Voor schrijvers, door schrijvers
Cursiefje

Cursiefje

Aantal gepubliceerde inzendingen: 340

Fuif

Je dochter wordt achttien en laconiek zegt ze: "Ik geef een fuif." Ze zegt dat. Ze vraagt dus niet of ze een fuif mag geven, neen, ze is immers achttien, en dus deelt ze mee dat ze een fuif geeft. Samen met Katrien, die óók achttien werd. Overigens staat de nationale wet aan haar kant, want die geeft haar nu vrijwel onbeperkte volmachten. Gedaan dus met betuttelen, volwassen is volwassen. Op dus naar 23 september!

Ze is er druk voor in de weer geweest. Gefotokopieerde uitnodigingen op quarto-formaat, een godvergeten zaaltje achter een braveburgerscafé, en een diedjie met een formidabele klank- en lichtinstallatie. Naast een collage van teksten en tekens en een foto van de twee feestvarkens,  zusterlijk verenigd, vonden de genodigden op de uitnodigingsbrief de lokalisering van de plaats des heils en de vermelding van de toegangsprijs: 5 €.

Ze was al van vóór zessen vertrokken, bepakt en beladen, en ze had haar moeder getipt om toch maar niet te vroeg te komen. Dus zakten wij zo tegen tienen naar de stad af. De twee organisatoren namen aan de inkomtafel de honneurs waar, ontvingen de geschenkjes zowel als de inkomgelden, én sleten consumptiebonnetjes. Een hele klus, als je ´t mij vraagt. Achter de toonbank stond een barman, die voor de gelegenheid door de zaaluitbater was ingehuurd. Hij was nog ijverig bezig met orde scheppen in zijn veelsoortig assortiment glazen. Boven hem hing een mooie art déco pendule, die in het jaar stillekes om zeven uur dertien was stilgevallen. Achteraan in het zaaltje stond een schim over een groot paneel gebogen, waarop duizend-en-één helrode speldenkopjes in honderden combinaties aan- en uit flitsten: de diedjie met zijn muziekdoos. Links van hem stond op een hoge ijzeren voet een lichtbol, die de wereld gedempt in kaart bracht op het plafond: Indonesië in het paars, Nieuw-Zeeland in het groen, China in het mauve, enzovoort. Rechts van hem stond op een ander ijzeren staketsel een batterij van zes rode schijnwerpers gedimd te wachten tot in het heetst van de strijd de vlammen als vurige tongen zouden nederdalen over de hoofden van het jonge geweld. Tegen de muren aan stonden een twintigtal tafeltjes opgesteld, en hier en daar waren al een paar feestgangers neergestreken. Ik betaalde de toegangsprijs voor ons twee, en kocht tegelijk ook vijf drankbonnetjes. Tien euro inkom en vijf bonnetjes waarop ze telkens 1 euro winst maakten, ze hadden toch al dát, dacht ik. Als ze aan vijfhonderd consumpties kwamen, dienden ze voor de zaal geen huur te betalen, had ze ons gezegd. Ik keek eens rond en begon een consumptiegemiddelde per kop te berekenen. Rampzalig, leek het me.

Terwijl mijn vrouw zich installeerde aan een tafeltje helemaal voor ons alléén - wat niet bepaald een luxe is in een bijna lege zaal - ging ik twee biertjes bestellen. Ik maakte een ommetje langs de schim van de muziekdoos, en vroeg of hij mij het plezier wilde doen om het geraas met wat decibels af te kalven, maar hij verstond mij niet. Dus riep ik het nog maar eens in zijn oor. Hij bekeek mij meewarig, alsof ik van een andere planeet kwam, maar hij respecteerde mijn leeftijd én mijn vaderschap, en nam wat gas terug. Tegelijk zette hij de wereldbol aan het tollen. Slierten kleur werden in een hels tempo over het plafond, de muren, de vloer geworpen.

"Er is al vierentwintig man," zei mijn vrouw hoopvol toen het bijna half elf was.

"Man?" vroeg ik.

Ik telde vijf à zes man, en voor de rest inderdaad een kleine twintig tortelduifjes, waarvan ik er enkele herkende omdat ik ze al eerder bij ons thuis had zien in- en uitvliegen. Het is voorwaar niet makkelijk om in de danspaleizen van vandaag meteen te zien welke kunne daar verpakt loopt. Van één was ik zeker: zijn outfit, haarsnit inbegrepen, zag er traditioneel mannelijk uit; en bovendien, hij liep té onbeholpen achter en tegen een prinsesje aan. Vierentwintig man dus, maar niemand  danste. De diedjie stond er voor Piet Snot bij. En daar verscheen plots de vijfentwintigste man: Camilla, ons hulpje in het huishouden, dertiger met al veel zilveren haren, Amerikaanse, studente filosofie, en kettingrookster van zelf gerolde Semois. Ik zag de eerste vijf euro, die ze ´s middags nog met poetsen verdiend had, al weer via de kassa van mijn dochter naar ons huishouden terugvloeien: vijf euro minder deficit voor vanavond.

"Wel wel, kijk eens aan. Prachtig is dat. Het zou in Amerika niet waar zijn dat de ouders óók geïnviteerd worden!" Daar zei ze wat! Wáren wij wel geïnviteerd? Daar was ik niet eens blijven bij stilstaan. Was het voor dochterlief wel even vanzelfsprekend dat wij daar waren als dat voor onszelf was? Daar zei Camilla wat, inderdaad.

Had de diedjie dievelings het geluid wat bijgesteld of werd de weergave con sordino mij op de lange duur nóg te veel, ik weet het niet. Maar ik kreeg het danig op de heupen van dat geluidsbombardement. Een tweede interventie leek me echter niet meer aangewezen: té paternalistisch, té conservatief, té dit en té dat. Mijn vindingrijke dochter had gelukkig zelf de oplossing aangereikt. Op ieder tafeltje had ze een groot bakje peanuts geplaatst, en dus kon ik groothartig de akoestische opdoffers incasseren door langs weerskanten een flinke aardnoot diep in het oor te duwen. Comfortabel was het niet, maar zonder de peanuts was ik helemáál onderuit gegaan.

"Bzzz bzzz bzzz bzzz", zei Camilla.

Ik mocht al meteen proberen om een boon weer weg te halen uit mijn oor, maar die wilde niet direct mee. Met mijn wijsvinger peuterde ik links, dan rechts, terwijl Camilla mij vragend aankeek. Rechts brak dat onding doormidden en alleen met de scherpe kant tegen de huid kon ik het naar buiten halen.

"Wat zeg je?" riep ik haar toe, terwijl ik nog wat korrels uit mijn oor schraapte.

"Dat er niet veel gedanst wordt", herhaalde ze.

"Dat vind ik óók merkwaardig", rondde ik maar af. Snel gleed ik opnieuw een bolletje peanut in mijn oorschelp, want dat zootje muziek zinderde dwars doorheen mijn bovenlijf. Om kwart voor elf zag ik mijn dochter instructies geven aan de diedjie. Ze ging samen met een vriendin op de dansvloer wat aanstalten maken, maar echt Schwung kwam er niet in. Een beetje gegeneerd en vooral ongeduldig kwam ze wat later onze richting uit.

"Ze hebben schrik van jullie, ze durven niet dansen."

"Ze moeten toch naar ons niet omzien, zeker!"

"Ja maar, dat gaat niet, ze zitten te wachten tot jullie weg zijn."

Ik had nog net een biertje besteld, en zei haar dat ik het jammer zou vinden het niet eerst te kunnen  opdrinken. Nu ja, dat mocht dan nog wel, maar... Er was duidelijk haast bij. Wat zei Camilla daar? Dat het in Amerika ondenkbaar is dat de ouders óók geïnviteerd worden? Ja, in Amerika is alles anders natuurlijk.

Op de stoep hield ik mijn vrouw staande. Terwijl ik één en ander uit mijn oren scharrelde, zei ik lachend: "Misschien zijn ze te veel geolied, maar proef eens of ze voor de rest nog lekker zijn." Maar zij was me al weer een stapje voor. Ze dacht al aan het viltje dat ze ´s anderendaags op haar ontbijtbord verwachtte, en somde op: “Zoveel voor de huur, zoveel voor de diedjie, zoveel voor de peanuts, zoveel voor dit en zoveel voor dat - en maar zoveel entrees.”

Tja, hoe zou dát in Amerika aflopen?

 

 

Dit artikel delen?
Auteur van dit artikel:
© Lieven Vandekerckhove
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.
Hits: 368
Publicatie op .
Tags: Cursiefje

Geef een waardering voor: "Fuif"

Geschreven door Lieven Vandekerckhove . Geplaatst in Cursiefje.
Klik op de naam of afbeelding van de auteur voor meer informatie.

Jouw feedback hier?

Dat is mogelijk met een waardering en/of jouw commentaar te geven.
Ook kun je reageren op commentaar van anderen.
 
Periodiek verwijderen we 'oudere' inzendingen o.b.v. geen of lage waarderingen. Door een waardering te geven bepaal jij dus mede de continuïteit in publicatie van een inzending!

Nu te koop...