Loading...

Een fragment (een pagina, een afbeelding, een gedeelte van de tekst, etc.) geeft soms een aardig idee over de rest van een boek. Bezoekers krijgen d.m.v. een boekfragment kans om kennis te maken met het boek van de betreffende auteur. Auteurs stellen het op prijs als je een reactie geeft.
Door auteurs geschreven teksten worden niet gecorrigeerd of geredigeerd door de redactie van Schrijverspunt.

Zelf ook een boekfragment uit jouw boek toevoegen? Dat is mogelijk en gratis, als je boek vrij te koop is. Vergeet niet om behalve het fragment ook de titel, auteur, ISBN, prijs, etc. te vermelden.

Mijn broer

Langzaam probeer ik mijn ogen te openen, maar het lukt niet. Het voelt alsof de binnenkant van mijn oogleden aan mijn ogen zijn vastgeplakt. Wat is dit? Waarom kan ik niet gewoon mijn ogen open doen?

Ik probeer mijn linkerhand naar mijn ogen te brengen, maar ook dat lukt niet. Met al mijn kracht wil ik mijn hand optillen, maar het gaat gewoon niet. Ik heb er geen energie voor. Bij het bewegen van een vinger raak ik al uitgeput.

Ik voel me heel raar en duizelig. Ik lig, maar ik weet niet waarop, want ik kan niks zien. Mijn hoofd ligt op iets zachts en ik heb iets van een deken over. Lig ik in mijn bed?

Ik probeer nogmaals mijn ogen te openen. Dit keer lukt het wel, heel langzaam. Het eerste wat ik zie, is wit. Gewoon wit. De kleur wit, meer zie ik niet. Ik doe mijn ogen nog wat verder open en probeer mijn hoofd iets te draaien, zodat ik meer kan zien.

Ik zie een raam. Een groot raam, met witte kozijnen. Naast me zie ik een wit kastje, met allemaal snoeren en apparaten erop. Het lijken op computers. Van die oude, witte computers met zwarte schermen.

Ik kijk naar mijn handen. Mijn rechterhand ligt op mijn buik en mijn linkerhand ligt naast me. Ik zie nu dat ik inderdaad op een bed lig, maar mijn eigen bed is het niet…

Ik til mijn hoofd iets op om naar voren te kijken, maar laat me dan meteen weer op mijn kussen vallen.

‘Au, dat doet pijn!’ wil ik zeggen, maar het enige wat er uit mijn mond komt, is wat gekreun.

Zelfs praten kost veel te veel energie. Op de een of andere manier ben ik te moe om ook maar iets te bewegen. Geen idee hoe het komt.

Ik draai mijn hoofd naar de andere kant. Het doet pijn en kost veel energie, maar ik moet gewoon wat meer zien van de kamer waar ik nu ben.

Ik zie mijn moeder. Ze zit op een stoel naast mijn bed en kijkt me aan. Paniekerig kijkt ze om zich heen als ze ziet dat ik naar haar kijk.

‘Dokter! Dokter!’ roept ze. Ze staat op en begint te ijsberen door de kamer. Wat is ze aan het doen? Waarom is ze zo in paniek?

‘Gabi? Meisje? Gaat het wel?’ Ze gaat weer zitten en aait over mijn hoofd.

‘Hou op!’ wil ik zeggen, maar ook dit keer lukt het niet. Het doet pijn als ze over mijn hoofd aait. Ik voel een hele erge steek in mijn hoofd, maar dat was ook al voordat ze me aaide.

‘Gabi? Geef eens reactie?’ dringt mijn moeder aan. Ik rol met mijn ogen, wat trouwens ook pijn doet. Wat zeurt ze nou? Laat me gewoon.

Ik draai me weer om en sluit langzaam mijn ogen.

Langzaam probeer ik mijn ogen te openen, maar het lukt niet. Het voelt alsof de binnenkant van mijn oogleden aan mijn ogen zijn vastgeplakt. Wat is dit? Waarom kan ik niet gewoon mijn ogen open doen?

Ik probeer mijn linkerhand naar mijn ogen te brengen, maar ook dat lukt niet. Met al mijn kracht wil ik mijn hand optillen, maar het gaat gewoon niet. Ik heb er geen energie voor. Bij het bewegen van een vinger raak ik al uitgeput.

Ik voel me heel raar en duizelig. Ik lig, maar ik weet niet waarop, want ik kan niks zien. Mijn hoofd ligt op iets zachts en ik heb iets van een deken over. Lig ik in mijn bed?

Ik probeer nogmaals mijn ogen te openen. Dit keer lukt het wel, heel langzaam. Het eerste wat ik zie, is wit. Gewoon wit. De kleur wit, meer zie ik niet. Ik doe mijn ogen nog wat verder open en probeer mijn hoofd iets te draaien, zodat ik meer kan zien.

Ik zie een raam. Een groot raam, met witte kozijnen. Naast me zie ik een wit kastje, met allemaal snoeren en apparaten erop. Het lijken op computers. Van die oude, witte computers met zwarte schermen.

Ik kijk naar mijn handen. Mijn rechterhand ligt op mijn buik en mijn linkerhand ligt naast me. Ik zie nu dat ik inderdaad op een bed lig, maar mijn eigen bed is het niet…

Ik til mijn hoofd iets op om naar voren te kijken, maar laat me dan meteen weer op mijn kussen vallen.

‘Au, dat doet pijn!’ wil ik zeggen, maar het enige wat er uit mijn mond komt, is wat gekreun.

Zelfs praten kost veel te veel energie. Op de een of andere manier ben ik te moe om ook maar iets te bewegen. Geen idee hoe het komt.

Ik draai mijn hoofd naar de andere kant. Het doet pijn en kost veel energie, maar ik moet gewoon wat meer zien van de kamer waar ik nu ben.

Ik zie mijn moeder. Ze zit op een stoel naast mijn bed en kijkt me aan. Paniekerig kijkt ze om zich heen als ze ziet dat ik naar haar kijk.

‘Dokter! Dokter!’ roept ze. Ze staat op en begint te ijsberen door de kamer. Wat is ze aan het doen? Waarom is ze zo in paniek?

‘Gabi? Meisje? Gaat het wel?’ Ze gaat weer zitten en aait over mijn hoofd.

‘Hou op!’ wil ik zeggen, maar ook dit keer lukt het niet. Het doet pijn als ze over mijn hoofd aait. Ik voel een hele erge steek in mijn hoofd, maar dat was ook al voordat ze me aaide.

‘Gabi? Geef eens reactie?’ dringt mijn moeder aan. Ik rol met mijn ogen, wat trouwens ook pijn doet. Wat zeurt ze nou? Laat me gewoon.

Ik draai me weer om en sluit langzaam mijn ogen.

Dit artikel delen?
Pin It

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief