SCHRIJFACTIVITEIT: CURSIEFJE

Bij een cursiefje verwachten wij een korte tekst, vaak geschreven in de ik-vorm, met gebruik van eenvoudige taal, die echter door de taalhumor vaak verrassend en origineel wordt. Het cursiefje vertelt iets over de dagelijkse realiteit, waarmee verbeeldingselementen worden vermengd, heeft een humoristisch-luchtige toon, vaak gecombineerd met een droefgeestige ondertoon. Maximaal 750 woorden.

Klik voor alle schrijfactiviteiten in het menu op SCHRIJFACTIVITEITEN.

Inbreken: een goede daad!

Publicatie: | Hans Van Battel

Meer dan 10 jaar geleden woonde ik in een rijtjeshuis met tuin.

M’n gebuur van twee huizen verder was een stokoude vrouw die al wel eens wat vergat. Bijvoorbeeld die keer toen zij tot haar grote consternatie buiten voor haar voordeur stond zonder huissleutel. Toevallig kwam ik op dat moment thuis en zag haar vertwijfeling. Of ik haar alstublieft kon helpen?

Dat hoef je me geen twee keer te vragen! Nu had ik bij mezelf al enkele keren ingebroken door m’n arm in m’n brievenbus te wurmen en zo de binnenklink beet te pakken. Nadat er wat wantrouwige blikken werden geworpen door voorbijgangers, begon het me te dagen dat ik net zo goed een briefje op de buitendeur kon plakken met instructies. Dus had ik m’n brievenbus langs binnen voorzien met een metalen veiligheidskap. Helaas loste dit m’n vergeetachtigheid niet op. 

Geen nood, zo bleek: ik kreeg m’n arm dan wel niet meer door de brievenbus, maar na enig vakkundig gepruts aan de verroeste binnenketting van het kelderrooster en wat gewrik aan het vermolmde kelderraam erachter, kon ik me langs een boel stof- en spinnenwebben, én met m’n buik ingetrokken, nipt toegang verschaffen tot m’n –overig ‘inbraakbestendige’- woning. Ook dit manouvre werd na de derde keer onthaald op nieuwgierige blikken die een zeker ‘Aha!’-Erlebnis uitstraalden…

Dus, nadat ik mezelf ook deze noodtoegang had ontzegd door middel van een nieuwe roosterketting, zat er nog maar één ding op (buiten m’n geheugen wat op te vijzelen, maar dat was onbegonnen werk): bellen bij m’n naaste buur. Die was haast altijd thuis, ietwat dementerend en dus vol begrip. 
Met een ladder kon ik dan achteraan het huis makkelijk over onze gemeenschappelijke tuinmuur klauteren. Daar aangekomen kon ik me dan gelukkig prijzen met m’n vooruitziend gesternte: m’n terrasdeur vergat ik zowat altijd op slot te doen. 

Of ik haar alstublieft kon helpen?

Haar brievenbus kon ik wel vergeten: veel te smal. Het kelderrooster idem ditto. Bellen bij haar naaste buren leverde niet-thuis op.  Familie of kenissen die misschien een reservesleutel hadden? Daar had ik blijkbaar een teergevoelige snaar aangeraakt: nee, die waren er niet… Een slotenmaker dan? Tja, maar dat is zo duur hé… 

Er ging me een licht op: misschien als ik nu met twee ladders via de twee hoge tuinmuren zo …? Tja, maar haar achterdeur deed zij altijd op slot.  Blijkbaar had ze overal aan gedacht, behalve aan haar sleutel.
Edoch… er ging haar een licht op: het WC-raampje stond altijd open. Na een vorsende blik op m’n mager postuur (we schrijven anno jaren stillekes hé) wist zij stellig dat dit voor mij geen probleem kon zijn.

Zo gezegd, zo gedaan. In mijn tuin klom ik met één ladder in de hand de andere op, liet de eerste zakken aan de andere kant van de muur waar ik me halvelings schrijlings op posteerde om zo de opgeklommen ladder over de tuinmuur te heisen… Nu ja, je ziet het plaatje hé. Idem dito voor de volgende tuinmuur.
Et voilà! Na het nodige ladderwerk bevond ik me voor haar open toiletraampje dat uitnodigend wagenwijd open stond, maar waar zelfs Magere Hein nog danig wat wringwerk aan zou hebben. Maar nu ik eindelijk zo ver was, duwde m’n trots me met schaven en schampen door het onding tot ik ondersteboven in haar pot belandde.

Oef! Effe bekomen. 
Wauw! Wat een prachtige broccante glazen WC-deur! In het melkglas was een idyllisch herderstafereeltje geëtst. Moest een fortuin waard zijn!

Vol eigendunk omwille van m’n goede-daad-van-de-dag zwaaide ik de deur naar binnen toe open... en bleef aan de grond genageld staan: met een knal versplinterde het bucolisch landschap en viel in scherven voor m’n voeten. Door het gebroken venstergat, waar m’n geest nog wanhopig terug het antieke glas trachtte in te plaatsen, stak de klink van de keukendeur. Twee deuren die tegen elkaar in draaien, zijn geen probleem als je alleen binnen in huis bent: dan moet je de ene sluiten om in de andere kamer binnen te geraken.  De laatste deur die m’n buurvrouw had open gezet was helaas niet die van haar toilet. 

Schoorvoetend opende ik haar buitendeur…

Enthousiast over deze inzending? Deel je enthousiasme op sociale media m.b.v. onderstaande buttons.

Reacties:

Iedere bezoeker kan een reactie geven! Schrijvers stellen je tips en opmerkingen op prijs. Wil je automatisch een bericht ontvangen bij een reactie? Klik op de + boven de reacties.
03.08.22
Graag je feedback over de schrijfkwaliteit en schrijfstijl van deze inzending.
Hans, wat een gedoe allemaal. Als buren nu eenvoudigweg een reservesleutel van elkaar bewaren... ;-)
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
  • Hans Van Battel 03.08.22
    Tja, buiten eenvoud spelen daar nogal wat andere bedenkingen in mee, niet?
    • Hans Van Battel 04.08.22
      @Ewald Verhuizen... Ik ben in m'n leven 21 keer verhuisd... M'n zus meer dan 30 keer... Soms werden bepaalde dozen niet eens uitgepakt...
      Vertrouwen moet ook de kans hebben om te groeien hé. De meesten van onze buren hebben we zelfs nauwelijks gekend. Moet ik misschien eens een stukje over schrijven...
    • Ewald Hagedorn 03.08.22
      @Nemonia O nee, Hans, oordelen kan en wil ik helemaal niet. Ik ging alleen van mijn eigen situatie uit. Ik heb meerdere buren: naast me, onder me, boven me, schuin onder me, schuin boven mij et cetera. Ik ben vaak verhuisd en heb maar een heel enkele keer meegemaakt dat ik niemand mijn sleutel toevertrouwde.
    • Hans Van Battel 03.08.22
      @Ewald Ja, dat is een ideale situatie. Maar als je ene buur dementerend is en prompt vergeet dat je hem een sleutel hebt gegeven (laat staan dat hij nog weet waar hij hem heeft gelegd) en daarenboven onder bewindvoering staat van iemand die mij niet kent en er niet happig op is om diens sleutel aan mij te geven, en de andere stokoude buur een wantrouwende reflex heeft ontwikkeld door toedoen van de onveilige buurt en alles wat zij heeft meegemaakt, dan zien de zaken er heel anders uit. En geloof me: er zijn heel wat mensen die zo hun redenen hebben om hun sleutel niet aan hun gebuur te geven. Trouwens, wie ben ik (en jij) om daar over te oordelen?
    • Ewald Hagedorn 03.08.22
      Als het contact goed is en je elkaar vertrouwt dan zie ik verder geen bedenkingen. Zelf heb ik van twee buren een sleutel en beide buren hebben ook een sleutel van mij. Verder heeft ook een goede vriend, die op vijf minuten lopen woont, van mij een nog reservesleutel. Ik hoef dus geen ruitje in te tikken of te klauteren of te klimmen om bij mezelf binnen te komen.

Ook gratis meedoen aan een schrijfactiviteit? We publiceren je inzending voor minimaal 12 maanden. Meedoen is mogelijk door in te loggen en dan bovenin de pagina op de rode balk te klikken. Nog geen lid? Aanmelden is gratis.