1 post

Muziek

104 Hits.

Hij had iets van een Beethovenkop. Iéts alvast. Er zat muziek in, en zijn haar golfde deinend naar beneden. Maar daarmee hield de gelijkenis ook op. Hij zong een toontje lager, en op zijn schedel had hij een haartje minder. Een flits die mij nu pas, veertig jaar later, door het hoofd schiet. Want zó lang zal het wel geleden zijn dat ik hem gezien heb. En het beeld dat overeind blijft, is vaag, een beetje mistig.

Hij kwam steeds onaangekondigd. Wij kwamen thuis van school, en hij zat daar, méér zwijgend dan pratend. Hij was altijd goed ingeduffeld, want hij was altijd op reis; en veel kleren om zich voortdurend aan de wisseling van binnen- en buitentemperaturen aan te passen, had hij niet. Zijn grootste bagagestuk was zijn zware, rode accordeon, die hij in een okerbruine, linnen zak overal met zich meedroeg. Hij zat daar op een stoel vóór zich uit te kijken, met de ogen dicht, en wachtte tot de soep werd opgeschept. Nooit wisselde hij een woord met het kleine grut. Ik denk dat hij ons niet zag, zo altijd met zijn ogen dicht. En wat hij mijn ouders vertelde, daar heb ik geen flauw benul van. Allicht sprak hij hen over zijn familie in Herentals, want hij had een dochter, die zelf al niet meer van de jongste was, en misschien had hij ook nog een vrouw. Of over zijn tochten, langs alle mogelijke plekjes waar de trein maar halt hield. Daar stapte hij voor enkele dagen af, zocht wat nestwarmte bij een familie als de onze, en schuimde van daaruit de goede cafés af, op zoek naar een welwillend en vooral vrijgevig gehoor. Gustje Peelaert, wat is er van Gustje Peelaert geworden?

Ook ´s zomers viel hij binnen, want dan trok hij met zijn accordeon naar de Ijzerbedevaart. Waar véél volk samenkomt, daar moeten artiesten als Gustje Peelaert naar toe. Daarenboven, hij speelde schone Vlaamse liekes, zo met zijn ogen dicht. Dus werd hij daar niet alleen gedoogd, zijn kas werd er om zoveel schoonheid gespijsd.

En zie, gisteren was het alsof ik Gustje Peelaert hoorde spelen. Hij was al diep in de nevels van de geschiedenis weggezonken, toen hij mij eensklaps springlevend voor ogen stond. Vanop de stoep vóór café Brandon hoorde ik de bekende deuntjes. Nog met de deurkruk in de hand zag ik hoe vijf, zes late gasten in gespreide slagorde naar het accordeonspel zaten te luisteren.

"Hij komt uit één van de naburige dorpen", lichtte de kastelein toe, als hij mij vragend zag kijken, "en hij zit hier nu al goed vijf uren te spelen."

Hij was in het café opgedoken na de voetbalwedstrijd die hij was gaan bekijken, en de hele tijd had hij zijn instrument niet meer opzij gelegd. Ik hoorde hem flink uit de bocht gaan, boven of onder de notenbalk. Ook zijn présence had wel wat deuken van de alcohol gekregen, maar hij hield verbeten vol. Af en toe stond hij op van zijn barstoel, en ging midden in het café staan. Daar viste hij naar de wensen van het publiek.

"Noem me een liedje, allez, noem me d´er één," insisteerde hij, en hij zabberde rijkelijk over zijn schoon instrument. Als hem dan één of andere titel werd aangereikt, tastte hij met de ogen dicht zijn beneveld geheugen af, en zette een lang, zeer lang voorspel in. Want titel en melodie bij elkaar brengen, was in zijn staat van ontbinding geen sinecure. Maar dan in één keer klonk de melodie door, en er was alom vreugde omdat hij er warempel nog mee voor de dag kwam. Eenmaal hij dan in gang was, was het nog maar kinderspel. Hij lachte opgelucht en zelfzeker, ging er zelfs vervaarlijk bij dansen. Soms boog hij zó ver voorover of achterover of opzij, dat ik hem in al zijn overmoed nog op mijn tafel verwachtte.

"Dat zijn mannen, hé," lachte een dikkertje mij toe.

"Als hij straks valt, is zijn schoon instrument naar de vaantjes", probeerde ik zo neutraal mogelijk.

"Geen nood, die kunnen drinken hoor, die mannen!"

Af en toe liet de muzikant het hoofd neerzijgen tot hij met de wang het instrument nét niet raakte. Dan sloot hij de ogen opnieuw, en reeg zó de akkoorden aan elkaar. Op die momenten kwam de muziek niet uit zijn trekzak, ze kwam uit zijn binnenste binnenste. En op zo´n moment zag ik plots weer Gustje Peelaert vóór mij. Zó zal die zich zeker nooit vertoond hebben, dat wist ik zeker. Maar zó droomde hij ook weg, terwijl hij het klavier met zijn hart en ook een beetje met zijn vingers bespeelde. Ver weg zag ik hem zitten ´s avonds bij ons thuis, in zijn warme trui. Na het avondmaal betaalde hij met de schoonste liedjes uit ons Vlaams repertoire. Hij hield de ogen gesloten, immer gesloten, al speelde hij een uur lang. Pas als hij de ogen weer opende, viel de muziek uit.

Gustje Peelaert. Ik wed dat hij naast Sint-Pieter op een stoel zit, en dat sedert zijn ogen voor altijd zijn dichtgegaan, hij niet meer heeft opgehouden met spelen. Luister maar goed, misschien kom je hem ook nog wel eens tegen. Tenminste, mocht je eveneens in de hemel komen.

 

 

Alleen Plusleden kunnen een eigen artikel aanpassen na publicatie. KLIK HIER om alle voordelen van een pluslidmaatschap te bekijken.

De auteur van dit artikel Lieven Vandekerckhove:

"Ik ontvang graag feedback"

Als een auteur geen behoefte heeft aan feedback verschijnt er geen mogelijkheid voor reacties.

Ook jouw mening is hier welkom!

Reacties:

07.08.21
Feedback:
Prachtig geschreven!
  • Waardering
    100%
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
07.08.21
Feedback:
Mooi en bijzonder sfeervol geschreven, Lieven.
'Hij had iets van een Beethovenkop.' Een goede openingszin is vaak moeilijk, maar deze is werkelijk om van te smullen.
  • Waardering
    100%
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
  • lieven vandekerckhove 07.08.21
    Dank, Ewald, voor je waardering. Je hebt volkomen gelijk met wat je over de openingszin schrijft. Dit geldt voor wat mijns inziens de twee belangrijkste zinnen van een stukje zijn: de eerste én de laatste. Ik raad steeds iedereen die schrijft aan om bijzonder veel aandacht te schenken aan deze twee zinnen.

Meer van deze auteur:

Titel:Hits:Waardering:Link:
Column
Cursiefjes
1526
Lezen?
'Dag van...'
1329
Lezen?
Harris Mopulu
1020
Lezen?
55 woordenverhaal
Help!
955
Lezen?
55 woordenverhaal
Entrée
941
Lezen?