Columns

Columns op Schrijverspunt
  • Columns op Schrijverspunt
    Een column is een artikel waarin de schrijver zijn mening geeft over een onderwerp. Soms is de tekst humoristisch, soms provocerend, maar het is altijd de persoonlijke kijk op de wereld van de columnist. Een columnist geeft een beschrijving van een gebeurtenis en maakt daarbij zijn eigen mening duidelijk. FTbannerEen column moet een emotie bij de lezer losmaken, de lezer moet erom kunnen lachen, het stemt hem tot nadenken of maakt hem boos.
  • Wil je ook een column publiceren op Schrijverspunt? Dat is mogelijk door eerst in te loggen (lid worden is gratis).
  • Schrijvers stellen je waardering en/of commentaar bij een artikel erg op prijs!

    Een artikel beoordelen? Breng dan s.v.p. een stem uit  door op de gewenste(1-5) ster te klikken. (5 sterren is de hoogste waardering)

VAN AVONDLICHT NAAR ZWART LICHT

Op weg naar de dood

Als je er aan toe was kwam je vroeger in een bejaardenhuis terecht. Onze welvaartstaat is ook een verzorgingsstaat. Uitnodigende namen werden gegeven aan dergelijke huizen, zoals Regenboog, Vijverhof Rustenburg, enz. Daarmee voelde het vertrouwd en je werd goed behandeld! Maar wat als je nu een plekje krijgt toebedeeld in “Huize Avondlicht”? Verzorgingshuizen, heten ze nu, en steevast geleid door een muts van topklasse; volkomen over-gesocialiseerd, overal een antwoord op dat gunstig is voor henzelf, overduidelijk de broek aan, geen wederwoord mogelijk en geen woord van kritiek geaccepteerd. Kijk, zo’n iemand verzint “Avondlicht”, een plek waar je weinig van kunt verwachten; het licht gaat toch zo uit.

“Blijft maar lekker lang in je strontluier zitten, wij gaan even koffie drinken, we hebben ook recht op pauze, weet je wel.” Moet je maar niet in je broek poepen, denken de verpleegkundigen, compleet met intensief gebruikte smartphones.
En laat hun koffietijd nu net samenvallen met de koffietijd van de patiënten! Dat is ook het toeval bij het nuttigen van de maaltijden. Op het “moment surprême” is er niemand te vinden en zitten de “verzorgden” alleen, bij elkaar aan tafel, rolstoelen op de rem. De één eet simpelweg zijn bord leeg en kijkt met lege ogen naar de anderen of de televisie, een ander kotst er in en gaat er vervolgens met zijn hoofd in liggen – een vergevorderd demente oude heer, aan zijn lot overgelaten.
Ondertussen beginnen de luiers behoorlijk door te lekken en is de lucht om te snijden. “Wat smaken de koolraapjes weer lekker vandaag!”.

Daar komt de kudde van vier “verpleegkundigen” weer aan!
"Potdomme, zoveel werk, met zo weinig mensen! Dát kunnen we niet aan! We moeten prioriteiten stellen. Eerst die met zijn hoofd in de kotssoep maar, anders stikt-ie nog en dan hebben wij het weer gedaan!”.
Ondertussen is de echtgenote van die persoon op bezoek gekomen en schrikt zich een hoedje. “Gaan jullie zo met mijn man om?”, is de terechte vraag.
“Tja, we kunnen niet steeds bij hem blijven, hoor. We hebben zoveel andere dingen te doen!”.
“Ja, dat zie ik ook wel in”, zegt de mevrouw die duidelijk een andere mening is toegedaan, en dat valt toch op bij de verpleegkundige met de smartphone.
Ze zegt: “U begrijpt toch wel dat het steeds moeilijker voor hem wordt? De dementie zit in een vergevorderd stadium en hij is tenslotte al in de herfst van zijn leven.”
“Ja, ja”, zegt mevrouw adrem, “en de winter staat voor de deur. Wat moet er van terechtkomen?”
De verpleegkundige kijkt de mevrouw aan: “Ik zal zien wat we kunnen doen. Maakt u zich geen zorgen”, maar dat is tegen dovemans oren gezegd. Die mevrouw maakt zich grote zorgen; ze gaat haar man snel verliezen, want het gehanteerde systeem daar is overduidelijk bewezen.

Twee weken geleden kwam er een man binnenlopen die kritiek had op zijn behandeling. Hij kreeg medicijnen die hem terstond veranderde in een kasplantje. Enkele dagen daarna hing hij in een rolstoel en gisteren is hij overleden. “Natuurlijke dood” prijkt er op zijn doodcertificaat. Een standaard behandeling van twee weken voor de criticus.

Een stevige man van net 55 jaar en 75 kilo wordt op de gesloten afdeling geplaatst vanwege zijn, meest verbale, agressieaanvallen; de verpleegkundigen zijn “geschokt”, het sociale toverwoord, door zijn scheldwoorden. Hij heeft Korsakov en epileptische aanvallen, waarin hij soms blijft bij gebrek aan competente personen om hem te helpen. Er dreigt verstikkingsgevaar, een erfenis van een eerder verkeerd ingebrachte slang in de keel. Zijn vrouw is daarom dagelijks urenlang bij hem te vinden. Ze wist hem al enige keren te redden van een vreselijke verstikkingsdood.
Nu, hangend in een rolstoel, 47 kilo, uitgemergeld, zou de dood welkom zijn. Wegens het verstikkingsgevaar mag hij slechts gemalen voedsel hebben, maar er is niemand die hem daarbij helpt en als de verpleegkundigen na hun gezamenlijke lunch, waarbij niemand oproepbaar is met bijvoorbeeld een noodknop, en het gezamenlijke sigaretje buiten de deur, geheel afgezonderd van hun dagelijkse beslommeringen, terugkeren en het eten staat onaangeroerd op tafel, dan wordt dat weggehaald, de patiënt uitgehongerd achterlatend.
Zijn vrouw belde op: “Heeft hij goed gegeten?” “Ja, hoor, hij heeft alles op.” “Kan ik hem even aan de lijn krijgen?” “Nee, want ik weet niet waar hij is op dit moment. Hij loopt een rondje langs de kamers.” “Wat? Hij loopt al een jaar niet meer!”, zei de vrouw en snelde zich op weg naar het verzorgingshuis. Ze kwam net op tijd. Bovenaan de trap zou hij net het letterlijk laatste stapje en dan een doodsmak maken. Even speelde het de vrouw door het hoofd om nog even te wachten …. de natuurlijke dood wacht …. gesloten afdeling …. rust.

Vorige maand kotste een oude man in een rolstoel rood bloed; drie keer per dag. Hij kreeg een paracetamolletje en de dag erna morfine, voor de pijn. De dag daarna stierf hij, lijkbleek over het hele lijf, leeggebloed, geen dokter bij geweest, natuurlijke dood gestorven, plekje vrijgemaakt voor de volgende.

Wat een welvaart! De enige, jonge, nachtverpleegkundige kijkt op haar smartphone. Ze glimlacht; een appie! De man van de kotssoep overlijdt die nacht onopgemerkt. Een natuurlijke dood gestorven. Ze mag straks om zeven uur naar huis.

Het avondlicht gaat uit, het nachtpitje ook, en anders helpen ze je wel op weg. Er resteert een donkere nacht.
Hoeveel plekjes zullen er vannacht vrijkomen?
Dit artikel delen?
Pin It
  • Hits: 326
(Gemiddelde waardering 5 met 1 waardering(-en)

Login of registreer om een reactie te plaatsen

Wil je deze schrijver nomineren!

Bezoekers van Schrijverspunt kunnen 2 verschillende schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver 2019. Je kunt de schrijver van dit artikel nomineren door op de groene button te klikken.

Dank voor je nominatie!

Elke bezoeker van Schrijverspunt kan schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver. In totaal mag elke bezoeker 2 verschillende schrijvers nomineren over heel 2019. Nomineren is mogelijk tot 31 december 2019.

Omdat we streven naar een eerlijke nominatie voor Talentvolle schrijver 2019 controleren we elke nominatie op geldigheid. Ongeldige nominaties tellen niet mee in de score en verwijderen we.

Om de geldigheid van een nominatie te controleren vragen we je hieronder je e-mailadres in te vullen.  We garanderen dat we dit emailadres niet aan derden verstrekken en slechts gebruiken voor controle. Na afronding van de nominatie verwijderen we  dit e-mailadres.
Ongeldige invoer

Hoogste beoordeelding:

Top 10 : Meest gelezen

Schrijfactiviteiten