column
FTbannerEen column is een artikel waarin de schrijver zijn mening geeft over een onderwerp. Soms is de tekst humoristisch, soms provocerend, maar het is altijd de persoonlijke kijk op de wereld van de columnist. Een columnist geeft een beschrijving van een gebeurtenis en maakt daarbij zijn eigen mening duidelijk. Een column moet een emotie bij de lezer losmaken, de lezer moet erom kunnen lachen, het stemt hem tot nadenken of maakt hem boos.
 
Wil je ook een column publiceren op Schrijverspunt? Dat is mogelijk door eerst een te loggen. We publiceren columns in volgorde van ontvangst en maximaal een per dag. Bij veel inzendingen is het dus mogelijk dat je column pas weken later zichtbaar is. .

Leden van Schrijverspunt kunnen maximaal 4 schrijvers nomineren voor de titel van talentvolle schrijver 2019. Je kunt de schrijver van dit artikel nomineren door op de blauwe button te klikken.

columns

Ik heb nooit kinderen gewild. Ik kon mijzelf niet als vader zien en al helemaal niet als een goede vader. Ik heb ook geen fraai voorbeeld gehad. Het huwelijk van mijn ouders, al jaren zo rot als een mispel, barstte uiteen onder dramatische omstandigheden. Mijn vader heb ik meer dan dertig jaar geleden voor het laatst gezien. Naast goede, had mijn vader een hele reeks aan slechte eigenschappen. En die herkende ik ook in mezelf. Ik wilde nooit zo worden als hij. Maar ik vreesde het ergste.

Dus werd ik kampioen in het wegrationaliseren van een kinderwens, die ik onbewust toch voelde. Aandacht- en energievreters, de wereld is al overbevolkt, ze beperken je in je persoonlijke vrijheid. Ik deed of ik walgde van het gedrag van jonge ouders: ruiken aan een verse poepluier, moeders die zich op internet “mama van…” noemen, op stap gaan met een hele winkel aan babybenodigdheden. Ik was tevreden, maar mijn partner niet. Haar kinderwens werd steeds groter, tot ik moest erkennen dat ik het niet kon maken haar een kind te onthouden. En stiekem vond ik het ook spannend.

De hele zwangerschap heb ik voornamelijk afstandelijk geamuseerd meegemaakt. Het is bevreemdend als je het lievelingseten van je partner met liefde hebt bereid en dan moet horen dat ze geen hap door haar keel kan krijgen. Het is aandoenlijk om de honden een flinke douchebeurt te moeten geven, omdat zij hun lijfsgeur misselijkmakend vindt. Het is frustrerend om te merken dat de geur van hondenshampoo nog erger is. Het is bijzonder om op een echo een skeletje in aanbouw te zien en te weten dat jij hiervoor verantwoordelijk bent.

De eerste maand was voor mij geen pretje, mijn nachtmerrie leek uit te komen. Robin had zijn huiluurtjes als ik thuis kwam van werk. Ik kon er niet mee omgaan. Opvliegend als ik ben, sneuvelde de wasmand met één trap, een scheur van top tot bodem. Mijn partner wist wat ik nodig had. Elke nacht rond middernacht, de laatste voeding, afgekolfde melk, zodat zij eindelijk een uur of zes kon slapen. De eerste keer, Robin tegen me aan, op de schommelstoel. En hij kijkt recht in mijn ogen…

Net als in een Hollywoodfilm, waar vrijwel altijd in de derde acte een betekenisvol omslagmoment komt, was het die blik, in die ene seconde, die alles veranderde. Nog nooit voelde ik zoveel liefde, nog nooit zoveel vrede en innerlijke rust. Ik voelde me aan hem vastgeketend, maar niet gevangen. Ik zag hem ineens voor wat hij was: het beste dat ik ooit heb gedaan.

Hij woont niet meer bij me. Soms, een weekend elke twee weken. En tijdens vakantieperiodes. Telkens als ik hem weer zie, begroet hij me met oogjes vol blijdschap. Telkens als hij weer weg moet, voel ik pijn. Niet langer verscheurend, maar nog wel dof, als een soort fantoompijn na een amputatie. Ik twijfel niet meer, ben niet langer bang en snap nu de essentie van echte liefde: de wil om het beste uit mezelf te halen, voor een ander. En weten dat dit mogelijk is. Want de persoon die ik kan zijn, bestaat al in zijn ogen.

Ik luister naar een cd van Fish, de oud-zanger van Marillion. Hij zingt dat je soms dingen het beste kunt uitdrukken met een cliché. En ik weet het. Als ik teruglees en terugvoel, erken ik dat wat ik zeg niet uniek is. Dat er vele vaders zijn die exact voelen wat ik voel. Ik hoef niet origineel te zijn. Dus sluit ik af ‘in stijl’: ik voel dat mijn onvoorwaardelijke liefde voor mijn zoontje onverwoestbaar is en zal blijven bestaan totdat ik voor het laatst mijn ogen sluit. Melodramatisch, clichématig. Maar wel voor honderd procent waar.
Dit artikel delen?

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 
Teksten en afbeeldingen van deze website mogen alleen met schriftelijke toestemming gebruikt worden. © Schrijverspunt 2019
https://www.lekkerboek.nl/sitemap