Voor schrijvers, door schrijvers
506 inzendingen in deze rubriek

Ook jouw tekstbijdrage is welkom en meedoen is gratis.

Cursiefje

Bij cursiefjes verwachten wij een korte tekst, vaak geschreven in de ik-vorm, met gebruik van eenvoudige taal, die echter door de taalhumor vaak verrassend en origineel wordt. Het cursiefje vertelt iets over de dagelijkse realiteit, waarmee verbeeldingselementen worden vermengd, heeft een humoristisch-luchtige toon, vaak gecombineerd met een droefgeestige ondertoon, relativeert de realiteit en verzacht de problemen. 
Klik hier
Eerst inloggen of (gratis) aanmelden s.v.p. om je artikel in te zenden.
(klik op de button om in te loggen of je aan te melden)

107 Hits

Publicatie op:
Een studentengrap
Uit: Waargebeurde verhalen
Een studentengrap (1975)
“Ik zie helemaal geen trein”, klonk het achter ons. Steeds meer treinreizigers draaiden zich om.
Het was die morgen bitterkoud. De oostenwind gierde om het oude 19-eeuwse stationsgebouw en rode neusjes en bevroren vingers vulden de stationshal. Rook van sigaretten steeg op uit de druk pratende groepjes. De meesten waren, aan de schooltassen te zien, studenten op weg naar hun eerste college voor die dag. Mijn jongere broer Jaap en ik stonden bij de buitendeur en hadden, als enigen, uitkijk op het spoor vanuit het zuiden. De trein zou mij afzetten in Assen, terwijl Jaap voor zijn studie door zou reizen naar Groningen.
Op een bepaald moment zag Jaap een ondeugende twinkeling in mijn ogen. “Jaap,” fluisterde ik in zijn oor, “zullen we een geintje uithalen? Gaan we zeggen dat de trein eraan komt. Kijken of ze ons volgen.” “Is goed Jan. Maar dan moeten we dat nu doen.” “Jaap,” riep ik vrij hard door de hal, “in de verte zie ik de trein. Kom je”. We pakten onze tassen, zwaaiden de zware buitendeur open en liepen het perron op. Achter ons hoorden we het geschuifel van vele voetstappen door de sneeuw.
Mijn voeten, neus en handen waren koud, maar vanbinnen was ik warm van opwinding. We gluurden over onze schouders en zagen de stationshal helemaal leeg lopen.
Opeens hoorden we iemand roepen: “Maar ik zie helemaal geen trein.” Steeds meer treinreizigers draaiden zich om en zagen met toegeknepen ogen en blauwe bekkies een leeg spoor. Toen ze onze lachende gezichten zagen maakten ze vliegensvlug rechtsomkeert naar de warme hal onder het uitroepen van allerlei verwensingen. Wat ik me nu wel afvraag is of je er tegenwoordig klappen voor zou krijgen?
 stationsgebouwkleur11

Feedback voor schrijfactiviteiten

Review voor: "Een studentengrap"

07.01.21
Feedback:
Ik denk van wel, Jan, maar grappig is het wel.
  • Schrijfkwaliteit
    5.0/5
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig

Heb je deze al gelezen?

  • Denktanken (334) Robert Beernink 14-05-2020

    ‘Vroeger hadden we aan Loe de Jong en pater Leopold Verhagen genoeg. Dan wisten we, duidelijk uitgelegd, hoe het zat. Kom daar nou maar eens om! Tegenwoordig laten ze voor elke kwestie legers...

    Lees meer: Denktanken