig als ze traditioneel waren? Of zijn enkel de écht heilige tradities wat weggedeemsterd? De viering van de patroonheilige, bijvoorbeeld,  is behoorlijk in de verdrukking geraakt door de viering van de verjaardag. Al met al zou de ‘feestdag’ niet echt vervallen zijn, maar verschoven op de kalender, geënt op een profanere stam. De  naamdag staat op de helling.

            Het is niet altijd zo geweest. De uitbundige wijze waarop wij vroeger het naamfeest van onze meesters vierden, behoorde tot de folklore van het collegeleven. Het was een traditie die alleen al daarom een lang leven beschoren was, dat de gevierde die dag niets anders mocht doen dan gevierd worden, de hele dag lang. Begrijpelijk dus dat we dit niet lieten ontglippen. En we vergisten ons nooit van datum, daar zorgde de mondelinge overlevering wel voor, die nimmer faalde. 

            Hoe spontaan zulke viering ook leek, ze gehoorzaamde aan een heleboel onuitgesproken regels, die het doen en laten van alle betrokkenen nauwkeurig voorschreven. De grondregel was dat op die dag een evenwichtige verhouding van geven en nemen in de plaats moest treden van de scheefgetrokken machtsbalans tussen de meester en zijn leerlingen. Er moest een voorbeeldige, zelfs beminnelijke verstandhouding heersen, gebaseerd op het besef van het wederkerige voordeel, dat beide partijen bij deze uitzonderingssituatie hadden. Alle andere regels die bij deze gelegenheid golden, waren daarvan af te leiden. Zo bijvoorbeeld al de initiële verwachting dat de meester op de vooravond van zijn naamdag achteloos de klasdeur niet op slot zou doen. Dat moest het de rekels mogelijk maken om heimelijk de klas tot een feestzaal om te toveren. En ook hier schreef de traditie vóór, hoe dat diende te gebeuren: met gebruik van het beschikbare materiaal, in hoofdzaak het bord en kleurkrijt. Kon iemand van thuis al eens papieren lampions meebrengen, of her en der wat vlaggetjes of slierten mee graaien, dan werd daarvan dankbaar gebruik gemaakt. Maar echt kosten doen, dat mocht niet.  Het bord vol tekenen creëerde een sfeer van kleurrijke feestelijkheid, en het toonde tegelijk aan de meester dat er voor een gewone les geen plaats meer was die dag. Want dat was de beloning die we van hem verwachtten: dat hij ons op een leuke dag zou trakteren. Wij versierden het lokaal, eerden onze meester heel bijzonder, bleven braaf en volgzaam zonder smet, zetten ons beste beentje voor met een gedichtje, een liedje of een stukje toneel. Het was dan ook niet méér dan billijk dat de meester daar niet ongevoelig voor bleef, en ons beloonde met zijn inschikkelijkheid, met verhaaltjes en met muziek, en in elk geval: met de volledige negatie van het leerplan.   

            In het middelbaar viel deze optie niet meer zo goed te rijmen met de ernst van het studieprogramma. Of was het praktisch niet meer doenbaar, omdat de leraars zowat om het uur wisselden van klas? Of waren we allicht te groot geworden voor zulke kinderlijke afspraken? Ik herinner me niet meer dat er nog veel van zulke vieringen in huis is gekomen. Behalve één memorabele keer.

            Ik zat niet in de klas waarvan hij titularis was, wel in een zusterklas daarvan. Ik was daar blij om, want zijn tirannieke reputatie had ons lang op voorhand het beeld bijgebracht van een weliswaar gerenommeerd, maar toch te mijden schepsel (nog zo'n domein waarop de mondelinge overlevering nooit verstek laat gaan). Helemaal ontkomen was echter te veel gevraagd. Want al gaf hij geen Grieks en Latijn aan ons (wat hij in zijn eigen klas wél deed), we moesten hem toch één uur per week gedogen voor de les biologie, meer in het bijzonder dat jaar: dierkunde ofte zoölogie.  

            We hebben het er allemaal levend afgebracht, het moet dus alles bij elkaar nog meegevallen zijn. Zijn soevereiniteit steunde trouwens niet op de inzet van fysiek geweld. Hij heerste als een absolutistische vorst, maar hij bereikte dat met eerder subtiele middelen. Geen stalen handen, maar een stalen gezicht. Smidje Smee had zijn mond in een dreigende, neerwaartse boog geslagen. Zelden heb ik de discipline zo letterlijk belichaamd gezien. Merkwaardig genoeg kon hij zich ook vergissen, en bij het ontwaken die neerwaartse boog ondersteboven opzetten voor de rest van de dag, zijn Fernandel-gebit breeduit bloot lachend. Maar daarmee zaaide hij verwarring, zijn profiel was eigenlijk anders.  

            17 januari: Sanctus Antonius. We zouden het riskeren, het laatste lesuur van de dag moest hij aan ons zijn zoölogische wijsheid kwijt. Géén lampions, géén belletjes, géén kleurtjes of méér van dat kinderachtige, maar een daverend en hartverwarmend applaus wanneer hij zou binnenkomen. Zijn eigen klas was eerst aan de beurt, 's voormiddags voor Grieks en Latijn. En wonder boven wonder, het ondenkbare geschiedde. Hij stapte mee in de boot die zijn discipelen hadden aangemeerd, nam het roer in handen, en voer hen twee volle uren langs een exalterend panorama. In de namiddag zouden wij dan de gegadigden zijn.

            Gespannen maakten we ons op als voor een droomreis. Een paar keer konden degenen die bij de deur zaten en dus op de uitkijk stonden, ons verschalken: "Hij is daar, hij is daar!" Op een wip zat de taterende groep dan piekfijn in het gelid, voorbeeldig om niet bij voorbaat alles te verbrodden, en klaar om hem met lief en eerbiedig applaus te vermurwen. "Hij is daar, hij is daar!” Loos alarm, doch méér dan een paar keer lukte dat niet. Hij dreef warempel de spanning nog op door niet tijdig op te dagen. Het uur was al wat gevorderd, de pret dus eigenlijk al wat bedorven, toen we in de verte zijn stap op het plankier hoorden naderen. Het werd muisstil. Onze handen prikkelden al, wie zou het sein geven? Daar kwam hij dan eindelijk, zijn ronde buik ver voor zich uit dragend, zwierig de hoek om gelaveerd. We geloofden het niet. Echt, we geloofden het niet. Zijn mond was nooit eerder zo adembenemend naar beneden getrokken, het staal nooit eerder zo hard geweest. We zaten er ronduit perplex bij. Het sein diende echt niet gegeven te worden, het kon alleen maar een ongeluk over ons storten. Met zijn notities in de linkerhand tegen de borst gedrukt, stapte hij in een ijzige stilte op de lessenaar af. Geen vin die verroerde. Hij legde zijn papieren neer, en liet de stilte nog een tijd lang haar werk doen. Dan keerde hij zich naar het bord toe, en schreef doodgewoon met doodgewoon krijt in doodgewone letters: „Het konijn”. We mochten het dus wel voor bekeken houden. Ontgoocheling en woede hielden elkaar in evenwicht in de beklemming die zich van ons meester maakte. Het konijn dat hij ons serveerde, hebben we nauwelijks kunnen verteren.  

            Maar het slot van dit bravourestukje, ja zelfs het theatrale hoogtepunt ervan, werd eigenlijk pas 's anderendaags opgevoerd. Toen hij op 18 januari opnieuw voor Latijn of voor Grieks in zijn eigen klas aantrad, liet hij de verkeerd geplaatste boog opnieuw poeslief zijn grote tanden bloot lachen. Dan zei hij, tot groot jolijt van zijn bende bevoorrechten: "Ik had ze daar gisteren nogal liggen, hé, hiernaast...”. Waarmee hij het applaus, dat hij van ons had moeten krijgen, op de valreep nog aan hen ontfutselde. 

            Sanctus Antonius, van een feestvarken gesproken.