SCHRIJFACTIVITEIT: BLOG

Een blog is in feite een persoonlijke webpagina met verhalen over het leven van de schrijver. In een blog vertel je iets aan de lezer waar hij/zij wat aan heeft. Heel vaak is dat iets informatiefs (hoe kun je het beste....) maar het kan ook inspirerend zijn (omgaan met je scheiding). In een persoonlijke blog draait het erg om de verteller die opschrijft wat hij of zij zelf allemaal meemaakt. Dat kan bijvoorbeeld de dagelijkse beslommeringen als moeder van twee kleine kids (mamablog) zijn.
Maximaal 1000 woorden. 

Klik voor meer schrijfactiviteiten in het menu op SCHRIJFACTIVITEITEN.

Vreemde vogels

Publicatie: 04.11.2021 | Ewald Hagedorn
Roodborstje tikt tegen 't raam, tik, tik, tik
Laat mij erin, laat mij erin
't Is hier te guur en te koud naar mijn zin
Laat mij er in, ja er in

't Meisje deed open en strooid' op haar schoot
Kruimeltjes suiker en kruimeltjes brood
Dat was het roodborstje wel naar de zin
Vloog toen het bos maar weer in

Het roodborstje, volgens Vogelbescherming Nederland: ‘Een klein vriendje dat de dag opvrolijkt.’
In Nederland kennen we feitelijk één soort (Erithacus rubecula), dat meestal wél uit verschillende landen afkomstig is. Het West-Europese roodborstje dat in de herfst meestal richting de mediterrane contreien trekt en het Scandinavische roodborstje dat met genoegen in onze streek overwintert.
Schuw zijn ze allerminst; steekt u in een lommerrijke omgeving een spade in de grond, groot is de kans dat een roodborstje u op anderhalve meter afstand gadeslaat en rustig afwacht tot men twee passen opzij doet. Hij of zij is er dan als de kippen bij, nou ja, als een roodborstje, om in de omgewoelde grond zich aan een vette worm tegoed te doen. Dat het sierlijke diertje hoog staat genoteerd in de lijst van fraaie zangers zal iedere vogelaar direct bevestigen.

De volgende anekdote zal menig vogelliefhebber doen gruwen. De waarheid, hoe hard ook, mag gezegd en ik wil u die zeker niet onthouden.
Het is eind februari 2008. Sinds een zevental maanden werk ik voor de stichting Natuur en Milieu Educatie in de Heemtuin Zaandam. De Zuidzijde en de Westzijde van de heemtuin worden begrensd door een anderhalve meter hoge meidoornhaag die pakweg twee keer tweehonderd meter lang is.
Dat zou ruim voldoende moeten zijn om twee roodborstnestjes te bergen. Nee dus. Twee mannetjes claimen, tot op de centimeter nauwkeurig, precies hetzelfde plekje in de haag om te nestelen.
Nu zijn roodborstjes sowieso vrij agressief naar soortgenoten. Mannetjes in eerste instantie zelfs naar vrouwtjes en vice versa. Hun eigen spiegelbeeld is veelal voldoende om hun woede op te wekken (Roodborstje tikt tegen 't raam).
Het afgrijselijke gevecht dat volgt, letterlijk op leven en dood, zal me altijd bijblijven. Vlak voor de meidoornhaag, zowel op de grond als laag in de lucht, onder begeleiding van een afschuwelijk gekrijs, is het een wirwar van twee radensnelle, in het rond bewegende vogels en rondvliegende veren.
Vechtende vogels spreiden, om te imponeren, hun staart- en vleugelveren wijd uiteen en lijken daarmee wel twee keer zo groot. Als beide mannetjes even een adempauze van enkele seconde nemen, zie ik dat een van de twee het rechteroogje mist en ook zijn snaveltje hangt zorgwekkend scheef tegen zijn koppie aan. Lang duurt de strijd daarna niet meer. Het sterkere vogeltje hakt met zijn snavel zó meedogenloos op het schedeltje van zijn opponent in, dat hier al snel weinig vorm meer in te herkennen valt. Enkele minuten na het gevecht vliegt de overwinnaar alweer triomfantelijk af en aan met takjes, om aan de bouw van zijn nest te beginnen. Zijn victorie is helaas van korte duur. Twee dagen later vind ik, op een houtsnipperpad onder de bomen, her en der wat roodborstveertjes en een deel van een pootje. Ten prooi gevallen aan de sperwer.

Dat ik een jaar later getuige ben van een bijna identiek gevecht tussen twee spechten, maar dan op twaalf meter hoogte, met als inzet hetzelfde stukje van de stam van een dennenboom, dat verhaal bespaar ik u.
Dat er nu en dan uit een van de 34 reigernesten in de heemtuin een jonge reiger door een broertje of zusje over de rand van het nest wordt gekieperd en steevast te pletter valt, wilt u vast niet weten.
De enorme lading diarree die deze kikkervreters destijds regelmatig over onze picknicktafel uitstortten, laat ik wat mij betreft zelfs verder onbenoemd.
Ook dat ondergetekende meerdere keren is aangevallen door een grote groep, in een onverklaarbare staat van razernij verkerende halsbandparkieten … ach, het is alweer zolang geleden.
Wel wil ik over deze invasieve soort, afkomstig uit de Himalaya nog iets zeggen: bij mij in de straat wonen, naast geboren en getogen Nederlanders, mensen met een oorspronkelijke achtergrond in Suriname, Curaçao, China, Turkije, Marokko, Syrië, Frankrijk, Duitsland, Polen en wat dies meer zij. We groeten elkaar vrijwel allemaal en van tijd tot tijd maken we een praatje. Ook staan we, indien nodig, voor elkaar klaar en helpen we elkander, zoals het goede buren betaamt. Wat die lichtgroene vogels betreft ben ik echter een tegengestelde mening toegedaan: ‘Vol is vol en eigen vogels eerst. Rotparkieten!’
In 1976 zijn er een paar ontsnapt – of bewust vrijgelaten – in Den Haag (volgens nooit bevestigde bronnen al in 1968). 30 jaar later bestaat de populatie uit zo’n 10.000 vogels. Door de koude winter van 2012 – 2013 wordt de groep gedecimeerd tot ± 3.000 stuks. Inmiddels zijn ze weer tot ver boven de 10.000 doorgegroeid.
Zagen we ze de eerste dertig jaar voornamelijk in het westelijk deel van de Randstad; inmiddels worden er steeds meer exemplaren oostelijk in het land gesignaleerd. Onder de zangvogels kunnen we ze niet scharen, integendeel. Wat een weerzinwekkend gekrijs spreiden zij ten toon. Mijn grootste ergernis is hun manier van eten. Ze voeden zich met boomknoppen en noten. Eerst bijten zij er een stuk of twintig af, die ze dan achteloos op de grond laten vallen, om er vervolgens eentje op te peuzelen.

Nog even terug naar de Heemtuin Zaandam. Een paradijs voor de vogelaar en de vrouwtjessperwer aldaar vormde voor menigeen het ultieme hoogtepunt. Begin 2011 verkeerde zij voor het eerst in jaren in het gezelschap van een mannetje, een stuk kleiner dan zijzelf en iedereen hoopte op nageslacht. Die hoop ging in rook op, toen een van de vaste bezoekers het mannetje onthoofd en kaalgeplukt op een van de paden vond. De vermoedelijke dader: zijn echtgenote. Soms doen sperwervrouwtjes dat.

Kent u vogelaars in uw directe omgeving? Dan is het u waarschijnlijk ook wel opgevallen dat zij in de loop der jaren steeds meer op hun gevederde vriendjes gaan lijken, net zoals honden en hun baasje. Een enge gedachte eigenlijk.

WAARDERING

HITS:

433

Enthousiast over deze inzending? Deel je enthousiasme op sociale media m.b.v. onderstaande buttons.

Commentaar en/of waardering voor dit artikel:

Iedere bezoeker (lid zijn is niet noodzakelijk) kan een waardering geven voor dit artikel! Schrijvers stellen je tips en opmerkingen op prijs.
20.11.21
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
  • Ewald Hagedorn 22.12.21
    Dank voor de waardering, Merel (mooie zangvogel, de merel, en veel vriendelijker dan het roodborstje).
04.11.21
Graag je feedback over de schrijfkwaliteit en schrijfstijl a.u.b.
De valse romantiek van een schattig kinderversje wordt genadeloos aan de kaak gesteld: behartenswaardige woorden, jazeker. Jammer van die lelijke spelfout in de vierde alinea van het prozadeel. Je schrijft 'worden begrenst'. Dat moet niet met een 'd', Ewald!
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
  • Ewald Hagedorn 04.11.21
    Dank voor je reactie, Hans. Je schrijft: 'Dat moet niet met een d,' maar je bedoelt dat het wel met 'd' moet. Hoe dan ook, je hebt natuurlijk gelijk. Ik twijfelde en koos ten onrechte voor een 't.' Inmiddels verbeterd.
    NB Het is een stuk van exact 1000 woorden en dan is één foutje niets om je voor te schamen, Althans, dat doe ik niet ;-)
04.11.21
Graag je feedback over de schrijfkwaliteit en schrijfstijl a.u.b.
De valse romantiek van een schattig kinderversje wordt genadeloos aan de kaak gesteld: behartenswaardige woorden, jazeker. Jammer van die lelijke spelfout in de vierde alinea van het prozadeel. Je schrijft 'worden begrenst'. Dat moet niet met een 'd', Ewald!
Show more
0 van de 0 lezers vond deze review nuttig
  • Ewald Hagedorn 04.11.21
    Dank voor je reactie, Hans. Je schrijft: 'Dat moet niet met een d,' maar je bedoelt dat het wel met 'd' moet. Hoe dan ook, je hebt natuurlijk gelijk. Ik twijfelde en koos ten onrechte voor een 't.' Inmiddels verbeterd.
    NB Het is een stuk van exact 1000 woorden en dan is één foutje niets om je voor te schamen, Althans, dat doe ik niet ;-)
Naar boven

Ook meedoen aan een schrijfactiviteit? Meedoen is gratis. We publiceren je inzending voor minimaal 12 maanden. Meedoen is mogelijk door eerst in te loggen en dan bovenin de pagina op de rode balk te klikken. Nog geen lid? Aanmelden is gratis.