Cursiefjes

Cursiefjes op Schrijverspunt
Bij cursiefjes verwachten wij een korte tekst, vaak geschreven in de ik-vorm, met gebruik van eenvoudige taal, die echter door de taalhumor vaak verrassend en origineel wordt. Het cursiefje vertelt iets over de dagelijkse realiteit, waarmee verbeeldingselementen worden vermengd, heeft een humoristisch-luchtige toon, vaak gecombineerd met een droefgeestige ondertoon en  relativeert de realiteit en verzacht de problemen. Wil je ook een cursiefje publiceren op Schrijverspunt? Dat is mogelijk door eerst in te loggen.
Waardeer je een cursiefje? Breng dan s.v.p. een stem uit van 1-5 (5 is de hoogste waardering)

M'n vaders horloge



In de drukte van de boekenbeurs nam ik een kijkje bij de voordrachtzaal. Ik moet toegeven dat het niet zozeer de literaire speeches waren die me erheen lokten: de laatste twintig jaar heb ik slechts vakliteratuur doorworsteld, wat dan ook de reden was van m'n bezoek aan de beurs. Om het in programmeertechnische termen te zeggen: ik ben een literaire 'NULL', wat in elk relationeel database-systeem zoveel wil zeggen als 'niet ter zake', 'ongekend' of vrij vertaald: 'een stuk onbenul'.

De ware reden waarom ik me daar bevond, was een heimelijke nieuwsgierigheid om eens één van die alom geprezen beroemdheden in levende lijve te zien, al zou ik, zonder foto bij de hand, er wellicht geen één van herkennen. Groot was dan ook m'n verbazing toen bleek dat één van de jeugdige verslaggevers míj meende te herkennen.

"Hé, wie we daar hebben, Jan Streeks! Mag ik een woordje van jou op papier zetten? Ik heb altijd van je schrijfstijl genoten, de manier waarop je het Goddelijke weet te verenigen met de alledaagse verveeldheid in... bla... bla... bla... ".

Ik was met verstomming geslagen. Jan wie? Wat voor alledaagse vereniging voor goddelijke verveling? Waar had hij het in 's hemelsnaam over? Ik bekeek hem verbouwereerd. Men had me, waarschijnlijk vanwege m'n Jommekeskop, lang geleden al wel eens vergeleken met Louis Neefs, maar dit sloeg nergens op.

"Heu... ik vrees dat dit op een misverstand berust...". 
Hij liet zich echter niet van zijn apropos brengen. "Kom kom, beste kerel, doe nu niet zo bescheiden! Vertel me bijvoorbeeld eens: hoe bestaat het dat je in één trefzin kan samenvatten waar andere exegeten hun hele leven lang bibliotheken vol over schrijven?".

Het begon werkelijk wat gênant te worden. Als hij een exe-dinges nodig had was hij bij mij aan het verkeerde adres. Alweer drong de dwingende noodzaak zich op om hem attent te maken op zijn kapitale blunder. "Sorry, U hebt het helemaal verkeerd voor. Trouwens, waar hebt U het eigenlijk over?
"Precies beste kerel, dát is de hamvraag." Hij keek me daarbij samenzweerderig aan, nam me bij de elleboog en drukte me in een stoel. "Inderdaad, die vraag heb je weer treffend gesteld. Dé vraag die de mensheid al eeuwen bezighoudt: 'Waar gaat het allemaal over?'. Met de titel van je nieuwe boek: ‘Als God het antwoord is, houdt hij van korte metten’ maak je overduidelijk allusie op het dagelijks brevier-gebed: de zogenaamde metten van vroeger..." en hier wachtte hij even onheilspellend.

Wat confuus tuurde ik in zijn triomfantelijk vorsende ogen, me afvragend wanneer het konijn tevoorschijn ging springen. Elk woord apart overdreven artikulerend orakelde hij: "God-is-dus-een-a-na-chro-nis-ti-sche-uit-zend-kracht-bin-nen-ons-tran-si-toir-be-staan?". Waarna hij vliegensvlug een blocnote tevoorschijn toverde met zijn potloodstompje in de aanslag.

M'n ogen begonnen stilletjes de uitgang te zoeken. Die man was compleet krankjorum, zover was zeker. Maar toch voelde ik me heimelijk wat geflatteerd: het overkomt je nu eenmaal niet elke dag dat een heuse journalist je om je mening vraagt. Maar m'n mening over wát eigenlijk??? Ik had nauwelijks de vraag begrepen...

Plots schoot me een verhaaltje te binnen wat m'n vader zaliger lang geleden me als aankomende puber eens had verteld, nadat ik hem ziels ongelukkig had gevraagd waarom we de vissen in ons aquarium niet vrij lieten. 
Opgelucht haalde ik adem. “God? Hé ja! Dáár kan ik je wel iets over vertellen!".

De pientere oogjes van het potloodmannetje begonnen te schitteren achter zijn uilenbrilletje. Hij staarde me gebiologeerd aan als een snoek die een lekker goudvisje in het vizier kreeg. Ik begon me alweer danig ongemakkelijk te voelen en greep de leuning beet in een halfslachtige poging om uit m'n stoel te vluchten. De attentie waarmee het pennenlikkertje me 'geruststellend' op m'n dij klopte, werkte echter even verlammend als de beet van een vogelspin.
"Kom kom, beste man, ik vraag je toch niet om hier je jeugdverdriet op tafel te gooien! Toe maar, steek eens van wal met dat verhaal van je."

M'n 'jeugdverdriet' nota bene! Het ventje had blijkbaar een speurneus waar een drughond bij lange na niet aan kon tippen. Gelukkig waren de kanalen tussen z'n neus en z'n verstand klaarblijkelijk verstopt.

Ik begon me dan maar in het onafwendbare te schikken en zuchtend dolf ik uit m'n jeugdherinneringen de reeds lang verstomde woorden van m'n vader op. Zittend op de rand van m'n bed keek hij me wat onbeholpen aan. M'n vriendje had die dag m'n knikkers afgepakt, de juf was boos geweest omdat ik m'n agenda niet kon vinden (dat had ik m'n vader maar stilletjes verzwegen) en op de koop toe had die stomme pestkop, waar ik samen de schoolbank mee moest verslijten, me heimelijk een venijnige stomp in m'n ribben gegeven. De wereld was duidelijk rot en als Onze Lieve Heer dan tóch alles kon, waarom kwam Hij dan niet zélf die catecheselessen geven in plaats van die ouwbakken zuurpruim? Ik voelde me langs alle kanten bedrogen en ergens diep in m'n uitgesnotterd hart, borrelde er een hevige sympathie op voor onze aquariumvissen die in hun kleine bak maar steeds van de ene kant naar de andere zwommen. 
Nadat ik zowat een gat in de zakdoek van m'n vader had gesnoten, keek ik hem recht in z'n donkerbruine ogen aan en vroeg hem van 'man' tot man: "Papa, heb jij God al eens gezien?". M'n vader keek me peinzend aan, deed z'n mond open, bedacht zich toen en gedachteloos wond hij z'n horloge op. Het was nog zulk een ouderwets ding met fluorescerende tipjes op de wijzerplaat. Het was het dierbaarste wat hij me bij z'n dood had nagelaten en sindsdien heb ik het steeds gedragen. Toen raapte hij m'n knuffels van de grond en stopte ze bij me tussen de dekens. Er vormde zich stilletjes een jongensachtige grijns rond z'n onrustige ogen. "Wel knulletje, héél lang geleden was er eens... ".

Ik stopte abrupt. De journalist keek even bevreemd naar z’n steno-notities. M'n hoofd draaide schichtig in het rond als een vlieg in een vuurtoren. Ik kreeg een wee gevoel in m'n buik en probeerde nog wat verder weg te kruipen in m'n stoel. Pietje Potlood keek me gekrenkt aan. 
Hé zeg, doe me een lol, wil je? Je hoeft niet zo cynisch te doen! Ik zit hier ook maar om m'n boterham te verdienen!". Een beetje misnoegd keek hij wat verloren in het rond en begon heftig aan z'n potloodje te sabbelen. Er viel een haperende stilte. Ik vond hem eigenlijk wel wat zielig en kreeg vaagweg het gevoel alsof ik het deze keer was die hem zijn knikkers had afgepakt. Ik besloot een poging te ondernemen om het goed te maken. 
"Sorry makker, ik euh... ik had het daarnet tegen mezelf”, wat nog waar was ook. Het verhaaltje dat m'n vader me had verteld, kon ik me nog nauwelijks herinneren.

Verhaaltjes voor het slapengaan, leiden de jaren die erop volgen een heel eigen vreemdsoortig bestaan: de opzet, het plot, gans de clou van het verhaal raakt langzamerhand opgelost in een poel van onbenullige dingen, terwijl des te intrigerend één of andere futiliteit zich steeds scherper gaat aftekenen tegen een sluier van halfvergeten knuffelgeneugten waar een kind mee in bed wordt gestopt.

Er was me dus, na al die jaren, nog één zinnetje glashelder bijgebleven. Dit, gebreid aan een citaat dat me te binnen schoot, vormde de kern van m'n kort maar, naar ik hoopte, krachtig betoog. Ik zette Potje Pietlood daarbij nadrukkelijk m'n meest existentiëelst-diepst-ernstigste blik voor. 
"Als antwoord op wat 'Tijd' is," declameerde ik, "heeft Einstein eens gezegd: 'Tijd is datgene wat de Klok aanwijst' en zoals Einstein z'n bijzondere relativiteitstheorie heeft veralgemeend, zouden we ook dit tijdsaxioma kunnen uitbreiden door te stellen: ", en ietwat onzeker vervolgde ik met de woorden van m'n vader: "God is diegene die... eh... woont in de Klok." 

Zo, het was eruit, eindelijk! Tot m'n verbazing luchtte het me enorm op. Ik had het nog nooit aan iemand verteld, maar na dat verhaaltje van m'n vader had ik als kind nachtenlang een tikkeltje angstig liggen luisteren naar het getiktak van m'n Mickey-Mouse-klok, bang dat ze het ooit eens zou opgeven. Raar dat zoiets stom zo lang op je lever kan blijven liggen. Ik voelde me lekker ontspannen en keek het brilleventje vriendelijk aan... of tenminste: naar de plek waar hij zojuist nog had gezeten. Z'n afgescheurd stenobriefje had hij verfrommeld achtergelaten op z'n stoel. Na enig zoeken bleek hij in een diep gesprek verwikkeld te zijn met iemand die net binnengekomen was en wiens kapsel een bespottelijke gelijkenis vertoonde met dat van 'Jommeke'... Ach ja natuurlijk: Jan Streeks! Onderwijl gebaarde het pennenlikkertje af en toe verontwaardigd in mijn richting.

Ik kreeg schoon genoeg van heel het gedoe en, een goedkoop excuus verzinnend om het af te stappen, keek ik even nadrukkelijk op m'n vaders horloge. Het drong eerst niet tot me door, maar toen kreeg ik de rillingen over m'n rug: het polsuurwerk had het ergens tijdens m'n betoog opgegeven...

Dit artikel delen?
Pin It
  • Hits: 78
(Gemiddelde waardering 3.8 met 4 waardering(-en)

Login of registreer om een reactie te plaatsen

Wil je deze schrijver nomineren!

Bezoekers van Schrijverspunt kunnen 2 verschillende schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver 2019. Je kunt de schrijver van dit artikel nomineren door op de groene button te klikken.

Dank voor je nominatie!

Elke bezoeker van Schrijverspunt kan schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver. In totaal mag elke bezoeker 2 verschillende schrijvers nomineren over heel 2019. Nomineren is mogelijk tot 31 december 2019.

Omdat we streven naar een eerlijke nominatie voor Talentvolle schrijver 2019 controleren we elke nominatie op geldigheid. Ongeldige nominaties tellen niet mee in de score en verwijderen we.

Om de geldigheid van een nominatie te controleren vragen we je hieronder je e-mailadres in te vullen.  We garanderen dat we dit emailadres niet aan derden verstrekken en slechts gebruiken voor controle. Na afronding van de nominatie verwijderen we  dit e-mailadres.
Ongeldige invoer

Alle gepubliceerde inzendingen

Geef een waardering voor een artikel
Schrijvers stellen je waardering en/of commentaar bij een artikel erg op prijs!

Hoogste beoordeelding:

Boekentip

Top 10 : Meest gelezen

BookBuster