Cursiefje

Cursiefjes op Schrijverspunt
Bij cursiefjes verwachten wij een korte tekst, vaak geschreven in de ik-vorm, met gebruik van eenvoudige taal, die echter door de taalhumor vaak verrassend en origineel wordt. Het cursiefje vertelt iets over de dagelijkse realiteit, waarmee verbeeldingselementen worden vermengd, heeft een humoristisch-luchtige toon, vaak gecombineerd met een droefgeestige ondertoon en  relativeert de realiteit en verzacht de problemen.
Wil je ook een cursiefje publiceren op Schrijverspunt? Dat is mogelijk door eerst in te loggen.

Plattelandsmeisje

Ik ben een plattelandsmeisje. Dat wil zeggen: ik ben op het platteland opgegroeid, in een ieniemienie dorpje. In een twee-onder-een-kapwoning met uitzicht op de weilanden.

Ik had een vriendinnetje dat altijd wilde buitenspelen, weer of geen weer. We klommen in bomen, deden spoorzoekertje, brachten uren in het kleine speeltuintje door en als we zin in iets lekkers hadden, vroegen we onze ouders om snoep omdat we gingen picknicken in het nabijgelegen weiland (lees: kleed uitspreiden, snoep opeten en kleed terug opvouwen, klaar).

Ik herinner me nog vaag dat we lieveheersbeestjes in de heg gingen zoeken en die vervolgens in een potje deden met wat blaadjes. Gelukkig wezen onze moeders ons er op tijd op dat er gaatjes in het deksel geprikt moesten worden (de beestjes haalden opgelucht adem, net als onze moeders). Ook kan ik me nog voor de geest halen dat we zachtjes de sprieten van slakken aanraakten omdat we het zo interessant vonden dat die ze dan onmiddellijk weer introkken. Al met al beschouwd was ik dus best wel een ‘buitenkind’.

Ik heb geen flauw idee wanneer de omslag is gekomen, maar ik weet wel dát ie is gekomen. Was het de (pre)puberteit? Hoe dan ook, op een gegeven moment gruwde ik van insecten. We hadden regelmatig last van mieren in huis en hoe graag ik het ook zou verdringen, ik herinner me nog haarscherp dat ik gilde als een klein meisje – wat ik feitelijk ook nog was – als er eentje over mijn hand of been kroop. Om over spinnen nog maar te zwijgen. Mijn moeder kon mij niet wanhopiger maken dan door te zeggen “Ik zie hem niet meer” als ze ’s avonds een spin uit mijn slaapkamer moest verwijderen en dit jammerlijk mislukte.

Maar mijn allerergste insectenherinnering vond plaats op de Veluwe. Ik moet een jaar of dertien, veertien (ik heb niks met cijfers, ik hou van letters) zijn geweest toen we daar in de zomervakantie kampeerden. We waren een mooie fietstocht aan het maken toen ik ineens door een grote wolk vliegende mieren fietste. Gillend (moet je natuurlijk niet doen als je door zo’n wolk insecten fietst) probeerde ik ze van me af te slaan. Ik weet nog precies – maar dan ook tot in het kleinste detail – hoe het zachtgele jasje dat ik aanhad, eruitzag. Want de nachtmerrie werd nog erger. Het jasje had twee open jaszakken met de opening van boven. Dus toen ik dacht eindelijk van die beesten af te zijn, begonnen er – the horror! – vliegende mieren uit de openstaande jaszakken omhoog te kruipen richting mijn nek en gezicht.

Enfin, vele, véle jaren later was ik er – min of meer – overheen. En nu heb ik een zoontje van zes jaar. Die dol is op insecten.

Zopas aan de schoolpoort vertelde hij me in geuren en kleuren over een spin in de klas waar hij voor mag zorgen. En die hij over zijn arm mocht laten lopen. Brrr. Ze hadden hem in de pauze op de speelplaats gevonden en dachten dat hij dood was. Toen ze de spin voorzichtig met een stokje aanraakten, bleek deze echter nog te leven (een jaar geleden zou het nog andersom zijn geweest, por por). Tot grote vreugde van mijn zoon heeft zijn juf besloten dat de spin een tijdje in de klas mag blijven. Hij noemt hem Spinnie. Och kijk, dat klinkt nog vrij onschuldig.

Als we bij thuiskomst onze fietsen in het tuinhuis zetten, ziet zoonlief een spin van toch wel gemiddelde grootte kruipen. “Kijk, een klein spinnetje!” wijst hij.
“Euh, als je dat een kleintje vindt, hoe groot is die in de klas dan?” vraag ik hem verschrikt.
“Megagroot!” luidt het enthousiaste antwoord.
Slik.

Als we binnen zijn, rits hij zijn jaszak open en haalt er een stokje uit. “Die kan ik nog wel eens gebruiken,” hoor ik hem mompelen. Hè, wat, is dat het stokje waarmee de spin weer tot leven is gewekt?!? Ik kijk met grote ogen naar zijn jaszak om te zien of er misschien nog iets uitkomt. Met mégagrote ogen.

Dit artikel delen?
Pin It
  • Hits: 70
(Gemiddelde waardering 4 met 1 waardering(-en)

Login of registreer om een reactie te plaatsen

Nomineer deze schrijver!

Bezoekers van Schrijverspunt kunnen 2 verschillende schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver 2019. Je kunt de schrijver van dit artikel nomineren door op de groene button te klikken.

Dank voor je nominatie!

Elke bezoeker van Schrijverspunt kan schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver. In totaal mag elke bezoeker 2 verschillende schrijvers nomineren over heel 2019. Nomineren is mogelijk tot 31 december 2019.

Omdat we streven naar een eerlijke nominatie voor Talentvolle schrijver 2019 controleren we elke nominatie op geldigheid. Ongeldige nominaties tellen niet mee in de score en verwijderen we.

Om de geldigheid van een nominatie te controleren vragen we je hieronder je e-mailadres in te vullen.  We garanderen dat we dit emailadres niet aan derden verstrekken en slechts gebruiken voor controle. Na afronding van de nominatie verwijderen we  dit e-mailadres.
Ongeldige invoer

Alle gepubliceerde inzendingen

  • augustus 2019
  • juli 2019
    • Douchebeurtje. (88) Pieter Wouter Broekharst 31-07-2019

      Breeduit grijnzend staat Gerard Konkelaar in de deuropening. Om zijn hals heeft hij als een...

      Lees meer...

    • Prettige crematie! (84) Pieter Wouter Broekharst 27-07-2019

      Prettige crematie! “Nee, ik begin er niet meer aan.” Mevrouw Kruijfwater schudt haar...

      Lees meer...

    • Hete nachten (98) Vera Bijma 27-07-2019

      Ik hijg. Ik kreun. Ik zucht. Van de warmte, welteverstaan. Want met deze hitte wil ik...

      Lees meer...

    • Samen douchen! (113) Pieter Wouter Broekharst 23-07-2019

      “Ha, ben jij het, jongen!” Mevrouw de Beer is dik in de negentig, vrolijk oud wordend en...

      Lees meer...

    • weg van de stress (122) Dorine Van der Marel 22-07-2019

      Het tolkaartje, dat een klein stukje uit z’n gleufje steekt, lacht me recht in mijn...

      Lees meer...

    • Paardengek (170) Vera Bijma 22-07-2019

      Ik was als kind een echte paardengek. Natuurlijk wilde ik dan ook niets liever dan een...

      Lees meer...

    • Melk (158) Lieven Vandekerckhove 22-07-2019

      Behalve voor de jeugdbeweging, die als een turbine mijn enthousiasme kon aanzwengelen,...

      Lees meer...

Geef een waardering voor een artikel
Schrijvers stellen je waardering en/of commentaar bij een artikel erg op prijs!

Hoogste beoordeelding:

Boekentip

Top 10 : Meest gelezen

BookBuster