Columns

Column
Een column is een artikel waarin de schrijver zijn mening geeft over een onderwerp. Soms is de tekst humoristisch, soms provocerend, maar het is altijd de persoonlijke kijk op de wereld van de columnist. Een columnist geeft een beschrijving van een gebeurtenis en maakt daarbij zijn eigen mening duidelijk. FTbannerEen column moet een emotie bij de lezer losmaken, de lezer moet erom kunnen lachen, het stemt hem tot nadenken of maakt hem boos.

Wil je ook een column publiceren op Schrijverspunt? Dat is mogelijk door eerst in te loggen. We publiceren columns in volgorde van ontvangst en maximaal een per dag.

Grazige weiden

Ik bel aan en na lang wachten gaat de voordeur voorzichtig open tot op een kier. “Oh, ben jij het! Kom er maar gauw in!” Zonder de deur verder open te maken sloft Greet al weer naar de huiskamer. Als ik in de gang sta en mijn jas aan de kapstok hang haal ik het bruine papier van het grote gemengde boeket bloemen. Het is een bos met alle denkbare tinten. Speciaal voor Greet samengesteld. “Wil je iets te drinken?” vraagt ze me als ik de woonkamer betreed. Ik antwoord niet direct, maar omhels haar, druk haar stevig tegen me aan en overhandig dan de bloemen. “Doe maar een kopje koffie!” zeg ik terwijl ik Greet rustig aan kijk. Van de goed getrainde hardloopster is weinig meer over. De ziekte heeft haar in een onontkoombare houdgreep genomen. “Alleen nog maar wat botten en vel. De rest is al weggeteerd” antwoordt ze op mijn niet gestelde vraag.

Ze reikt me de koffie aan en drinkt zelf een glaasje water. “Dat is het enige dat er nog in blijft en dan hou je het niet lang vol.” Ik weet niet wat ik zeggen moet. Zwijgend drink ik mijn koffie. Greet zit ineengedoken op de bank, diep weggestopt in een veel te groot lijkende ochtendjas. “Wil je de bloemen voor me op een vaas doen. Ik ben er te moe voor. In de keuken, tweede deurtje links. Daar staat wel een passende vaas.” Terwijl ik de bloemen schik vraagt ze hoe het op de club gaat. Ze wacht mijn antwoord niet af. “Twee maanden geleden trainde ik nog mee en nu dit. Gezond leven is geen garantie voor een lang leven. Dat blijkt!” Ze vloekt een keer hartgrondig. “Sorry hoor, het moet er even uit. Ik heb al zoveel gehuild dat ik geen traan meer kan laten. Het is zo oneerlijk.” Ze slaat de handen voor de ogen en valt zijdelings op de bank. Ik zet de bos bloemen op het salontafeltje en ga naast haar zitten. Ik pak haar hand en streel die zacht. “Ik heb bloemen voor je mee gebracht. Ze hebben alle kleuren die ik maar kon krijgen. Een bos net zo kleurrijk als jij bent.” Ze gaat voorzichtig rechtop zitten, houdt mijn hand stevig vast. “Ja, kleurrijk ben ik wel. Nog even. Straks is alles voorbij. Kunnen we nooit meer samen onze vierhonderdjes lopen.” Ik probeer haar te bemoedigen door te zeggen dat ze niet zo somber moet zijn. “Lief geprobeerd Henk. Ze geven me nog hooguit een paar weken. Dan is het over.”

Er valt een stilte en ze vervolgt: “Als ik dan door die witte tunnel ben? Wat staat me dan te wachten? Zijn het de grazige weiden uit psalm 23 of is er het grote niets?” Ik zeg dat ik dan kies voor de grazige weiden. “Dan wacht ik daar op je en dan rennen we er samen door. Beloof je dat je komt?” We lachen samen om het beeld dat ze schetst. Ik beloof om te komen. “Dan neem ik mijn loopschoenen mee” stel ik voor. “Niet nodig, ik heb net gelezen dat het beter is om op blote voeten te lopen.” Ze pakt mijn beide handen vast, kijkt me doordringend aan en vraagt nadrukkelijk: “Kom je echt? Zoek je me echt op?” Ik beloof het haar voor de tweede keer. Ze lacht tevreden en het gesprek gaat verder over koetjes en kalfjes. Als ik vertrek ligt ze op de bank. Ze heeft een roos uit de bos gepakt en die houdt ze met beide handen vast. “De roos is het symbool van de liefde. Vind je het goed dat ik die straks aan mijn Kees geef. Hij is zo lief voor me. Hij is nu morfine aan het halen. Hoef ik geen pijn te lijden.” Ik geef haar nog een knuffel en met een brok in mijn keel verlaat ik de woning.

Precies een week later sta ik, na alle gebruikelijke ceremoniën, aan haar graf. We worden uitgenodigd om een laatste groet te brengen. Samen met Kees leg ik een shirt van de club op haar kist en we strooien er rozenblaadjes op. “Greet! Tot later! Tot in de grazige weiden. Wacht op me! We hebben nog heel veel kilometers te gaan!”
Dit artikel delen?
Pin It
  • Hits: 531
(Gemiddelde waardering 0 met waardering(-en)

Login of registreer om een reactie te plaatsen

Nomineer deze schrijver!

Bezoekers van Schrijverspunt kunnen 2 verschillende schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver 2019. Je kunt de schrijver van dit artikel nomineren door op de groene button te klikken.

Dank voor je nominatie!

Elke bezoeker van Schrijverspunt kan schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver. In totaal mag elke bezoeker 2 verschillende schrijvers nomineren over heel 2019. Nomineren is mogelijk tot 31 december 2019.

Omdat we streven naar een eerlijke nominatie voor Talentvolle schrijver 2019 controleren we elke nominatie op geldigheid. Ongeldige nominaties tellen niet mee in de score en verwijderen we.

Om de geldigheid van een nominatie te controleren vragen we je hieronder je e-mailadres in te vullen.  We garanderen dat we dit emailadres niet aan derden verstrekken en slechts gebruiken voor controle. Na afronding van de nominatie verwijderen we  dit e-mailadres.
Ongeldige invoer

Alle gepubliceerde inzendingen

Geef een waardering voor een artikel
Schrijvers stellen je waardering en/of commentaar bij een artikel erg op prijs!

Hoogste beoordeelding:

Boekentip

Top 10 : Meest gelezen

BookBuster