• Cursiefje
  • Blog
  • Column
  • Cursiefje
  • Essay
  • Haiku
  • Poëzie
  • Senryu
  • Limerick
  • Vrij vers
  • 55 woorden
  • Kort verhaal
  • Flitsverhaal
  • Volksverhalen
  • SF & Fantasy
  • Proefstuk
  • Ik, schrijver
  • 3 kleuren
  • Schrijfopdracht
  • Mijn schrijftip
  • Cursiefje

    520 gepubliceerde artikelen.
    Bij cursiefjes verwachten wij een korte tekst, vaak geschreven in de ik-vorm, met gebruik van eenvoudige taal, die echter door de taalhumor vaak verrassend en origineel wordt. Het cursiefje vertelt iets over de dagelijkse realiteit, waarmee verbeeldingselementen worden vermengd, heeft een humoristisch-luchtige toon, vaak gecombineerd met een droefgeestige ondertoon, relativeert de realiteit en verzacht de problemen. 
    Maximaal 750 woorden.
  • Blog

    255 gepubliceerde artikelen.
    Een blog is in feite een persoonlijke webpagina met verhalen over het leven van de schrijver. In een blog vertel je iets aan de lezer waar hij/zij wat aan heeft. Heel vaak is dat iets informatiefs (hoe kun je het beste....) maar het kan ook inspirerend zijn (een persoonlijk verhaal over hoe je omgaat met een scheiding).  Bij een blog hoort een losse en informele schrijfstijl. In een persoonlijke blog draait het erg om de verteller die opschrijft wat hij of zij zelf allemaal meemaakt. Dat kan bijvoorbeeld de dagelijkse beslommeringen als moeder van twee kleine kids (mamablog) zijn.
    Maximaal 1000 woorden. 
  • Column

    433 gepubliceerde artikelen.
    Een column is een artikel waarin de schrijver zijn mening geeft over een onderwerp. Soms is de tekst humoristisch, soms provocerend, maar het is altijd de persoonlijke kijk op de wereld van de columnist. Een columnist geeft een beschrijving van een gebeurtenis en maakt daarbij zijn eigen mening duidelijk. Een column moet een emotie bij de lezer losmaken, de lezer moet erom kunnen lachen, het stemt hem tot nadenken of maakt hem boos.
    Maximaal 750 woorden.
  • Cursiefje

    520 gepubliceerde artikelen.
    Bij cursiefjes verwachten wij een korte tekst, vaak geschreven in de ik-vorm, met gebruik van eenvoudige taal, die echter door de taalhumor vaak verrassend en origineel wordt. Het cursiefje vertelt iets over de dagelijkse realiteit, waarmee verbeeldingselementen worden vermengd, heeft een humoristisch-luchtige toon, vaak gecombineerd met een droefgeestige ondertoon, relativeert de realiteit en verzacht de problemen. 
    Maximaal 750 woorden.
  • Essay

    1 gepubliceerde artikelen.
    Een essay is een beschouwende prozatekst of een artikel over een we­ten­schap­pe­lijk, cul­tu­reel of fi­lo­so­fisch on­der­werp, waarin de schrijver zijn persoonlijke visie geeft op hedendaagse verschijnselen, problemen of ontwikkelingen.
    Maximaal 1000 woorden.
  • Haiku

    275 gepubliceerde artikelen.
    Haiku is een vorm van Japanse dichtkunst waarin de natuur, of iets in de natuur, centraal staat, geschreven in drie regels van 5, 7 en 5 lettergrepen. We accepteren alleen gedichten in tekst en dus geen afbeelding van een gedicht..
  • Poëzie

    1145 gepubliceerde artikelen.
    Poëzie is de kunst van het dichten. Ook is poëzie een verzamelnaam voor gedichten en verzen. Poëzie is een taaluiting waarbij een grote nadruk ligt op vorm, klank en beeldspraak. Het geheel is meer dan de som der delen.
    Toen hem gevraagd werd een definitie van poëzie te geven, zei de dichter Robert Frost: "Poetry is the kind of thing poets write." - Poëzie is wat dichters schrijven .
  • Senryu

    408 gepubliceerde artikelen.
    Senryu is een vorm van Japanse dichtkunst over de onvolkomenheid van de mensen, geschreven in drie regels van 5, 7 en 5 lettergrepen. We accepteren alleen gedichten in tekst en dus geen afbeelding van een gedicht.
  • Limerick

    35 gepubliceerde artikelen.
    Een limerick is een gedicht van vijf regels met het rijmschema a a b b a. In de eerste regel wordt (meestal) een persoon of dier geïntroduceerd met een plaatsnaam die meestal gekozen wordt vanwege het rijm. Voorts heeft een limerick vaak humoristische of dubbelzinnige inhoud. De laatste regel is de clou.
  • Vrij vers

    24 gepubliceerde artikelen.

    Een vrij vers is een gedicht zonder regelmatige strofebouw. De eerste strofe telt bijvoorbeeld zes, de tweede twee, de derde vijf verzen. Het gaat om poëtische teksten die vooral een sfeer oproepen. De strofe in een vrij vers heeft veelal een eenheid van idee. Vrije verzen hebben vaak eveneens geen vast maatsysteem. Het ontbreken van (eind)rijm komt eveneens vrij vaak voor in het vrije vers. Daarentegen komt binnen- en middenrijm veel voor in vrije verzen en soms zelfs voorrijm.

  • 55 woorden

    1036 gepubliceerde artikelen.
    Waarom een verhaal in exact 55 woorden (incl. titel)? Omdat de vorm ons dwingt te schrappen tot de essentie van wat we willen zeggen. “In der Beschränkung zeigt sich erst der Meister”, of anders gezegd, in weer een andere taal: “Less Is More.” Alleen fictie komt in aanmerking. Dus een echt, afgerond prozaverhaal, met een begin, een midden en het liefst een verrassend eind en met één of meerdere personages , moet in exact 55 woorden, inclusief de titel, worden verteld.
  • Kort verhaal

    974 gepubliceerde artikelen.
    Een kort verhaal kenmerkt zich doordat de handelingen, gedachten en gesprekken van de personages zijn georganiseerd in een plot van komische, tragische, romantische, satirische of nog andere aard.  Een kort verhaal is altijd een compleet en zelfstandig leesbaar verhaal. Dus geen vervolg! 
    Fragmenten uit gepubliceerde manuscripten of vervolgverhalen zijn niet toegestaan en verwijderen we! Bij een kort verhaal geven we de voorkeur aan maximaal 1000 woorden.
  • Flitsverhaal

    120 gepubliceerde artikelen.
    Een flitsverhaal is, bij Schrijverspunt, een krachtig en compleet verhaal in het kleinst mogelijk (maximaal 150) aantal woorden. Het moet een begin, midden en einde hebben en bij voorkeur een draai of verrassing aan het einde. De voorkeur gaat uit naar een verhaal in een of slechts meerdere zinnen. Geen zgn quotes, wijsheden, gezegden, etc. Het meest beknopte en sprekend voorbeeld van een flitsverhaal is het verhaal dat Ernest Hemingway schreef.
    " Te koop: babyschoenen. Nooit gedragen."
  • Volksverhalen

    37 gepubliceerde artikelen.
    Sprookjes behoren tot een oude orale traditie en bevatten vaak een zedenles of diepere wijsheid. Het woord sprookje is afgeleid van het middeleeuwse 'sproke', dat verhaal of vertelling betekent. Als ongeschreven vertelling richtte een sproke zich tot ongeletterde volwassenen. De bekende sprookjes kennen we natuurlijk allemaal maar we lezen/horen ook graag verhalen die zelf verzonnen zijn. In deze schrijfactiviteit bieden we de mogelijkheid om zelf verzonnen sprookjes of een fabel toe te voegen. Gewoon om lekker voor te lezen voor kinderen of wie ze ook maar horen wil.
    Maximaal 1000 woorden.
  • SF & Fantasy

    13 gepubliceerde artikelen.
    Science fiction en Fantasy vallen beide onder een speculatief fictiegenre waarin veel elementen, personages en instellingen worden gecreëerd uit verbeeldingskracht en speculatie in plaats van uit de realiteit en het dagelijks leven. Er is echter een duidelijk verschil tussen science fiction en fantasy. Science fiction is gebaseerd op wetenschap en technologie en geeft daarom scenario's weer die op een dag waar zouden kunnen zijn. Fantasie daarentegen heeft betrekking op veel bovennatuurlijke elementen en vindt plaats in een wereld die niet bestaat en nooit kan bestaan.
    Bij een SF of Fantasyverhaal geven we de voorkeur aan maximaal 1000 woorden.
  • Proefstuk

    19 gepubliceerde artikelen.
    Je schrijft veel en graag en bent meestal tevreden over je schrijfresultaten. Je deed al mee aan schrijfactiviteiten en schrijfwedstrijden maar je kunt nu ook een verhaal of gedicht laten zien waar je echt trots op bent of... waar je juist nog over twijfelt maar wat je wel graag aan anderen wilt laten zien. Dat is mogelijk in deze rubriek. Leden van Schrijverspunt kunnen in deze rubriek een schrijfresultaat tonen als een proefstuk van eigen kunnen. Er zijn geen voorwaarden voor genre, aantal woorden, etc. Het is jouw proefstuk wat jij graag aan anderen wilt laten lezen. Je mag max. 1 proefstuk insturen!
    Van lezers verwachten we respect voor de publicatie. Beloon de schrijver voor zijn/haar durf en inzet met serieuze feedback.
  • Ik, schrijver

    9 gepubliceerde artikelen.
    Ken jij ook van die momenten waarop je totaal geen inspiratie hebt en niet tot schrijven kunt komen? Misschien kan het lezen of uitvoeren van een schrijfopdracht je helpen om je creativiteit aan te spreken. Zo omzeil je je eigen gewoontes en vaste manieren in je schrijven.
    Schrijf een fantasierijk verhaal met als onderwerp 'Ik, schrijver'. Waarheidsgetrouw of compleet fictief, het is aan jou als het maar de moeite waard is om te lezen. Probeer de lezer te boeien en mee te trekken in jouw wereld als schrijver.
  • 3 kleuren

    4 gepubliceerde artikelen.
    Een verhaal geschreven in maximaal 300 woorden waarbij 3 kleuren een rol spelen. De schrijver bepaalt zelf de kleuren. Het is echter niet de bedoeling om een kleur sec alleen als kleur te gebruiken maar ook als bv begrip, symbool of gemoedstoestand (Een blauwtje lopenZich groen en geel ergeren, wit wegtrekken, etc) .
  • Schrijfopdracht

    87 gepubliceerde artikelen.
    Ken jij ook van die momenten waarop je totaal geen inspiratie hebt en niet tot schrijven kunt komen? Misschien kan het lezen of uitvoeren van een schrijfopdracht je helpen om je creativiteit aan te spreken. Zo omzeil je je eigen gewoontes en vaste manieren in je schrijven.
    Inzenden voor deze schrijfactiviteit is niet meer mogelijk. Op termijn beëindigen we deze mogelijkheid.
  • Mijn schrijftip

    Elke auteur heeft zo haar/zijn persoonlijke ervaringen met schrijven en weet vaak wat haar/hem beter, makkelijker, lezenswaardiger, spannender, etc. doet schrijven. Die ervaringen willen we hier graag delen met andere schrijvers. Zo beknopt mogelijk worden hier persoonlijke schrijftips voor schrijvers beschreven. Voor de een een ervaring, voor de ander wellicht een eye-opener.
    Maximaal 20 woorden.

Ook jouw artikel is welkom! Ga s.v.p. naar het overzicht van deze schrijfactiviteit om ook jouw verhaal/gedicht toe te voegen.

Quasimodo

Met verstomming keek ik, samen met miljoenen andere kijkers over de hele wereld, naar de vlammenzee die het pronkstuk van de gotiek in Parijs aan het verzwelgen was. Tegen de zachtblauwe hemel van valavond verdrongen de zwarte rookwolken elkaar, waartussen het wild dansende vuur in alle richtingen zijn plaats opeiste. Lange tijd bleef het geraamte van de vieringtoren doorheen de vlammen herkenbaar, maar kippenvel bekroop me tot onder de oksels toen ik de spitse toren, zo hoog als de lengte van een voetbalveld, in beweging zag komen, zag overhellen, en dan als een reusachtige toorts op het schip van de kathedraal zag neerstorten. Uit de massa toeschouwers steeg een wanhopige jammerkreet op, die, alsof hij de val van de spits begeleidde, op de toonladder zakte tot het geraamte was neergeploft.

            Een commentator van CNN merkte op dat niet geweten was of er mogelijk nog iemand in het brandende gebouw aanwezig was. Meteen sprong Quasimodo me voor de geest. Die woonde toch in de kathedraal?

´Wat moet er van ons worden als ze tegenwoordig zulke kinderen maken?´ citeert Victor Hugo één van de vier liefdezusters die samen het gedrocht aankeken dat in de kribbe naast de Notre Dame te vondeling was gelegd.

            ´Het moet een zonde zijn om ernaar te kijken,´ zei een medezuster vol afschuw.

Het schepsel, dat ze een jaar of vier oud schatten, was zó wanstaltig, dat ze er nauwelijks een menselijk wezen in zagen.

            ´Me dunkt,´ opperde weer een andere van de vier, ´dat het een beest is, een dier, de vrucht van een jood met een zeug.´

            Een vormeloos hoofd met een bos rossige haren, een wrat die één van beide ogen bedekte, tanden ´die niets liever wilden dan maar bijten´, een kei van een bochel, benen ´als gedraaide pilaren´, en een gebulk ´dat een koorzanger doof maakt´: wie kan daar iets anders in zien dan een monster? Toch was er iemand die dat kon: de aartsdiaken van de Notre Dame, Claude Frollo, die, door medelijden bewogen, het creatuur meenam, en het adopteerde. Hij doopte het kind Quasimodo, naar de dag waarop hij de vondeling in de kribbe had aangetroffen, namelijk op Beloken Pasen, in Frankrijk ´Quasimodo´ genoemd. Hij huisvestte het hummeltje in een smal kamertje van de domkerk, ´verscholen onder een groot steungewelf als een vogelnest onder een tak.´ Hoewel hij in het klooster naast de kathedraal woonde, had de diaken ook zelf een geheime studeercel in de dom. Daardoor was hij maar zelden ver weg van het kind.

Zo werd Claude Frollo dus de stiefvader van Quasimodo. Hij voedde hem op alsof het zijn eigen kind was. Soms gingen ze samen de stad in, doch de mensen vergaapten zich op Quasimodo, en omdat de jongen zo vaak bespot werd, besloot de diaken finaal om hem een uitgaansverbod op te leggen. De kathedraal zou Quasimodo´s kooi worden voor de rest van zijn leven. In het massieve gebouw met zijn wirwar van gangen, trappen, cellen, nissen, gaanderijen, zuilen, platformen, torens en torentjes mocht hij gaan en staan waar hij wilde, maar op straat komen zat er voor Quasimodo niet meer in. Hij verkende elk plekje en elk hoekje van het kolossale gebouw. Géén van de vijf reusachtige verdiepingen van de zware torens aan weerszijden van het hoofdportaal kende op de duur nog een geheim voor hem. Hij hield van de marmeren beelden in de kerk, en sprak ertegen. Hij hield van de vele klokken in de torens, en streelde ze. Niets deed hij liever dan aan de touwen hangen waarmee hij dagelijks de klokken in beweging bracht nadat hij door de diaken als klokkenluider was aangesteld. Hij kroop op handen en voeten, klauterde langs torens en pinakels omhoog, en sprong van het ene uitsteeksel naar het andere. Vaak zagen de Parijzenaars vanop het kerkplein zijn gestalte hoog boven de begane grond weg en weer lopen, of het nu dag was of nacht. Zó zeer vergroeide Quasimodo met de kathedraal, schrijft Victor Hugo, dat hij er een wezenlijk bestanddeel ging van vormen: ´De Notre Dame was voor hem achtereenvolgens: het ei, het nest, het huis, het vaderland en het heelal.´

En nu stond dat ei, dat nest, dat huis, dat vaderland, het heelal van Quasimodo voor het oog van de wereld in lichterlaaie. De beelden ervan werden in alle windrichtingen uitgezonden. Af en toe gleed de camera over de belendende straten, waar biddende mensen, verlamd van verbijstering, de hemel om redding prevelden. Maar van redding was geen sprake, de vlammen sloegen verwoestend om zich heen. Miljoenen mensen waren er van ver of van nabij getuige van.

Terwijl ik op het televisiescherm de vuurzee aanschouwde, die de vieringtoren al in de as had gelegd, en ik de CNN-reporter zich hoorde afvragen of er nog iemand in het gebouw aanwezig zou geweest zijn, zag ik met gesloten ogen een andere brand, het vuur namelijk dat Quasimodo zelf ooit eens op het dak van de kathedraal had aangestoken. Neen, het was er Quasimodo toen niet om te doen, 'zijn ei, zijn huis, zijn  vaderland, zijn heelal' te vernietigen. Het was er hem om te doen, het zigeunermeisje Esmeralda, op wie hij verliefd was, tegen dreigend onheil te behoeden. Eerder had hij haar al eens uit de handen van haar beulen gered, toen ze op grond van een valse beschuldiging ter dood was veroordeeld. Vanop de gaanderij van de koningsbeelden had hij de voorbereiding van de executie op het kerkplein  gadegeslagen. Als de beulen zich klaar maakten voor de executie, had hij zich langs een touw naar beneden laten glijden, was op de twee beulen toe gelopen, had die met zijn geweldige vuisten neergeslagen, en was in géén tijd met het meisje hoog boven zich uit geheven de kathedraal binnengelopen, waar immers het asielrecht gold. Door een uitzonderlijk vonnis werd Esmeralda dat asielrecht echter ontnomen. Toen dit de zigeuners ter ore was gekomen, besloten ze om het meisje, dat toch één van hen was, nog tijdig uit de kathedraal weg te halen en ze aldus uit de handen van het gerecht te houden. Op een nacht trokken ze en masse naar het kerkplein om de dom binnen te vallen. Quasimodo had zijn laatste ronde door de kerk gedaan, klom  naar het dak, merkte de onverwachte massa, en vermoedde meteen dat er een aanval op til stond om Esmeralda uit het gebouw te halen. Dat dit met de beste bedoeling gebeurde, wist hij natuurlijk niet. Als de troep begon in te beuken op het portaal, probeerde hij hen met een regen van zware bouwmaterialen, die in de Zuidertoren opeengestapeld lagen, weg te houden van de toegangsdeur. Echt hels werd zijn verweer pas als hij erin slaagde om met zijn lantaarn ‘een onwaarschijnlijke brandstapel’ aan te richten op het platte dak, een voorraad lood te smelten, en dat gloeiende goedje langs twee stenen goten, die vlak boven de grote poort uitmondden, op de aanvallers te laten neerkomen. ´Het gehuil ging door merg en been.´  

Helaaas, tijdens de aanval van de zigeuners was het Frollo gelukt om met een list Esmeralda naar buiten te smokkelen. Niet om haar te redden, maar om haar voor de zoveelste keer zijn liefde te verklaren. Toen hij evenwel op haar definitieve njet botste, verried hij haar, en organiseerde haar uitlevering aan het gerecht. Vanop zijn uitkijkpost was Quasimodo getuige van de executie van het meisje, dat hij in stilte zo zeer had liefgehad. Hij zag hoe de beul met zijn voet de ladder wegduwde, waarop Esmeralda in haar wit kleedje stond met de strop om de hals, en hoe ´het arme kind twaalf voet boven de straatstenen heen en weer slingerde aan het einde van het koord.´ Nooit hebben de Parijzenaars daarna Quasimodo nog gezien of gehoord.

Dat onder de verschroeiende hitte van het vuur, dat Quasimodo op het platte dak van de kathedraal had aangericht, het dakgebinte toen niet is afgebrand, en dat Quasimodo niet heeft moeten rennen om in de vuurpoel niet om te komen, hebben we te danken aan de literaire verbeelding van Victor Hugo, die zijn held een ander heldhaftig einde heeft toegedicht. Als  twee jaar na de executie van Esmeralda het lijk van een gehangene werd weggehaald uit het knekelhuis van Montfaucon, het grootste galgenveld van Parijs, omdat aan de betrokkene de genade was verleend om ietwat eervoller begraven te worden, werden daar de overblijfselen van twee geraamten gevonden. Het éne was van een vrouw,  in flarden van een wit kleed, het andere van een man, gebocheld en met één kort been, en op merkwaardige wijze de vrouw omarmend. En, schrijft Victor Hugo, ‘de nekwervels van de man waren niet gebroken.’ Met andere woorden, het waren niet de stoffelijke resten van een gehangene. Van wie anders konden ze zijn dan van Quasimodo, die blijkbaar naar het knekelhuis was gekomen om er te sterven, finaal verenigd met Esmeralda. 

            Natuurlijk was Quasimodo niet meer in de kathedraal aanwezig toen ik het inferno op het televisiescherm zag woeden. Tenslotte heeft hij er ook maar in de verbeelding van Victor Hugo gewoond. Niettemin wekte de fatale brand die de kathedraal in de vernieling joeg, hem bijna tweehonderd jaar na zijn creatie onverwacht toch tot leven. Al was het maar voor even, en waarschijnlijk alleen maar voor mij.

 
Noot van de schrijver: Ik ontvang graag feedback